Italiaanse regering moet zich zorgen maken over de financiële markten

Voor de eurozone zijn nog niet alle gevaren geweken. Iedereen kijkt naar wat er de komende maanden in Italië gaat gebeuren. De Italiaanse regeringspartijen hebben aan hun kiezers dure beloftes gedaan. Als de regering die beloftes wil uitvoeren, dreigt de begroting te ontsporen. En dat terwijl Europa net vraagt dat Italië zijn begrotingstekort verder verkleint.

labels
Rob Heirbaut
Hendrik Vos en Rob Heirbaut schrijven om de twee weken beurtelings een opinietekst, respectievelijk analysetekst, over Europese politiek. Vos is hoogleraar aan de Universiteit Gent, waar hij directeur is van het Centrum voor EU-studies. Heirbaut is VRT-journalist, gespecialiseerd in de EU.

Sinds maandag heeft Griekenland geen Europese steun meer nodig. Het betekent niet dat Griekenland nu uit de problemen is, verre van. De werkloosheid blijft hoog, veel Grieken zijn geëmigreerd, de schuldenberg is gebleven en is er niet kleiner op geworden.

Maar ook voor de eurozone zijn alle gevaren nog niet geweken. Iedereen kijkt nu naar wat er de komende maanden in Italië gaat gebeuren. De Italiaanse regeringspartijen (Lega en de Vijfsterrenbeweging) hebben aan hun kiezers dure beloftes gedaan: er zou een vlaktaks komen, wat de belastinginkomsten zou doen dalen. En voor werklozen zou er een basisinkomen komen. Als de regering die beloftes wil uitvoeren, dreigt de begroting te ontsporen. En dat terwijl Europa net vraagt dat Italië zijn begrotingstekort verder verkleint. Italië heeft namelijk een enorme overheidsschuld (132% van het Italiaanse BBP). Een hoger tekort zal die schuld nog doen toenemen. Als de rente weer gaat stijgen, dreigt de situatie onhoudbaar te worden. De eurozone heeft dan wel een noodfonds om landen in financiële problemen te helpen, maar dat fonds is lang niet groot genoeg om Italië overeind te houden.

Italiaanse overheidsschuld mag niet verder stijgen

Europa volgt de begrotingsopmaak van de Italiaanse regering met argusogen, en ook de financiële markten zijn op hun hoede. De rente op Italiaanse overheidsobligaties ging begin augustus al omhoog. Door zijn hoge overheidsschuld wordt Italië door de Europese Commissie, net zoals België, meer op de vingers gekeken dan andere landen. Het Italiaanse begrotingstekort is onder de 3 procent gezakt. In de laatste reeks Europese aanbevelingen (goedgekeurd door de ministers van Financiën van alle EU-landen) wordt aan Italië gevraagd om het begrotingstekort verder te doen dalen met structurele maatregelen, zodat de overheidsschuld niet verder stijgt. Italië moet ook iets doen aan zijn pensioenuitgaven, die de hoogste van Europa zijn (goed voor 15% van het Italiaanse BBP).

Is het instorten van de brug in Genua een gevolg van besparingen die door Brussel zouden zijn opgelegd?

Zowat alle vorige Italiaanse regeringen lagen bij de begrotingsopmaak in de clinch met de Europese Commissie. Ook enkele leden van de huidige regering lieten al straffe uitspraken noteren. Als de financiële markten ons onder vuur nemen en Europa ons niet wil steunen, vragen we hulp aan Rusland, zei Paolo Savona, de minister van Europese zaken. Matteo Salvini, de populaire minister van Binnenlandse Zaken van Lega, aarzelde niet om Europa de schuld te geven voor het instorten van de brug in Genua, als gevolg van besparingen die door Brussel zouden zijn opgelegd. Merkwaardig, want Italië heeft sinds de invoering van de euro de Europese regels heel vaak straal genegeerd. De Europese Commissie reageerde geprikkeld: elk land beslist zelf waar het bespaart, zei een woordvoerder, en Italië kreeg uit de Europese fondsen al 2,5 miljard euro om te investeren in infrastructuur. Een ander lid van de regering vindt dat Europa moet toelaten dat investeringen in infrastructuur niet meegeteld worden bij de berekening van het begrotingstekort.

Italië investeert te weinig in infrastructuur

Ook dat laatste is geen nieuwe eis, en zeker geen louter Italiaanse eis. Heel wat economen vinden dat de begrotingsregels te streng zijn, dat ze ervoor zorgen dat lidstaten te veel gaan besparen op infrastructuur, en dat het inderdaad beter zou zijn om die kosten buiten de begroting te houden. De Vlaamse regering houdt trouwens een gelijkaardig pleidooi, om de investeringen voor de Oosterweelverbinding uit de begroting te kunnen houden. Andere economen zeggen dan weer dat Italië helemaal niet in aanmerking komt voor zulke budgettaire flexibiliteit, omdat het de voorbije jaren zijn bestaande infrastructuur verwaarloosd heeft.

Italië is trouwens niet het enige land dat te weinig investeert in infrastructuur. Ook Duitsland, kampioen van de budgettaire orthodoxie, investeert volgens de Europese Commissie veel te weinig, hoewel het een overschot heeft op zijn begroting en afstevent op een schuld van amper 51 procent van het BBP.

Ook Duitsland, kampioen van de budgettaire orthodoxie, investeert volgens de Europese Commissie veel te weinig.

Luidkeelse kritiek op Europa

Voor de Europese Commissie wordt het een moeilijke politieke oefening. De Italiaanse regeringspartij Lega zal elke vorm van commentaar aangrijpen om haar kritiek op Europa luidkeels te ventileren. Aan de andere kant zullen Duitse en Nederlandse politici de Commissie onder druk zetten om niet te soft te zijn voor Rome. Misschien moet de Italiaanse regering zich echter meer zorgen maken over de financiële markten. Zodra zij het vertrouwen verliezen in Italië en Italiaanse overheidsobligaties beginnen te verkopen, is het hek van de dam. Ze zullen dan zoveel rente moeten betalen op hun leningen dat het wurgend wordt. Wellicht zullen de financiële markten, meer nog dan de begrotings- en schuldenregels van het Stabiliteits- en Groeipact, bepalen hoever de Italiaanse regering kan gaan.

Zullen de lidstaten van de eurozone de komende maanden een poging doen om de muntunie te verstevigen?

Bovenop de begrotingskwestie zijn er ook nog altijd zorgen over de Italiaanse banken. Als de Turkse lira verder in waarde daalt en de economische problemen van Turkije verergeren, lopen zij een groot risico. Tegen die achtergrond gaan de lidstaten van de eurozone de komende maanden een poging doen om de muntunie te verstevigen. Van de verregaande voorstellen die de Franse president Macron daarover deed, blijft niet veel meer over. Voorstellen om een Europese depositoverzekering in te voeren, of een budget voor de eurozone dat lidstaten moet beschermen tegen economische schokken, zijn afgewezen of afgezwakt. “De eurozone mag geen transferunie worden”, klinkt het steevast. Eerst was het de bedoeling om in juni beslissingen te nemen over wat wél kan (zoals de omvorming van het Europees noodfonds tot een Europees Monetair Fonds), maar dat is intussen uitgesteld tot december. Geheel in lijn met de Europese traditie: zolang er geen acute crisis is, blijft het aanmodderen.