Dossinkazerne Mechelen krijgt 465.000 euro voor restauratie

De Dossinkazerne in Mechelen krijgt 465.000 euro en nog wat kleingeld voor de restauratie van de dakbedekking. Dat heeft Vlaams minister-president Bourgeois, ook bevoegd voor erfgoed, beslist. De leien die nu op de zadeldaken liggen, lekken niet alleen, ze bevatten ook asbest. Verwijdering is geen goedkope zaak.  

De Dossinkazerne krijgt een nieuwe dakbedekking van natuurleien. Het amalgaam aan dakvensters dat in de loop der tijden werd toegevoegd of vertimmerd, ruimt plaats voor een historisch eenheidstype. En uiteraard komen ook isolatie en schrijnwerk aan bod.  

Een monument uit de Oostenrijkse tijd

Het was de Oostenrijkse keizerin Maria Theresia die in 1756 de opdracht gaf om een onderkomen te bouwen voor haar soldaten in onze gewesten. De sobere en strenge architectuur, 4 grote vleugels rond een binnenplaats, is daarom sterk verwant met het Weense classicisme.  Na de Oostenrijkse tijd fungeerde de kazerne als wapendepot. 

Meest berucht werd de Dossinkazerne als doorvoerplaats van Belgische joden en zigeuners naar nazi-concentratiekampen, van 1942 tot 44. Een van de laatste gedeporteerden was de Duits-joodse kunstenaar Felix Nussbaum. Alles samen gingen vanuit Mechelen bijna 26.000 mensen de dood tegemoet. 

Van 1948 tot 77 werd de kazerne een militaire school, dan nam de stad Mechelen het intussen erg verkommerde gebouw over, om er na 1980 een woon-eenheid en een stadsarchief van te maken. De kazerne kreeg de officiële naam "Hof van Habsburg".  

Plek van bezinning en rouw

Maar het complex kon het dramatische oorlogsverleden nooit afschudden. In 1995 vond ook een "Joods museum van deportatie en verzet" er onderdak. Wegens plaatsgebrek leidde dat in de 21ste eeuw tot een nieuw museum, getekend door bOb van Reeth, aan de overkant van het plein, met nu rector Herman Van Goethem als eerste conservator. Maar de oude kazerne blijft een memoriaal, en een documentatiecentrum over de gruwelijke feiten die zich hier hebben afgespeeld.