Kevin Feytons

Beschermde orchideeën lijken gedwongen verhuizing voor Oosterweelverbinding goed te verteren

In Antwerpen hebben honderden beschermde Grote Keverorchissen - wilde orchideeën - eind februari een nieuwe plek gekregen omdat ze moesten wijken voor de werken aan de Oosterweelverbinding. Het ging om een wetenschappelijk experiment dat intussen lijkt te lukken.

De planten groeiden op een plek op Sint-Anna Linkeroever waar werken moeten gebeuren voor de Oosterweelverbinding, het nieuwe stuk ring rond Antwerpen. Omdat Grote Keverorchissen wettelijk beschermd zijn en niet vernietigd mogen worden, moest er voor de planten een oplossing gezocht worden. Wetenschappers van de Universiteit Antwerpen (UA) hebben hen uiteindelijk een nieuwe plek gegeven.  

Verhuizing met de grote middelen

Eind februari hebben ze honderden Grote Keverorchissen met graafmachines uitgegraven en verhuisd naar verschillende locaties in de buurt. Daar werden ze opnieuw aangeplant. "De plekken hebben we zorgvuldig uitgekozen", licht landbouwingenieur Stefan Van Damme van de UA toe. "Orchideeën kunnen alleen maar groeien op plekken waar een bepaalde schimmel in de bodem zit waar ze mee samenleven. Daarom hebben we bij de verhuizing ook een deel van de bodem verhuisd. Zo waren we er zeker van dat de planten op hun nieuwe plek ook schimmel zouden vinden." 

Collega's voorspelden dat zo'n verhuizing niet zou lukken. Bij ons is het dus wel gelukt.

Stefan Van Damme, landbouwingenieur UA

Na 3 maanden lijken de Grote Keverorchideeën hun gedwongen verhuizing overleefd te hebben. Meer zelfs. Op de plekken waar ze nu staan, blijken er meer Grote Keverorchideeën te groeien dan voorheen op de vroegere locaties. Zo werden er in mei maar liefst 865 exemplaren geteld, waarvan er 339 in bloei stonden. "Het kan toeval zijn", relativeert Van Damme. "Het ene jaar doen orchideeën het beter dan het andere. Hoe dat komt, weten we niet. Maar we zijn in ieder geval blij. Want er waren collega's die voorspeld hadden dat zo'n verhuizing niet zou lukken. Bij ons is het dus wel gelukt."  

Wetenschappelijk experiment

Toch blijft Van Damme voorzichtig. "Het zou best kunnen dat er de volgende jaren weer minder planten zijn. En dat uiteindelijk blijkt dat ze toch niet op hun nieuwe plek gedijen. Daarom volgen we de planten ook op. Voor ons is dit in de eerste plaats een wetenschappelijk experiment waaruit we willen leren. Al duimen we natuurliijk wel voor een goede afloop. En hopen we dat de planten zullen overleven."  

Plantentuin Meise