Video player inladen ...

“Een ontsnapte leeuw verdoven is niet zo simpel”

“Was de leeuwin doodschieten echt onvermijdelijk?” Dat vragen velen zich af nadat vanmorgen een ontsnapte leeuwin in het dierenpark Planckendael is doodgeschoten. “Een ontsnapte leeuw verdoven is niet zo simpel”, zegt  Sil Janssen van het Natuurhulpcentrum Opglabbeek. “Er moeten heel wat elementen juist zitten, anders lukt het niet.”

De leeuwin die vanmorgen ontsnapte uit haar kooi in het dierenpark Planckendael, heeft niet lang van haar vrijheid kunnen genieten. Twee verdovingspijlen hadden niet het gewenste effect. Het dier werd even later door de politie doodgeschoten.

Dat laatste zorgt voor heel wat reacties. Velen vragen zich af of het doodschieten van de ontsnapte leeuwin niet te vermijden was. “Een ontsnapte leeuw verdoven is niet zo simpel”, zegt  Sil Janssen van het Natuurhulpcentrum Opglabbeek. Er zijn heel wat elementen die meespelen.

“Elk dier is anders”, verduidelijkt Janssen. Ook in het Natuurhulpcentrum hebben ze leeuwen. “Het maakt een verschil of een dier nog jong is, of het al tanden heeft of het nog goed te been is of eerder al wat kreupel.”

Volgens de uitbaters van het dierenpark Planckendael was het dier te veel in paniek en kon het daarom niet verdoofd worden. “Een ontsnapte leeuw zit boordevol adrenaline”, zegt Janssen. “Dat maakt het verdoven moeilijk. Door de adrenaline wordt het verdovingsmiddel moeilijker opgenomen. Je kan een dosis verhogen maar niet eindeloos.”

Schieten met een verdovingsgeweer is niet hetzelfde als met een kogelgeweer

Janssen onderstreept dat alle omstandigheden juist moeten zitten om een ontsnapt dier te kunnen verdoven. “Schieten met een verdovingsgeweer is niet hetzelfde als met een kogelgeweer. Bij een verdovingsgeweer mag de afstand tot het dier niet groter zijn dan 40 meter. Er mag ook niets tussen het dier en de schutter staan. Geen draad, omheining… Ook de hoek moet juist zijn. Je moet haaks op het dier kunnen schieten.”

Het hanteren van een verdovingsgeweer vraagt ook tijd. “Je moet de pijlen klaar maken”, zegt Janssen. Ook bij het Natuurhulpcentrum Opglabbeek hebben ze een noodprocedure. “Als er bij ons alarm wordt geslagen, duurt het minimum 9 minuten voordat de eerste verdovingspijl kan worden afgeschoten. Je moet de stoffen mengen en daarna moet het product ingeladen worden. Als ondertussen het gevaar groter wordt, heb je soms geen andere keuze.”

Een dier op de loop is geen rustig dier en ook dat speelt mee. “Een dier dat beweegt is moeilijker te verdoven”, zegt Janssen nog. “Ideaal raak je de dieren in de bil of de nek. Daar wordt het verdovingsmiddel het snelst opgenomen. Maar als een dier onrustig is en beweegt, is het moeilijker om het juist te raken.”

Janssen doet geen uitspraken over wat er in Planckendael gebeurd is, maar beseft dat het worstcasescenario ook bij hem kan voorvallen. “Een dier doden is de allerlaatste optie, maar soms is er geen andere keuze”, zegt hij. (zie video hieronder)

Video player inladen ...