Vlaams huurdecreet goedgekeurd: drie maanden waarborg in plaats van twee

Wie een woning wil huren, zal vanaf 2019 niet langer maximaal twee maar drie maanden huurwaarborg moeten betalen. Dat is een van de bepalingen van het nieuwe Vlaamse Huurdecreet dat de regering heeft goedgekeurd. De nieuwe regels gaan in op 1 januari 2019 en niet zoals eerder gepland op 1 september 2018.

Het nieuwe huurdecreet is de bundeling van spelregels tussen huurders en verhuurders. Sinds de zesde staatshervorming is die bevoegdheid naar de gewesten overgeheveld. Het nieuwe decreet moet de belangen van huurders en verhuurders verzoenen. Zo rekent de huurder bijvoorbeeld op een bepaalde woonzekerheid en wil de verhuurder van zijn kant graag een behoorlijk rendement.

Over het nieuwe huurdecreet is lang gediscussieerd. De regering-Bourgeois keurde het decreet vorige zomer al goed. Toen was er veel te doen over de verhoging van de huurwaarborg van twee naar drie maanden. Die verhoging moet de kans op huurschade of wanbetaling voor de verhuurder verkleinen. Maar critici vreesden dat de maatregel een drempelverhogend effect zou hebben voor sommige huurders. Ook coalitiepartner CD&V was kritisch. De partij drong daarom aan op de invoering van een renteloze huurwaarborglening.

Huurwaarborglening

Die lening komt er ook. "De huurwaarborglening is een anonieme en renteloze lening voor huurders en een instrument dat hen toelaat een huurovereenkomst af te sluiten met een private verhuurder en dus hun toegang tot de private huurmarkt bevordert", legt minister Homans uit. De lening zal aangevraagd kunnen worden bij het Vlaams Woningfonds. De huurder moet de lening op twee jaar terugbetalen (al is die termijn met zes maanden verlengbaar). De aanvrager moet wel aan enkele voorwaarden voldoen. Zo mag hij geen onroerende goederen bezitten en moet hij voldoen aan de inkomensvoorwaarden voor de bescheiden huur.

Bij CD&V reageert men tevreden op de invoering van de renteloze lening. "De huurwaarborglening wordt een belangrijk instrument in het versterken van de huurmarkt en de kwetsbare huurder", zegt Vlaams parlementslid Katrien Partyka. Zij spreekt van een "win-winverhaal voor zowel huurder als verhuurder".

Overeenkomsten van negen jaar

Het nieuwe decreet bevat voor de rest eten en drinken voor zowel huurders als verhuurders. Zo kan de verhuurder de huurprijs enkel indexeren, behalve wanneer hij energiebesparende investeringen doet. Zo worden verhuurders aangezet om woningen energiezuiniger te maken. Gebruikskosten, zoals de kosten voor een lift of het onderhoud van gemeenschappelijke delen, zijn ten laste van de huurder en die huurder is ook verantwoordelijk voor herstellingen aan de woning als hij de schade zelf heeft veroorzaakt.

Verder blijft de huurovereenkomst van negen jaar de regel. Huurovereenkomsten van korte duur blijven wel mogelijk maar kunnen voortaan expliciet opgezegd worden door de huurder. En wanneer een woning niet voldoet aan de kwaliteitsnormen kan de huurder de huurovereenkomst nietig laten verklaren en kan hij de terugbetaling van huurgelden eisen.

Het decreet regelt ook de huurovereenkomsten voor studentenhuisvesting en de regels zijn ook aangepast aan nieuwe samenlevingsvormen. Zo zijn er een aantal specifieke bepalingen rond medehuur opgenomen (bv. regelingen bij scheidingen, nieuwe samenwonende partners, samenwonen met vrienden, ...). Dat zijn zaken die ontbraken in de vroegere federale huurwetgeving.

Vlaams minister Homans spreekt van een "evenwichtig kader waarbij het zowel voor de verhuurder interessant is en blijft om te verhuren als voor de huurder mogelijkheden biedt om betaalbaar, kwaliteitsvol en met woonzekerheid te huren".