Benoemingen in Brussel: taalwet zelden gerespecteerd

Bij de benoemingen van ambtenaren bij Brusselse gemeenten en OCMW's wordt de taalwet slechts in 17,6 procent van de gevallen gerespecteerd. Dat blijkt uit het jaarverslag van de Brusselse vicegouverneur waarover Bruzz bericht. "De situatie blijft problematisch", zegt vicegouverneur Jozef Ostyn.

Als Brusselse gemeenten en OCMW's een ambtenaar benoemen, moeten ze dat dossier opsturen naar de Brusselse vicegouverneur. Die moet nakijken of de taalwetgeving wordt gerespecteerd. Ambtenaren, op enkele uitzonderingen na, moeten verplicht een attest hebben voor de andere landstaal. Nederlandstaligen moeten kunnen voorleggen dat ze Frans kunnen en omgekeerd. 

Maar dat attest ontbreekt in het merendeel van de gevallen. Slechts in 17,6 procent van de 2.554 benoemingen is het taalattest in orde. "We maken een uitzondering voor ambtenaren die in hoge nood en voor een korte periode worden aangesteld", legt Ostyn uit. "Daar maken we er geen probleem van als de persoon in kwestie geen taalbrevet heeft. Maar zelfs als we die cijfers niet meenemen, zien we dat het taalbrevet in bijna zestig procent van de gevallen ontbreekt."

Als de taalwet niet gerespecteerd wordt, schorst de vicegouverneur de benoeming. Maar slechts in twee gevallen heeft een gemeente of OCMW de benoeming daarna ingetrokken.

"De conclusie is dat de toepassing van de taalwet bij benoemingen problematisch blijft", aldus Ostyn.

Meer nieuws