Allergieën: hoe vuiler hoe beter?

We nemen steeds meer geneesmiddelen tegen allergieën. Sinds 2005 is de verkoop ervan bijna verdubbeld, tot meer dan 200 miljoen  (dag)dosissen. Dat blijkt uit cijfers van het RIZIV. Voor de kenners, het gaat om antihistaminica (die de allergische reactie afremmen) en middelen met corticoïden, zoals neussprays. 

We slikken dus meer pillen, maar betekent dat nu ook dat we massaal allergisch geworden zijn? Dat hebben we voorgelegd aan prof. Bart Lambrecht, immunoloog en longarts aan VIB en UZ Gent, een autoriteit op het vlak van allergieën. 

Zijn er nu meer mensen met allergieën dan vroeger?

De technieken om allergieën op te sporen zijn steeds beter, betere diagnostiek dus. Maar er is meer aan de hand. Sinds de Tweede Wereldoorlog is er een epidemie ontstaan van allergieën en die trend blijft voortduren. De belangrijkste oorzaken zijn verontreiniging, tabaksrook, dieselroet en fijnstof. 

Aan de andere kant leven en eten we te hygiënisch, te steriel. We mijden stoffen die allergieën veroorzaken, we isoleren ons huis meer dan ooit, we slapen op mijtvrije matrassen, we verbieden onze kinderen om dieren te aaien of iets in de mond steken. Daardoor voeden we ons afweersysteem niet meer op en gaat het overmatig reageren op alledaagse stoffen, prikkels (kattenhaar, stofdeeltjes) waar we normaal niet op moeten reageren. Prof. Lambrecht verwacht niet dat de allergie-epidemie snel overwaait, integendeel. 

“We verwachten dat de allergie-epidemie nog toeneemt en dat tot 80 procent van de kinderen één of andere allergie ontwikkelt”. 

Bart Lambrecht, allergiespecialist VIB en UZ Gent

Kunnen we allergieën vermijden?

Maar die trend kunnen we ombuigen. Vooral het eerste levensjaar is cruciaal en dat heeft weer veel te maken met hoe we leven en wat we eten, zegt Bart Lambrecht, en met onze darmflora. “De bacteriën in onze darm dienen niet alleen om eten te verteren. Ze brengen ons afweersysteem in balans. Het is net die rijke darmflora die in het eerste jaar gevormd wordt en daarna moeilijk is bij te sturen”.

Een goede raad is dus: overdrijf niet met hygiëne, vermijd dieseldampen en sigarettenrook. “Borstvoeding is zeer belangrijk om zo’n evenwichtige darmflora te krijgen. Hetzelfde geldt voor vezelrijke voeding. Ook dingen die we zelf klaarmaken zijn rijker aan bacteriën. Bereid voedsel is zeer hygiënisch, wat goed is, maar ook steriel. Ook rauwe koemelk, zoals iedereen die vroeger kreeg, heeft zo’n rijke bacteriecultuur. Momenteel loopt er zelfs onderzoek naar half gepasteuriseerde koemelk.

Doe normaal…

Veel ouders beschermen hun kinderen te veel, uit angst voor infecties en allergieën. En dat leidt tot de verkeerde reflex :  ze doen aan preventie terwijl hun kind dat niet nodig heeft.  Antiallergische matrashoezen in kinderbedjes en hypoallergene voeding voor kinderen zonder allergie zijn volstrekt zinloos. Begin daarmee pas als een arts de allergie heeft vastgesteld. Hetzelfde geldt voor allerlei kinderziekten.

“Het is normaal dat kleine kinderen af en toe ziek zijn. Panikeer niet, en laat je kind uitzieken. En wees zuinig met antibiotica.” 

Bart Lambrecht, allergiespecialist VIB en UZ Gent

Hoe vuiler hoe liever?

De eerste maanden als baby en peuter zijn cruciaal om allergieën te voorkomen. Overdrijven is nergens goed voor, maar een beetje vuil hebben baby’s en peuters echt wel nodig voor hun immuniteit. Onderzoek in Nederland heeft uitgewezen dat kinderen die opgroeien op een boerderij minder allergisch zijn, omdat ze met het stof van de dieren in contact komen. Melkveebedrijven zijn er omgebouwd tot  kinderdagverblijven, waar baby’s elke dag in hun Maxi-Cosi een uurtje naast de koeien zitten. Die kinderen zijn minder ziek en minder allergisch.

Een beetje vuil kan dus geen kwaad, tenminste voor gezonde kinderen. Dat is niet het geval bij kinderen die al allergisch zijn. En professor Lambrecht kan het niet genoeg benadrukken…

Roken blijft veruit de grootste risicofactor voor de ontwikkeling van allergieën. Rook dus zeker niet tijdens de zwangerschap en in de buurt van kleine kinderen…

Bart Lambrecht, allergiespecialist VIB en UZ Gent