OPCW bevestigt gebruik van chloor bij gifaanval in Syrië

Bij een aanval in de Syrische stad Saraqib in februari zou chloor als wapen gebruikt zijn. Dat heeft de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) bevestigd. De verantwoordelijke voor de aanval is niet bekend.

Een onderzoekscommissie van de OPCW bracht dinsdag een rapport uit over het gebruik van chloor in Syrië op 4 februari 2018. In de wijk Al Talil in Saraqib is chloor vrijgekomen uit twee cilinders door een mechanische impact. Volgens de Syrische waarnemer van de Rechten van de Mens werden er op 4 februari 11 mensen behandeld voor ademhalingsproblemen, het gevolg van een chemische aanval.

De OPCW wilde onderzoeken of er al dan niet chemische wapens of toxische stoffen als wapen zijn gebruikt in Syrië. Onderzoeken wie verantwoordelijk was voor de aanval behoort echter niet tot het takenpakket van de OPWC. Frankrijk heeft een voorstel ingediend dat de OPWC toch de bevoegdheid geeft om de verantwoordelijke van de gifaanval te bepalen. Heel wat westerse landen steunen het voorstel van Frankrijk. Datzelfde voorstel krijgt daarentegen veel kritiek van Rusland en Iran.

De OPCW onderzoekt nu of hetzelfde gifgas ook op 7 april in Douma, vlak bij de hoofdstad Damascus, gebruikt werd bij een dodelijke aanval. Daarbij kwamen minstens 40 mensen om het leven.