100 jaar geleden: steeds meer Duitse soldaten deserteren

In deze reeks brengen we grote en kleine gebeurtenissen uit de Eerste Wereldoorlog 100 jaar geleden, deze week van 22 tot 28 augustus 1918: terwijl de Geallieerden nu Albert en Roye heroveren, deserteren steeds meer Duitse soldaten, Turken en Britten strijden om de oliestad Bakoe, bolsjewieken gaan nog verder door de knieën voor Duitsland, ...

De Geallieerden blijven langzaam maar zeker terrein winnen aan het Somme-front, waar zeer zwaar gevochten wordt.  

Een eerste succes was de herovering van het stadje Albert aan de Canche. De Britten, die de stad met de opvallende, inmiddels verwoeste basiliek vijf maanden geleden moesten prijsgeven, wisten hem op 22 augustus te heroveren. 

Canadezen voeren een straatgevecht bij de inname van Albert. Beginfoto: Canadese cavallerie brengen na een verkenningstocht enkele Duitse krijgsgevangenen mee (Le Miroir, 8-9-1918, BnF Gallica)

Bijzonder hevig was de strijd rond Roye, het stadje ten oosten van Montdidier, dat de Duitsers eveneens in maart hadden veroverd. Generaal Ludendorff zette zo’n 15 Duitse divisies in de streek van Roye in, maar hij kon niet beletten dat de stad omsingeld werd door de Britten vanuit het noorden en de Fransen vanuit het westen en zuiden.

Britse militairen bij de verwoeste kathedraal van Albert

Na zware gevechten die een week duurden, waarbij Roye al voor driekwart was ingesloten, wisten Franse troepen het stadje te heroveren. De stad was in 1917 al verwoest toen de Duitsers er zich vrijwillig terugtrokken. Nu is de verwoesting zo mogelijk nog groter.

Aan de noordkant van het strijdtoneel, ten oosten van Arras, zijn de Britten een aanval begonnen langs de rivier de Scarpe en langs de weg naar Cambrai. Daarbij hebben ze de zwaar versterkte Hindenburglinie, die de Duitsers anderhalf jaar geleden hebben aangelegd voor het eerst overschreden. Zo naderen ze ook de stad Bapaume vanuit het noorden, terwijl ze ook al vanuit Albert in het zuidoosten in die richting doordringen.

Aan de zuidkant blijven de Fransen druk uitoefenen in de richting van Noyon.

Links een grote kolonne Duitse krijgsgevangenen en zicht op Albert. Rechts, de vooruitgang van de Gealieerden sinds 8 augustus (volle zwarte lijn): stippellijn 27 augustus, dubbele lijn 28 augustus, de gearceerde dubbele lijn de Hindenburglinie.
Terwijl hun collega's in de aanval gaan, oogsten deze militairen het graan dat de Duitsers graag hadden gehad. Alles samen hebben deze militairen de voorbije 3 weken 30.000 hectare geoogst. Boven het graan steken de kruisen van enkele soldatengraven uit.

Steeds meer Duitse deserteurs

In bezet België merken de burgers steeds meer gevallen van Duitse soldaten die deserteren.

Op straat ziet men regelmatig groepjes gevangen Duitse militairen die worden weggevoerd. Er zijn ook gevallen gemeld van deserteurs die zich verzetten bij hun arrestatie. Daarbij zou een Duitse gendarme zijn doodgeschoten. Andere deserteurs zijn erin geslaagde de gevreesde Dodendraad naar Nederland te passeren, al dan niet met de hulp van Belgen.

Uitgeputte, uitgehongerde en dorstige Duitse krijgsgevangenen drinken uit een bak die eigenlijk voor paarden is bestemd (uit Le Miroir, 1-9-1918)

Volgens de boeren verbergen veel deserteurs zich in de bossen. ’s Nachts stelen ze aardappels op boerderijen, maar ze komen ook bedelen. Er zijn er die tegen betaling onderdak krijgen.

De ondergedoken militairen verwijderen alle knopen, kentekens en nummers van hun uniform, zodat ze moeilijk te identificeren zijn.

Duitse deserteurs die zich in een kelder hebben schuilgehouden geven zich over aan de Britten nadat die Thiepval hebben ingenomen (Le Miroir, 8-9-1918)

Er zijn ook meer Duitse soldaten die naar de vijand overlopen. Dat is een dubbel voordeel voor de Geallieerden, want ze verklappen vaak nuttige informatie.

Vooral bij de soldaten uit Elzas-Lotharingen, die toch al door de legerleiding met een scheef oog worden bekeken vanwege hun (al den niet vermeende)  Franse sympathieën, zou de drang naar vaandelvlucht groot zijn. In de Legergroep van de Duitse Kroonprins mogen Elzassers en Lotharingers niet meer in de voorste linies worden opgesteld.

