Aantal asielaanvragen in Europa is vorig jaar spectaculair gedaald, maar niet in België

Het aantal asielaanvragen in Europa is gedaald van bijna 1,3 miljoen in 2016 naar 728.470 vorig jaar. Dat is een daling met 44 procent. Het aantal aanvragen ligt wel nog altijd hoger dan vóór de vluchtelingencrisis van 2015. Dat blijkt uit cijfers van het Europees asielondersteuningsbureau EASO. In België is het aantal asielaanvragen min of meer status quo gebleven.

De duidelijke daling van het aantal asielaanvragen toont dat de situatie verbetert. "Maar we moeten waakzaam blijven", reageert Europees Commissaris voor Migratie Dimitris Avramopoulos. Zoals in onderstaande grafiek te zien is, ligt het aantal aanvragen iets boven het niveau van 2014.

(Lees verder onder de grafiek.)

Bron: EASO

De meeste asielzoekers kwamen vorig jaar uit Syrië: zo'n 15 procent. Dan volgen Irak, Afghanistan, Nigeria, Pakistan en Eritrea. Er waren ook nog altijd opvallend veel asielaanvragen van Albaniërs: 26.060.

(Lees verder onder de grafiek.)

Bron: EASO

Ook vorig jaar kreeg Duitsland het grootste aantal asielaanvragen, hoewel er sprake is van een spectaculaire daling in vergelijking met 2016. Italië, Frankrijk en Griekenland kregen vorig jaar iets meer aanvragen te verwerken. In Spanje was er zelfs een verdubbeling. Ook in ons land is het aantal aanvragen lichtjes gestegen: van 18.280 in 2016 naar 18.340 in 2017.

"De migratiedruk aan de buitengrenzen van de EU bleef groot, maar nam voor het tweede achtereenvolgende jaar wel af, vooral op de routes door het oostelijke en centrale Middellandse Zeegebied", aldus het EASO. "Op de westelijke Middellandse Zeeroute vond juist een ongeziene toename plaats."

(Lees verder onder de grafiek.)

Bron: EASO

Volgens de cijfers voor de eerste vier maanden van 2018 zet de daling van 2017 zich door. Tussen januari en april hebben ongeveer 197.000 mensen asiel aangevraagd. Dat is minder dan in dezelfde periode van de afgelopen drie jaar, maar wel nog altijd hoger dan voor 2014. Ook dit jaar zijn Syrië, Irak en Afghanistan de belangrijkste landen van herkomst.

 In 2017 daalde de erkenningsgraad naar 46 procent (14 procentpunten lager dan in 2016). Er zijn minder beslissingen genomen met betrekking tot landen met een hoge erkenningsgraad, zoals Syrië en Eritrea, terwijl er net meer beslissingen zijn genomen over aanvragen van asielzoekers uit landen met een lage erkenningsgraad, zoals Afghanistan, Nigeria en Iran.

Eind vorig jaar was er voor 954.100 aanvragen nog geen definitieve beslissing, 16 procent minder dan eind 2016.