Loflied op de krantenwinkel

Louis van Dievel, schrijver en journalist, kijkt elke week met een guitige blik naar de kleine en grote actualiteit. Deze keer het bericht dat het aantal krantenwinkels in vrije val is.

opinie
Louis van Dievel
Louis van Dievel is schrijver en journalist. Hij was journalist bij VRT NWS.

Als je er niet zo onbarmhartig vroeg voor moest opstaan, was ik misschien krantenboer geworden. Mét  krantenronde op de fiets! Het leek mij een geweldig beroep: na die fietsronde in de frisse lucht sigaren rokend achter mijn toonbank staan, praatjes slaan over het weer of het gebrek aan parkeerplaats, naar de radio luisteren en na de ochtenddrukte zelf ook al die kranten lezen.

Ik heb zelfs ooit een gedicht geschreven over een krantenbezorger, waarvan in mijn geheugen (gelukkigerwijs) slechts de beginregel is overgebleven: "En dat rijdt maar op de stoep".  Omdat er niet echt een ochtendmens in mij schuilt, ben ik dan maar journalist geworden en later schrijver van stukjes en romans. Second best choice.

Doe maar “menneke”!

Dat de krantenwinkels er drastisch op achteruit boeren verbaast mij niets. Tot vorig jaar was ik ongeveer de beste klant van de krantenwinkel in Heide. Ik kocht er kranten, weekbladen, puzzeltijdschriften en ik speelde er enthousiast op de Lotto, als steunend lid.

Ik wachtte er min of meer geduldig mijn beurt af terwijl  dames met hondjes en met hun handtas op de stapel kranten in hun portemonnee bruine centjes bij elkaar zochten (of lieten uitzoeken door de krantenvrouw) om gepast te betalen voor de Gazet Van Antwerpen of de Dag Allemaal.

Ik hield één oog op de klok want de trein wachtte meestal niet. Wanneer de krantenvrouw lichte paniek in mijn  ogen zag verschijnen, kwam ze vriendelijk maar kordaat tussenbeide. Ze kende haar pappenheimers. "Mag ik meneer even voorthelpen?" "Doe maar, menneke,  ik heb toch tijd genoeg, ik ben met pensioen", luidde onveranderd het antwoord. Jonge mensen zag je amper in de krantenwinkel. En als ze al eens binnenkwamen was het voor een blikje of belkrediet of snoep.  Heel soms voor een tijdschrift over gamen of auto's. Nooit voor een krant.

Toen ik zelf tot het grijze legioen was toegetreden, geen trein meer moest halen en het woord “haast” uit mijn vocabularium was geschrapt, keek ik met bewondering toe hoe de krantenvrouw van Heide voor iedere klant tijd maakte, geduldig luisterde naar klachten over ziekte en ongemak en familiaal ongeluk, zich nooit liet opjagen, vijf minuten uittrok voor één enkele fotokopie of meezocht naar een boek waarvan de klant helaas de titel was vergeten (maar het was op tv geweest!).

Klavertje Vier

Nu woon ik in de diepe Kempen en de krantenwinkel in mijn dorp wordt gedreven door een vriendelijke Indiër die perfect de streektaal beheerst. Zijn winkel is (ongeveer) altijd open. Hij kijkt de hele dag via zijn pc naar cricketwedstrijden die van enthousiast commentaar in het Hindi worden voorzien door de Indiase Peter Van den Bempt.

Mijn Indiase vriend heeft goed begrepen dat je van kranten en tabak en de Lotto alleen niet kunt leven. Want dat blijken net de producten te zijn waarop de winstmarge almaar kleiner wordt, lees ik in de alarmerende berichten over de teloorgang van de klassieke krantenwinkel. Maar in Klavertje Vier in Voortkapel kun je ook frisdrank en sterke drank en wijn en melk en spaghetti en rijst en spuitwater en babyvoeding en dierenvoer en schoonmaakproducten kopen.

Ik ben nog nooit tot helemaal achterin zijn nering doorgedrongen, wie weet wat ligt daar nog allemaal in de rekken. Meneer Singh is een kruidenier die ook kranten en tabak en Lotto verkoopt. Het lukt, ook al staat er twee straten verder een hypermarkt de lokale winkels de nek om te wringen.

Maar praatjes worden er in Klavertje Vier niet geslagen, helaas. U mag drie keer raden hoe dat komt.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.