Video player inladen ...

Markante plekken: het einde van het Sint-Pietersziekenhuis in Leuven, sloop stadskanker is nabij 

In de reeks "Markante plekken" gaat onze fotograaf Alexander Dumarey elke week op zoek naar een opvallende plaats met een verhaal. Soms bekend, soms vergeten. Soms druk, soms verlaten. Soms nieuw, soms eeuwen oud. Maar allemaal hebben ze een boeiende geschiedenis. Vandaag: het Sint-Pietersziekenhuis in Leuven.

Elke Leuvenaar kent het gebouw wel, de beruchte toren van het Sint-Pietersziekenhuis langs de Brusselsestraat, de vleugel die nooit in gebruik werd genomen. Burgemeester Louis Tobback zegt al jaren dat hij z'n sjerp niet aan de haak zal hangen voor de toren tegen de vlakte gaat. Het einde van die toren én de toren die erachter staat, is nu in zicht. Binnenkort worden ze allebei gesloopt. Een ideaal moment om even terug te blikken op de rijke geschiedenis van het ziekenhuis.

Al in de 13e eeuw staat er op diezelfde plaats een ziekenhuis, het Sint-Elisabethgasthuis. Dat wordt in 1838 grotendeels gesloopt en vervangen door een nieuw ziekenhuis, het Sint-Pietersgasthuis. Architect Alexander Van Arenbergh ontwerpt een streng neoclassicistische complex. Hij laat zich hiervoor inspireren door het Hôpital Saint-André van Bordeaux in Frankrijk. Het wordt in 1849 in gebruik genomen, maar het zal nog tot 1865 duren voor het gebouw volledig is afgewerkt. 

In de daaropvolgende eeuw kent het ziekenhuis een opeenvolging van verbouwingen en uitbreidingen. Overal waar mogelijk worden extra verdiepingen en aanbouwsels aan het originele complex toegevoegd. Eind jaren 40 is het ziekenhuis hopeloos verouderd en is het nijpend plaatsgebrek onhoudbaar geworden. De beslissing valt om het gasthuis te slopen en in fases te vervangen door een nieuwbouw.

In 1955 verrijst een eerste hoogbouwblok op de site. Een deel van het oorspronkelijke gasthuis ontsnapt echter aan de sloop en is nog steeds achter die gele toren te vinden. De toren aan de straatkant wordt pas eind jaren 70 gebouwd.

In Leuven leeft een hardnekkige mythe dat de vleugel nooit in gebruik genomen is, omdat de deuren te smal zijn voor de ziekenhuisbedden. Niets is minder waar. Het is de oprichting van het ziekenhuis Gasthuisberg en een beddenoverschot die ervoor zorgen dat de grijze vleugel onafgewerkt blijft en dat ze, op enkele verdiepingen na, nooit in gebruik genomen wordt. De leegstand van de toren stuit op hevig protest en eind jaren 90 wordt de vleugel zelfs een tijdje gekraakt.

Intussen zijn bijna alle diensten verhuisd naar Gasthuisberg. Eind dit jaar moet ook het laatste personeel het pand hebben verlaten, en kan de sloop beginnen. Alleen de restanten van het oude gasthuis zullen bewaard blijven en worden gerenoveerd.

Wat met de vrijgekomen ruimte zal gebeuren, is een politieke vraag. Het huidige bestuur wil er een podiumkunstenzaal bouwen, maar voor definitieve plannen is het wachten tot na de gemeenteraadsverkiezingen in oktober.