flip franssen

Migratiekaas met gaten: waar loopt de aanpak van transmigranten mank?

Al twee weken zijn de transmigranten niet uit het nieuws weg te slaan. Vluchtelingen en migranten die geen asiel aanvragen in België en willen doorreizen naar Groot-Brittannië, het is een ingewikkeld probleem. Waar loopt de aanpak precies mank? We vatten de gaten in de aanpak bij politie, gerechtelijke politie en in de politiek samen. We bekijken ook welke antwoorden worden geformuleerd. 

Dweilen met de kraan open, sisyfusarbeid, water naar de zee dragen. Met moedeloze woorden spreekt de politie over de acties tegen transmigranten. De migranten en vluchtelingen vertrekken uit het binnenland. Ze treinen of nemen de bus naar een plek waar ze zich proberen te verbergen in een vrachtwagen die naar Groot-Brittannië rijdt.

Lokale politiediensten proberen dat te voorkomen en pakken de transmigranten geregeld op. Ze contacteren dan de Dienst Vreemdelingenzaken die soms een uitwijzingsbevel voorziet. De volgende dag staan de transmigranten er opnieuw, en dat wel vijf tot tien keer toe. 

Begin deze week kondigt de korpschef van Kruibeke aan dat de lokale politie zelf niet meer actief op zoek gaat naar transmigranten. Te weinig bemanning, de rekrutering stokt, andere oproepen kunnen niet worden behandeld, luidt het.

Volgens Het Laatste Nieuws zijn afschrikacties van de politie enkel aan de kust nog de norm. Een begrijpelijke reactie, want voor de lokale politie lijken de acties nutteloos. Sommigen noemen het “een waterbedeffect”: schrik de transmigranten op een plaats af, dan duiken ze ergens anders op.

(Lees verder onder de reportage uit Kruibeke)

Video player inladen ...

Zijn er antwoorden op het probleem van de politiediensten? Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) wil dat de schaal van de politieacties vergroot. Daarvoor gaf het kabinet een nieuwe opdracht aan de zogenoemde Dirco, de politiebeambte die instaat voor de coördinatie van de politie in de hele provincie.

Voor West-Vlaanderen is dat Alain De Laender.  “Nu worden acties georganiseerd over een, twee of drie zones. De intentie is om dat open te trekken naar zes of zeven zones”, zegt De Laender. Volgens de woordvoerder van minister Jambon moet De Laender vooral zorgen voor een betere coördinatie: "We willen dat alle acties goed op elkaar worden afgestemd, met soms meerdere acties tegelijk." 

Tijdens politieacties kan heel wat informatie over mensensmokkelaars worden verzameld. Het gaat dan om telefoonnummers die in de gsm’s van de transmigranten zijn opgeslagen, of persoonsbeschrijvingen van smokkelaars die zij kunnen geven. 

“Bij bestuurlijke acties (zoals politieacties, red.) moet informatie verzameld worden die we kunnen gebruiken in gerechtelijke onderzoeken tegen mensensmokkelaars", zegt procureur van West-Vlaanderen Frank Demeester. Alleen zo draagt men niet enkel water naar de zee, maar zoekt men ook de bron. 

Dat loopt blijkbaar niet altijd van een leien dakje. “De informatiestroom van de politieacties kan beter”, klinkt het. Erger zelfs: “De gerechtelijke acties doorkruisen de politieacties”.  Volgens de woordvoerder van minister Jambon "kan er nog gewerkt worden" aan de doorstroom van informatie naar de diensten die smokkelaars opsporen. “Er is een heel grote noodzaak dat politiediensten en onderzoeksdiensten informatie over smokkelaars doorgeven.” Daar houdt de gerechtelijke directeur van West-Vlaanderen Kurt Desoete het bij. 

Er kan nog gewerkt worden aan de informatiestroom van de lokale diensten naar de diensten die mensensmokkelaars opsporen

Woordvoerder van minister voor Veiligheid Jambon (N-VA)

West-Vlaams gouverneur Carl Decaluwé brengt de verschillende diensten vrijdag rond de tafel. Hij ziet een oplossing door politieacties en het onderzoek van gerechtelijke politie beter op elkaar af te stemmen. Ook het kabinet van minister Jambon volgt de vergadering op.

Begin september zal het kabinet een omzendbrief rondsturen aan lokale politiediensten met tips over hoe ze beter informatie kunnen verzamelen bij acties gericht op transmigranten. "Het gaat over simpele dingen. Vragen over hun traject, van wie ze hun ticket hebben", zegt de woordvoerder van minister Jambon. Die informatie moet het grotere plaatje van de mensensmokkel helpen blootleggen.

Van alle transmigranten die worden opgepakt, krijgt de helft een uitwijzingsbevel. Minder dan een tiende wordt opgesloten in een gesloten centrum. En van de mensen zonder papieren die worden opgesloten, worden gemiddeld 8 op de 10 uitgewezen. Dat telde De Standaard na. Hoe komt het dat zo veel transmigranten een uitwijzingsbevel krijgen, maar zo weinig effectief worden uitgewezen?  

Om migranten terug te sturen, moet de overheid weten wie ze zijn en waar ze vandaan komen. Daarvoor is medewerking nodig van de landen van oorsprong, maar die is er niet altijd. In het geval van Eritrea en Somalië gaat het bovendien om landen met een bedenkelijke reputatie. Daarom blijft staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) pleiten voor een Europese oplossing, met gesloten buitengrenzen. 

Maar die Europese aanpak laat vaak te wensen over. Volgens het Dublinakkoord moeten migranten en vluchtelingen soms terug naar het eerste Europese land waar ze aankomen, veelal Italië, Spanje of Griekenland. Bij de migratiecrisis in 2015 bleek al dat die regel in de praktijk weinig wordt toegepast. Daarvoor is eerst een hervorming van het akkoord nodig.

Over die hervorming raken de Europese landen het maar niet eens. Het laatste voorstel bevat volgens de landen rond de Middellandse Zee te veel verantwoordelijkheid, en te weinig solidariteit. Voor de Visegradlanden (Polen, Hongarije, Tsjechië en Slovakije) is het net omgekeerd. Bij een hervorming van de Dublinregels zouden ook zij vluchtelingen moeten opnemen, en daar blijft vooral de Hongaarse premier Viktor Orban tegen gekant. Francken liet begin deze zomer zelfs vallen dat "de hervorming van Dublin dood is". Is de Europese oplossing nog een realistische uitweg, of zijn de Europese wateren te diep?