Grote groep door de Fransen krijgsgevangen genomen Duitse militairen (Le Miroir, 1-9-1918)

In Duitsland zelf zijn er berichten van jongemannen die massaal onderduiken om aan militaire dienst te ontsnappen.

Er is duidelijk een verband tussen het stijgend aantal deserteurs en het succes van de laatste Geallieerde offensieven. De Duitse legerleiding vindt het zelfs nodig om alle “defaitistische geruchten” over de slechte toestand aan het front tegen te spreken.

Duitse krijgsgevangen voeren zelf hun buitgemaakte loopgraafmortieren af, omgeving La Boisselle 27 augustus 1918 © IWM (Q 78696)
Het Duitse weekblad Kladderadatsch blijft optimistisch: de berg waarop de Duitse adelaar zit is te steil voor de Geallieerden, en de Franse Marianne is zelfmoord aan het plegen in Britse opdracht (1 en 8 september 1918).
Dat de Hindenburglinie voor het eerst wordt overschreden zorgt in de Geallieerde pers voor grote opwinding (uit The Washington Times, 28 augustus 1918)
Maarschalk Foch is een betere visser dan zijn Duitse tegenhanger von Hindenburg ( The Washinton Times, 30 augustus 1918)

Strijd om Bakoe

De Turken zijn een aanval begonnen op de stad Bakoe aan de Kaspische Zee.

Bakoe, dat op het uiteinde van een schiereiland ligt, wordt al een tijd ingesloten door het “Islamitisch Leger van de Kaukasus”, onder bevel van de Turkse generaal Noeri Pasja. Dat leger telt zo’n 60.000 Turken en Azeri’s, hoewel slechts een deel daarvan aan de aanval deelneemt.

De stad wordt verdedigd door 7000 Armeniërs en 3000 (niet-bolsjewistische) Russen, die slecht getraind, uitgerust en gemotiveerd zijn. De autochtone (Azerische) bevolking in de stad  staat eerder aan de kant van de aanvallers.

Het Islamitische leger van de Kaukasus op weg naar Bakoe

Daarnaast zijn er in de voorbije dagen zowat 1000 Britse soldaten vanuit Perzië per boot overgevaren naar Bakoe, met kanonnen en ander materiaal. Onder leiding van generaal-majoor Lionel Dunsterville hebben de Britten de verdediging op  professionele wijze georganiseerd.  

Het centrum van Bakoe, met veel indrukwekkende gebouwen, wordt zwaar gebombardeerd door de Turkse artillerie. Op termijn lijkt de verdediging van de stad onhoudbaar. Dunsterville stelt de lokale autoriteiten voor de olievelden te vernietigen. Maar die weigeren, omdat olie de rijkdom van Bakoe is.

Britse troepen sleuren een (niet te zien) zwaar kanon naar boven bij de haven van Bakoe. © IWM (Q 54869)

Bij de hele strijd zijn de Russische bolsjewieken geen partij, net zo min als de Duitsers. De aanval op Bakoe wordt door de Duitsers niet gesteund, maar past in de plannen van de Turkse minister van Oorlog Enver Pasja (de broer van Noerid Pasja), om de Turkssprekende gebieden van het vroegere Russische rijk te veroveren.

Intussen hebben andere Britse troepen zich gelegerd in de havenstad Krasnovodsk aan de andere kant van de Kaspische Zee. Van daaruit doen ze aanvallen op bolsjewistische troepen die steden aan de Trans-Kaspische Spoorweg bezet hebben.

Een Armeense verdediger van Bakoe en een Brits officier © IWM (Q 24891)

Aanvulling verdrag van Brest-Litovsk

In Berlijn hebben Duitsland en Sovjet-Rusland een aantal akkoorden gesloten die een aanvulling vormen van het vredesverdrag van Brest-Litovsk, dat in maart tot stand kwam.

De teksten werden ondertekend door de nieuwe Duitse minister van Buitenlandse Zaken admiraal von Hintze en de Russische ambassadeur in Berlijn, Adolf Joffe. Joffe was zelf een hoofdonderhandelaar in Brest-Litovsk.

Adolf Joffe (links) en Paul von Hintze

Volgens het aanvullend verdrag ziet Rusland af van elke aanspraak op of inmenging in de Baltische landen. In ruil kunnen de Russen voor hun handel vrij gebruik maken van de Baltische havens, zoals Riga.

Rusland erkent bovendien de onafhankelijkheid van Georgië, dat nu feitelijk onder Duitse bescherming staat. Maar Duitsland zal geen steun verlenen aan militaire operaties van een “derde mogendheid” (lees: Turkije) in de Kaukasus. De belangrijke olievelden van Bakoe mogen dus Russisch blijven. In ruil krijgt Duitsland een kwart van de olieproductie in Bakoe…

Duitsland zal bovendien de Russische gebieden ontruimen die het nog bezet houdt. Het belooft de separatistische krachten in Rusland niet te steunen. 

