Discriminatie op de werkvloer meest gehoorde klacht bij Unia

Het gelijkekansencentrum Unia heeft vorig jaar meer dossiers geopend over discrimatie dan het jaar ervoor. De stijging is vooral te zien als het gaat over discriminatie rond werk. Wie niet past in het standaardprofiel, heeft meer kans op pesterijen of uitsluiting. Dat blijkt uit het jaarrapport van Unia.

Vorig jaar opende het gelijkekansencentrum Unia zo'n 2017 dossiers. Een kwart daarvan gaat over discriminatie rond werk. Daarbij valt op dat werkgevers nog steeds op zoek gaan naar een zogenoemd standaardprofiel. "Ze zoeken vanzelfsprekend naar de perfecte werknemer, maar gaan er daarbij van uit dat iemand met een standaardprofiel daar het best bij aansluit", zegt Unia-directeur Els Keytsman. 

Niet alleen bij aanwerving, ook ontslag of het weigeren van aanpassingen voor een werknemer na ziekte of bij een beperking is een weerkerende klacht waarover dossiers geopend worden.

Wat doet Unia bij discriminatie?

Bij een melding van discriminatie gaat Unia na of ze bevoegd zijn en of de melder actie verwacht. Pas dan wordt een dossier geopend. Er zijn dus veel meer meldingen dan dossiers. Unia neemt altijd contact op met de tegenpartij om een dialoog op te starten. Beide partijen worden uitgebreid gehoord. Unia verschaft informatie over de wetgeving, onderhandelt om tot een oplossing te komen en dat lukt in vele gevallen. "Het dossier wordt pas afgerond als beide partijen tevreden zijn", zegt Els Keytsman.

Uitzonderlijk gebeurt het dat de tegenpartij niet in dialoog wil gaan. "Zo was er vorig jaar een gemeente die weigerde om redelijke aanpassingen te doen voor een vrouw met een chronische ziekte. Die gemeente wilde ook niet in gesprek gaan met ons. Dan trekken we naar de rechter. Maar de juridische procedure is dus alleen als ze echt niet tot oplossingen willen komen. Meestal is er wel grote openheid en volgen samen met een oplossing ook excuses. Werkgevers die discrimineren zijn zich daar vaak niet van bewust."