Verdachten van moord op gevangenisverpleegster zijn overgeleverd aan ons land

Het koppel zou de verpleegster eind april vermoord hebben. Ze werden eerder al veroordeeld voor zware feiten. De onderzoeksrechter in Turnhout kan hen nu aanhouden.

Het lichaam van de 45-jarige gevangenisverpleegster werd op 26 april gevonden aan het kanaal in Olen. De vrouw was toen al enkele dagen spoorloos. Ze bleek gewurgd te zijn. Een dag later werden twee verdachten opgepakt in Spanje: een vrouw van 33 en haar vriend van 43.

Het koppel werd al eens samen veroordeeld voor zware feiten. Bovendien is er een link tussen de twee en de verpleegster. De verpleegster had kort voor de moord namelijk de vrouw opgevangen, die na haar penitentiair verlof niet was teruggekeerd naar de gevangenis. Tijdens haar verlof zou ze klappen gekregen hebben van haar toekomstige man en daarom zocht ze hulp bij de verpleegster.

Ook de man is geen onbekende voor het gerecht. Eind vorig jaar werd hij veroordeeld tot drie jaar cel voor een agressieve homejacking. Maar toch werd hij na acht maanden al voorlopig vrijgelaten. Dat kan dankzij een richtlijn van minister van Justitie Koen Geens. Normaal kunnen gevangenen die tot 3 jaar cel veroordeeld zijn, na één derde voorlopig vrijkomen. Maar door een richtlijn uit 2016 kan het nóg sneller. Over die beslissing kwam het tot een hevige discussie binnen de regering.

 

Nu de twee aan ons land zijn overgeleverd, moet de onderzoeksrechter in Turnhout beslissen of ze aangehouden worden.