Allez les Bleus! Hoe een land zich kan wentelen in de euforie van het moment 

Het ultieme feestweekend dat de geschiedenisboeken moet halen. Dat verwacht Frankrijk want vandaag is het "le quatorze juillet", de nationale feestdag, en morgen kunnen "les Bleus" voor de tweede keer in hun geschiedenis Frankrijk een wereldtitel voetbal schenken. President Emmanuel Macron hoopt dat een deel van die glans op zijn beleid kan afstralen. Of hoe een land zich wil wentelen in de euforie van het moment.

labels
Copyright
Steven Victor Decraene
Steven Victor Decraene is TV-journalist bij VRT Nieuws en volgt als verslaggever Frankrijk.

Ik heb het als Belg dinsdagavond in Sint-Petersburg zelf ervaren, de Franse zelfzekerheid die neigt naar de typische arrogantie waarmee onze zuiderburen vaak worstelen. Les Bleus, het Franse nationale voetbalteam, hadden net de Rode Duivels verslagen in de halve finale van het WK voetbal. Reden genoeg om "les petits Belges" of "notre petits cousins" teder over de bol te aaien terwijl ze zelfgenoegzaam richting finale marcheren. Fransen vinden het vanzelfsprekend dat hun land straks de finale speelt. Net zoals geen enkele Fransman twijfelt over de unieke positie van Frankrijk in de wereld.

Toch is er een paradox. Uit verschillende internationale studies blijkt dat de Fransen één van de meest pessimistische volkeren ter wereld zijn. Vitten, zagen en klagen, het zit precies in de Franse volksaard ingebakken. Maar de afgelopen weken groeide het zelfvertrouwen opnieuw. Wat de Franse president Emmanuel Macron al iets meer dan een jaar probeert, dat kunnen die voetballende miljonairs met enkele voetbalwedstrijden: het vertrouwen opkrikken en de Champs-Elysées aan het dansen krijgen.

Twee jaar geleden, in 2016, speelde Frankrijk ook al een voetbalfinale, in eigen land nog wel. Maar net zoals de toenmalige president François Hollande sukkelde "l’équipe de France" met zichzelf. "Willen maar niet kunnen", zo hoorde je overal. De werkloosheid piekte, Hollande speelde de tweede viool op het Europese podium, een golf terreuraanslagen verlamde Frankrijk en niemand zag licht aan het einde van de tunnel.

La force du Macron

"Ik wil Frankrijk zijn zelfvertrouwen teruggeven", dat waren de woorden van Emmanuel Macron toen hij net president geworden was. Met een werkloosheid van rond de 10%, een negatieve economische groei en de Franse politieke klasse in de touwen, klonk die belofte in mei 2017 als een bijna onmogelijke uitdaging.

Maar zie amper 14 maanden later, heeft iedereen in de wereld het idee dat Frankrijk er bovenop komt. Het prestige is enorm gegroeid. Behalve de energieke Franse president zijn er nog enkele andere mogelijke verklaringen. Op het wereldtoneel moet Amerika de rol lossen als baken van verlichting en in Europa is de Duitse ster tanende. Frankrijk ziet zichzelf door zijn revolutionaire geschiedenis als de drijvende kracht achter de mensenrechten en het morele kompas van het Westen. Daarom alleen al vindt Macron dat Frankrijk een unieke rol in de wereld speelt.

De Franse cultuur probeert te weerstaan aan de vluchtigheid van de commerciële logica. De Eiffeltoren als symbool voor een natie die sterke wortels heeft, maar terzelfdertijd de narcistische generatie van selfie-nemende jongeren aanspreekt. De idee van Frankrijk als een start-up nation, een land dat innoverende jongeren kan aanspreken en begrippen als duurzaamheid, positivisme en moderniteit omarmt.

AFP or licensors

Le ciel est bleu?

Maar klopt dat beeld wel? Is Frankrijk nu zoveel beter af dan anderhalf jaar geleden? De werkloosheid blijft hoog, de economische groei stagneerde na de hoogconjunctuur van vorig jaar en de sociale spanningen in de Franse maatschappij blijven. Op het eerste gezicht lijkt er dus niet veel veranderd.

Natuurlijk heeft Macron iets in gang gezet: de hervorming van de arbeidswet, een herziening van het politieke bestel en een restauratie van het monarchale presidentschap. Aan de andere kant blijft het Franse spoor staken, zijn de problemen bij Air France niet van de baan, waren er rellen in Franse steden en blijft het terreurgevaar bestaan.

Arrogant, moi?

Dus als Umtiti niet in het doel maar naast het doel van Thibaut Courtois kopt, schrijf ik hier niet over de herwonnen trots van Frankrijk, maar over het verbazingwekkende chauvinisme van de Belgen. Met andere woorden, voetbal is een heerlijke metafoor voor alles wat in ons leven gebeurt en je kan het zelfs vertalen naar nationale gevoelens. Maar het blijft voetbal. 

Macron zal na de traditionele troepenschouw op de Champs-Elysées zaterdag, de dag erna naar Moskou vliegen om de finale bij te wonen. De vergelijkingen met Napoleon en Lodewijk XIV zullen opnieuw opgang maken. Toch enige kanttekeningen: de populariteit van Macron daalde afgelopen maand tot zo’n 40%. Zijn hervormingsdrang, koppige politieke keuzes, maar vooral zijn eigengereide stijl doen bij meer en meer Fransen de wenkbrauwen fronsen.

Op internationaal niveau verweet de Italiaanse regering de Fransen hypocriet en arrogant te zijn in het migratiedossier. "Frankrijk opent alleen de grenzen wanneer het hen uitkomt", zeggen Italiaanse opiniemakers. Misschien geldt dat ook voor de feestende massa in de Parijse straten straks. Bij WK-winst verwerven Mbappé, Pogba en Umtiti als geslaagde kinderen van de Republiek eeuwige glorie, bij verlies zullen de kinderen uit hun banlieues zondagavond niet met een bal maar met een molotov  spelen.