De kruisafneming van Rubens (detail uit middenpaneel)

Nieuwe inventaris geeft uitsluitsel over welke kunst Frankrijk eind 18e eeuw uit onze streken roofde

Het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium heeft een inventaris gemaakt van alle kunst die Frankrijk aan het einde van de 18e eeuw uit onze streken roofde. Het gaat om 195 stukken waarvan zowat de helft vrij snel terugkeerde.

192 schilderijen en 3 beeldhouwwerken: dat hebben de Franse troepen tussen juli 1794 en februari 1795 uit onze streken naar hun thuisland gestuurd, zo heeft het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK) uitgevlooid in een nieuwe inventaris.

Voormalig staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid Elke Sleurs (N-VA) had die inventaris in 2015 besteld omdat al decennia discussie bestaat over de ware omvang van de Franse kunstroof in wat later het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en nog later België zou worden.

Zo circuleerden lange tijd aantallen tot wel 271 kunstwerken, maar dat blijkt dus niet te kloppen. Veel kunstwerken die de Fransen destijds naar Parijs wilden sturen, bleven uiteindelijk gewoon in onze streken. Bovendien sloegen ze ook kunst aan om in lokale musea hier onder te brengen. Dit zaaide verwarring over hoeveel kunst richting Frankrijk verdween.

Rubens en Van Dyck

Kunsthistoricus Pierre-Yves Kairis heeft de opmaak van de inventaris gecoördineerd. Samen met zijn collega's heeft hij vastgesteld dat de Fransen een sterke voorliefde voor Vlaamse schilderkunst uit de barok hadden en dan vooral voor Rubens en Van Dyck.

De Fransen richtten hun pijlen daarom op grote altaarschilderijen in kerken en kloosters. Ze namen ook het beroemde beeld van de madonna met kind van Michelangelo in Brugge mee.

Hun interesse voor een schilder als Van Eyck was dan weer beperkt. Dat ligt helemaal in lijn met de lauwe appreciatie van zijn schilderkunst aan het einde van de 18e eeuw. Toch gingen ze met de 4 centrale panelen van "Het lam gods" uit de Sint-Baafskathedraal in Gent aan de haal.

(Lees voort onder foto)

Madonna met kind van Michelangelo in Brugge.

Van de 192 kunstwerken keerden 100 meteen na het einde van de Franse overheersing naar onze streken terug. 64 stukken zijn in Frankrijk gebleven, 6 vertrokken naar Mayence dat vandaag in Duitsland ligt en Mainz heet. 1 exemplaar bevindt zich in Milaan als gevolg van een ruil en van 24 werken is het vandaag onduidelijk waar ze zich bevinden.

Franse administratie

"In de 19e eeuw is het hele verhaal van de kunstroof al uitvoerig onderzocht", zegt Hélène Dubois van het KIK in "De wereld vandaag" op Radio 1 (zie audio onder). "Dat onderzoek was niet compleet. Daarom zijn we opnieuw in de archieven gedoken om een volledig zicht op de situatie te krijgen."

"De Fransen hebben alles destijds uitvoerig genoteerd. Dat was de kracht van hun administratie. Ze schreven tal van verslagen die ze verschillende keren kopieerden. Veel is in Parijs bewaard, maar even goed liggen zulke documenten in Gent en Brussel. We zijn veel te weten gekomen door die allemaal door te nemen."

Volgens Dubois wisten de Fransen heel goed was ze wilden. "Ze baseerden zich op reisgidsen uit de 18e eeuw waarin de belangrijkste werken in kerken en kloosters in de Nederlanden stonden beschreven. De Franse administratie maakte lijsten die ze onder medewerkers verdeelde. Die moesten alles samen met de lokale besturen regelen. Dat deden ze erg zorgvuldig. In Parijs zijn vele stukken bovendien gerestaureerd."

Het is niet de bedoeling dat België kunstwerken terugvordert op basis van de inventaris. Die dient louter wetenschappelijke doeleinden en staat integraal online.