De verhouding tussen Duitsland en Rusland volgens de tekenaars van The Washinton Times (28-1 en 28-2-1918)

Wat echter het meest opvalt is de financiële overeenkomst die de landen hebben gesloten. Rusland moet het enorme bedrag van zes miljard mark aan Duitsland betalen als compensatie voor de onteigeningen van Duitse eigendommen door de bolsjewistische regering. Een deel van die betaling moet in zuiver goud gebeuren. Nog een ander akkoord geeft de Duitsers in Rusland allerlei voorrechten.

Het verdrag van Brest-Litovsk verwierp schadevergoedingen of herstelbetalingen. Maar nu zijn die er toch. Het lijkt het alsof de bolsjewieken de rekening gepresenteerd krijgen voor de Duitse goede wil. 

De aankomst van het eerste Duitse goud in Belijn, kort na de ondertekening van het akkoord (uit Berliner Leben, 1918)

Bolsjewieken vrijwel uitgeschakeld in Siberië

Geallieerde (overwegend Japanse) troepen hebben ten oosten van het Bajkalmeer in Siberië het bolsjewistische Rode Leger verslagen.

Daardoor zijn de bolsjewieken in Siberië is vrijwel uitgeschakeld. Door het optreden van het Tsjecho-Slovaaks Legioen langs de Transsiberische Spoorweg waren ze grotendeels al verdwenen in het westen van Siberië, de Oeral en zelfs de stad Kazan aan de Wolga.

De eerste beelden van de aankomst van de Geallieerden in Vladivostok , alvast volgens de Parijse krant Excelsior op 28 augustus 1918. Maar de krant bedriegt zijn lezers en raak verstrikt in zijn eigen leugens: zo is er een foto van Belgen en Amerikanen in een Russische kazerne, maar de Belgen namen niet deel aan de Gealieerde expeditie in Siberië! Om afgedrukt te kunnen worden moesten foto's fysiek aanwezig zijn in een drukkerij, en dat kon in 1918 nog dagen tot weken duren, zeker als een foto uit Siberië moest komen. De foto van de Belgen was gemaakt op 24 april 1918 toen zij na hun Russisch avontuur inscheepten op de Sheridan om naar de VS gebracht te worden. De foto links onderaan toont een militaire band van de Japanse marine die twee dagen eerder een concert gaf ter ere van de ACM-Belgen voor hun vertrek. Ook de andere foto's dateren uit die periode, ruim vier maanden eerder dus dan Excelsior laat uitschijnen.

De Japanners bezetten nu de strategische punten in het oosten van Siberië. Ze doen dat samen met de troepen van de krijgsheer Grigori Semjonov. Diens troepen zijn kozakken, aangevuld met Mongoolse krijgers, deserteurs en avonturiers, die meer lijken op ongeregelde bendes dan op een leger.

Het aantal Japanse soldaten in Siberië wordt geschat op 70.000, veel meer dan de andere mogendheden stuurden. In Vladivostok arriveerden de voorbije weken een 3000 Amerikanen, een kleine duizend Britten, een duizendtal Italianen en een honderdtal Fransen. Ze zijn daar zogezegd allemaal om het Tsjecho-Slovaaks Legioen te helpen om vanuit Siberië in te schepen. Maar zeker de Verenigde Staten twijfelen aan de bedoelingen van de Japanners.

Door het Tsecho-Slovaaks Legioen gevangengenomen bolsjewieken op een varend krijgsgevangenenkamp

Op 26 augustus veroverden de Japanners en de troepen van Semjonov de stad Tsjita, tussen Vladivostok en het Bajkalmeer. Daarmee is het hele oostelijke traject van de Transsiberische Spoorweg in Geallieerde handen.

De gevangengenomen bolsjewieken worden door de bendes van Semjonov genadeloos afgeslacht, net als iedereen met “rode” sympathieën. Semjonov, een fanatiek antisemiet, spaart ook de joden niet die in zijn handen vallen.

Ook volgens het Duitse weekblad Lustige Blätter is Japan een onbetrouwbare bondgenoot voor de Geallieerden  die alleen maar uit is op gebiedsuitbreiding (jaargang 33, 227 en 475, 1918)

Eenheid tussen die groepen is er niet. Het Tsjecho-Slovaaks Legioen werkt vooral samen met het Komoetsj, de democratische tegenregering die in Samara zetelt. Semjonov wil zijn eigen regime in dit  gedeelte van Siberië vestigen. In Vladivostok zelf probeerde de tsaristische generaal Dmitri Horvat te macht te grijpen, maar de Geallieerden hebben daar een stokje voor gestoken en zijn troepen ontwapend.

Opmerking: bij de troepen van Semjonov behoorden ook een handvol Belgen die deserteerden uit het Belgische pantserkorps dat met de Russen aan het Oostfront vocht en via Vladivostok naar huis terugkeerden.

De Japanners in Vladivostok volgens het Italiaanse "Il 420", de bolsjeviek beeft en met hem de Duitser achter hem   (nr 176, 1918)