Is het echt zo'n grote catastrofe als Italië uit de euro zou stappen?

De politieke verwarring in Italië is compleet. Met voor de Europese Unie als centrale vraag: blijft Italië bij de euro of niet? Bankeconoom Hans Bevers vraagt zich af hoe erg het zou zijn voor Europa als Italië uit de euro zou stappen. 

labels
Hans Bevers
Hans Bevers is hoofdeconoom bij de bank Degroof Petercam en schrijft regelmatig opinieteksten voor vrtnws.be over Belgische of internationale economische thema's.

Ook al genoot de Europese economie de laatste jaren van een stevige cyclische rugwind, er zijn nog altijd grote structurele verschillen in het hart van de muntunie. Vandaag bedraagt de werkloosheidsgraad in Duitsland minder dan 4%, in Italië meer dan 10%. De Italiaanse overheidsschuld bedraagt meer dan 130% van het bbp, in Duitsland minder dan de helft.

Die verschillen bedreigen het functioneren van de muntunie op langere termijn. Eenzelfde munt delen in deze omstandigheden is allerminst vanzelfsprekend.

De eu(ro)forie die hier en daar de kop op stak na de verkiezingsoverwinning van Macron was al te voorbarig.

De situatie in Italië is al veel langer precair. Al verbeterden de economische fundamenten de jongste jaren, de magere democratische steun voor de euro tegen de achtergrond van bijna twintig jaar economische stagnatie en de instroom van vluchtelingen hielden de politieke risico’s hoog. Nee, de populistische backlash is niet bepaald een verrassing.

Flinterdunne marge

Het blijft voorlopig onduidelijk wat de onrust over Italië op korte termijn kan temperen. Natuurlijk, een officieel statement vanuit Italië dat het absoluut niet de bedoeling is de euro te verlaten en dat de beoogde fiscale expansie op verantwoorde wijze zal gebeuren, zou soelaas brengen. Maar wie kan en wil dat signaal geven gelet op de grote binnenlandse politieke versnippering?

Vanuit Europese hoek vallen ook niet meteen grootse ingrepen te verwachten. Eind juni vindt een nieuwe Europese top plaats. Het zag er sowieso niet naar uit dat Macron en Merkel een grote doorbraak zouden kunnen forceren met betrekking tot de broodnodige versterking van de monetaire unie.

De Italiaanse situatie maakt het er zeker niet gemakkelijker op. Zeker, als er sprake zou zijn van een verregaande financiële besmettingsreactie naar andere landen, dan zal de ECB klaar staan om de markten te blussen. Maar zover zijn we nog niet en in tussentijd kan er veel schade worden aangericht.

De echte lakmoesproef komt allicht met de volgende zware economische schok en de daaropvolgende inzinking van de arbeidsmarkt.

Let wel, vooraleer het tot een Italexit komt, moet er nog veel gebeuren. Er is een grondwetswijziging vereist vooraleer een referendum over de euro kan georganiseerd worden. Daarvoor is een twee-derde meerderheid nodig in kamer en senaat.

En dan moeten de Italianen ook effectief voor de uitgang kiezen. Peilingen leren dat een kleine 60% van de Italianen voorstander zijn van de euro. Toegegeven, de marge voor comfort is flinterdun. Ter vergelijking: de cijfers voor België, Duitsland en Nederland schommelen rond de 80%.

Lakmoesproef

De eurozone heeft de voorbije jaren wel vooruitgang geboekt maar af is de muntunie zeker niet. We zijn nog redelijk ver verwijderd van een goed functionerende unie op politiek, fiscaal en bancair vlak.

De echte lakmoesproef komt allicht met de volgende zware economische schok en de daaropvolgende inzinking van de arbeidsmarkt. Al kan niemand precies voorzien wanneer, pas dan zal blijken wat de economische en monetaire unie echt in haar mars heeft.

Het valt weliswaar te verwachten dat de ECB op dat moment veel krachtdadiger zal optreden en beletten dat financiële markten één of meerdere lidstaten in de afgrond speculeren. Verder valt het te hopen dat de ECB tegen dan opnieuw over voldoende manoeuvreerruimte beschikt om de beleidsrente te laten dalen.

Bij nieuwe besparingen lijkt het plausibel te veronderstellen dat nog meer kiezers zullen juichen voor populistische ideeën waarin geen plaats is voor de euro.

De kans is reëel dat dat niet het geval zal zijn. Dat scheelt een serieuze slok op de borrel met het oog op het economische herstel. Overheidsfinanciën zullen zwaar onder druk komen. En die hebben het al zo moeilijk door de erfenis van de vorige crisis en de vergrijzing van de bevolking.

Het is nog maar de vraag of de bereidheid tot financiële solidariteit op dat moment groot genoeg is. Stel dat het antwoord positief is, welke besparings- en hervormingsvoorwaarden zullen er dan aan gekoppeld worden? Andermaal de keiharde besparingslijn? In dat geval lijkt het plausibel te veronderstellen dat nog meer kiezers zullen juichen voor populistische ideeën waarin geen plaats is voor de euro.

© Joe Fox - creative.belgaimage.be

Dubbel lot

Dat zou jammer zijn, de financiële en economische onzekerheid bovendien niet te overzien. Maar catastrofaal? Dat weet ik nog zo niet. De euro kan en mag onder geen enkel beding een doel op zichzelf zijn, wel een middel om het welzijn van de Europese bevolking te vergroten.

De munt maakt deel uit van het Europese project om de landen dichter bij elkaar te brengen, niet om ze verder van elkaar weg te duwen. Het belangrijkste is allicht dat het principe van vrij verkeer van goederen en diensten, kapitaal en burgers overeind blijft.

Als de euro daartoe kan bijdragen, des te beter. Is dat niet zo, dan heeft het weinig zin om kost wat kost een grote muntunie bijeen te willen houden.

Maar het zou eveneens een illusie zijn te denken dat alles dan plots makkelijker zal gaan. De Franse geograaf Daniel Faucher verwoordde het ooit treffend:

Europa is te groot om verenigd te zijn. Maar tevens te klein om verdeeld te zijn. Ziedaar Europa’s dubbel lot.’ 

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.