Video player inladen ...

Studenten werken steeds meer, maar zwartwerk daalt niet 

Studenten mogen meer werken dan vroeger en dat doen ze ook. Dat blijkt uit een rondvraag van Randstad bij 1.000 studenten. Gemiddeld werken ze nu 50 dagen per jaar. 1 op de 4 geeft wel aan dat werken tijdens het schooljaar een negatieve invloed heeft op hun studies.

In een jaar tijd zijn er 7 dagen bijgekomen. Studenten werken dit jaar gemiddeld 50 dagen per jaar. De wetgeving werd soepeler de laatste jaren en daar maken heel wat studenten gebruik van. Wettelijk gezien mogen ze 475 uur per jaar werken aan voordelige voorwaarden. Uit de peiling van het uitzendkantoor Randstad blijkt dat een meerderheid nog meer zou willen werken. Volgens Randstad blijkt daaruit ook dat ze een nood invullen bij Belgische bedrijven. Maar zo waarschuwt de dienstverlener: "de grenzen van de steeds flexibelere studentenwetgeving zijn bereikt". 

1 op de 4 studenten geeft aan dat werken tijdens het academiejaar de studies negatief beïnvloedt. Dat zou er op kunnen wijzen dat ze minder presteren en langer over hun studie doen, waardoor ze dus later op de arbeidsmarkt terechtkomen.

Randstad zelf wijst er ook op dat "verdringing" een probleem zou kunnen worden als studentenarbeid nog soepeler wordt. "Studenten doen veelal jobs voor laaggeschoolden. Eigenlijk zou het beter zijn dat ze werk zoeken dat aansluit bij hun studies. Zowel voor hun eigen toekomst als voor de laaggeschoolden op zoek naar een job." 

Zwartwerk daalt niet

Ondanks de grotere flexibiliteit daalt het zwartwerk onder studenten niet. Volgens Randstad blijft het zwartwerk al jaren schommelen tussen de 15 à 20 procent. Bij -18-jaringen zou het zelfs gaan om 1 op de 4. "Meer mogelijkheden om met een contract te werken blijkt dus geen mirakeloplossing te zijn om zwartwerk tegen te gaan."

Overgrote deel van studenten werkt

De meeste studenten werken, maar er is ook een groep van 14 procent studenten die niets doen. Ze werken niet tegen betaling, doen geen klussen en engageren zich niet als vrijwilliger.

De sectoren waarin studenten aan de slag gaan blijven traditioneel winkels (21 procent) en horeca (17 procent) maar ook overheid/non-profit (14 procent). Qua inhoud van de job gaat het meestal over: administratief bediende (13 procent), productiearbeider (10 procent) en kassier (9 procent).