kolonie Wortel, foto James van Leuven © studio-vision.be

Kolonies Wortel en Merksplas stap dichter bij erkenning werelderfgoed

Op de Unesco-conventie in Manamah in Bahrein hebben de Vlaamse en Nederlandse kolonies van Weldadigheid de zogenoemde referral-status gekregen. Dat betekent dat ze volgend jaar mogen herkansen. De indieners van de kandidatuur van de kolonies geloven dat ze stevige nieuwe argumenten hebben en dat ze er volgend jaar bij zullen zijn. Voor de herdenkingssites en begraafplaatsen van de Eerste Wereldoorlog in de Westhoek ziet het er minder rooskleurig uit. 

Vredestoren Mesen

Vlaanderen en Nederland stuurden samen de aanvraag tot erkenning als Unesco-Werelderfgoed in voor 7 Kolonies van Weldadigheid. Bij ons gaat het om de kolonies van Wortel en Merksplas, in de buurt van Turnhout.  De Nederlandse en Vlaamse armen-instellingen zijn begin 19e eeuw bedacht en gebouwd door dezelfde initiatiefnemers en vormen dus een geheel. De Unesco zag dat niet zo en viel over het verschil tussen gesloten instellingen, gevangenissen dus, en open huizen, waar brave sukkelaars terecht konden. 

7 kolonies, 1 idee

Maar de verdedigers van de kolonies geloven dat ze kunnen bewijzen dat er geen wezenlijk verschil bestaat tussen de open en gesloten huizen. Per arme of dakloze die in een kolonie belandde, zocht de directie destijds de beste oplossing. Dat kon een vrije opvang betekenen, of verblijf in een gesloten instelling. Doelstelling was in de 2 gevallen dezelfde: de betrokken armen menswaardig opvangen en werken aan zijn of haar toekomst. 

200 jaar geleden, tijdens de Hollandse tijd, waren de landbouwkoloniën een progressief sociaal initiatief. Achterliggend idee: laat de armen een nieuw leven opbouwen door noeste arbeid op het platteland. De kolonisten ontgonnen braakliggende terreinen en maakten er landbouwgrond van. Kaarsrechte dreven en klassieke gebouwen gaven structuur aan het leven van de behoeftigen. Na de Belgische onafhankelijkheid kwamen vooral landlopers naar de "Rijksweldadigheids-koloniën", alles samen 55.000 mensen. Landloperij was tot 1993 strafbaar. 

kolonie Merksplas, foto James van Leuven © studio-vision.be

Nutteloze gebouwen...

Na de afschaffing van de landloperij zag het er niet goed uit voor Wortel en Merksplas. De gebouwen stonden leeg te verpieteren. In 1997 verschenen ze op de lijst van de 100 meest bedreigde erfgoedsites ter wereld. De vzw Kempens Landschap, gemeentebesturen en bezorgde burgers stelden de monumenten toen open voor het publiek, met onder meer een bezoekerscentrum. Het werd een succes. In 1999 volgde de bescherming van landschap en gebouwen en in 2017 kwam er de aanvraag als Unesco-Werelderfgoed als "transnationaal serieel cultuurlandschap". 

Icomos, het adviescomité, zag weinig in een erkenning. Maar het Unesco-comité volgde dat advies maar half en geeft nu de kolonies een nieuwe en reële kans, met de "Referral-status". "We hebben het tot de finale van het wereldkampioenschap erfgoed geschopt", zegt Inga Verhaert, gedeputeerde van de provincie Antwerpen. 

Wortel- en Merksplas-Kolonie zijn een toonbeeld van integratie tussen natuur en cultuur. 

Geert Bourgeois, Vlaams minister-president bevoegd voor erfgoed
kolonie Wortel, foto James van leuven

WO 1-sites grijpen ernaast

Minder vlot verloopt de kandidatuur voor de sites die te maken hebben met de Eerste Wereldoorlog. Frankrijk, Vlaanderen en Wallonië dienden samen de kandidatuur in voor 43 herdenkingsplekken en begraafplaatsen van Belgische, Franse, Britse en Duitse soldaten. De Unesco vond vorig jaar al dat de monumenten nog te veel een sfeer van militaire triomf uitstralen. Nieuwe argumenten hebben dat bezwaar niet kunnen wegnemen. De Westhoek maakt nog een kans, maar niet meteen of volgend jaar. Volgens Vlaams minister-president Bourgeois vergist de culturele organisatie van de Verenigde Naties zich: voor hem gaat het in dit dossier wel degelijk om vrede en verzoening. 

beelden van Kathe Köllwitz op Duitse militaire begraafplaats in Vladslo