Deze Zuid-Koreaanse vrouw heeft haar zoon uit het noorden niet gezien sinds 1953.

Noord- en Korea houden in augustus opnieuw familiereünies van door oorlog gescheiden mensen

Eind augustus zullen opnieuw enkele honderden mensen uit Noord- en Zuid-Korea hun familieleden kunnen ontmoeten die ze sinds de Koreaanse Oorlog van 1953 niet meer gezien hebben. Voor veel van die bejaarde mensen is het de laatste kans om hun broer of zus of soms man of vrouw terug te zien.

De afspraak tussen beide staten past in de "dooi" die zich sinds nieuwjaar heeft ingezet tussen de twee Korea's. De familiereünies zijn altijd een graadmeter voor de relaties tussen Pyongyang en Seoel en sinds 2015 zijn er geen meer geweest.

Beide regeringen hebben nu afgesproken dat ze elk honderd mensen naar die reünie kunnen sturen. Die zal plaatsvinden in het Diamond Mountain Resort in Noord-Korea en dat tussen 20 en 26 augustus. De selectie gebeurt wel op een andere manier. Zuid-Korea houdt een soort loterij door een computer om die honderd mensen te selecteren uit duizenden kandidaten. Noord-Korea stuurt meestal mensen die beloond worden voor hun al dan niet gemeende steun aan het regime.

De "gelukkigen" zijn doorgaans in de zeventig of tachtig en ze krijgen maar een kans om hun familieleden te ontmoeten. Voor velen is het de laatste keer van hun leven dat ze hun broers, zussen en soms echtgenoten terug kunnen zien nadat ze gescheiden werden op het einde van de Koreaanse Oorlog in 1953.

Emotie als pasmunt

Het bestand dat in juli 1953 een einde maakte aan de gevechten op het Koreaanse schiereiland leidde tegelijk tot de totale verdeling ervan in een communistische staat in Noord-Korea en een prowesterse staat in Zuid-Korea. Die laatste is in de jaren 80 geëvolueerd tot een democratie.

De eerste kleine ontmoeting tussen door de oorlog (of in dit geval door het bestand) gescheiden familieleden vond plaats in 1985, maar de reünies werden vooral een feit na het bezoek van de toenmalige Zuid-Koreaanse president Kim Dae-jung aan Noord-Korea in 2000.

Sindsdien hebben 19.770 Koreanen hun naaste familie zo een keer kunnen terugzien, enkele duizenden anderen konden dat per video. Die ontmoetingen verlopen erg emotioneel en gaan gepaard met de uitwisseling van  nieuwtjes, foto's en geschenken. De deelnemers weten dat ze elkaar wellicht nooit meer zullen terugzien. Heel vaak gaat het om broers en zussen, maar in sommige gevallen ook om echtgenoten die meestal nadien een ander gezin hebben gesticht.

Het regime in Noord-Korea laat die ontmoetingen mondjesmaat toe omdat het vreest voor westerse invloeden, maar anderzijds krijgt Pyongyang in de meeste gevallen iets terug. Het gaat dan om voedsel of economische hulp, diplomatieke erkenning of dergelijke meer.