BELGA/WAEM

Onderzoek Leuvense economen kritisch voor taxshift: "Factuur is zeer hoog en terugverdieneffecten beperkt" 

Enkele economen van de KU Leuven zijn in hun analyse kritisch voor de taxshift van de federale regering. Die leidt tot extra jobs, erkennen ze, maar wel aan een hoge prijs. Want de kosten van de belastingverlagingen worden niet gecompenseerd door terugverdieneffecten.

Onderzoekers Bart Capéau, André Decoster, Sebastiaan Maes en Toon Vanheukelom gingen in "Betaalt de taxshift zichzelf terug?" dieper in op de taxshift die in de zomer van 2015 werd beslist. Om uw geheugen op te frissen: die taxshift is een verschuiving van de lasten op arbeid naar belastingen op consumptie of op inkomen uit vermogen. Zo werden bijvoorbeeld de werkgeversbijdragen voor de sociale zekerheid verlaagd van 33 naar 25 procent. Ook de personenbelasting werd via enkele ingrepen verlaagd.

De federale regering noemt de taxshift een succes en wijst naar de banengroei van de voorbije jaren. Zo heeft de Nationale Bank het over 163.000 banen die in de voorbije 3 jaar zijn gecreëerd, en nog eens 97.000 die er zullen bijkomen in de komende 3 jaar.

Maar die extra jobs hebben natuurlijk ook te maken met de goede economische conjunctuur. Om te berekenen hoeveel jobs erbij komen door de taxshift alleen, baseren de onderzoekers van de KU Leuven zich op computermodellen. "Wij bouwen -zoals in de klimaatproblematiek- een model waarmee we zo goed mogelijk de economische werkelijkheid weergeven. We laten dat model dan lopen, zonder of met een specifieke maatregel, en we kijken naar de uitkomst", zegt professor André Decoster in "De wereld vandaag".

Afhankelijk van het gehanteerde scenario, komen de onderzoekers zo uit op 65.000 tot 92.000 bijkomende jobs door de taxshift in de periode 2016-2020.  Naast de extra jobs is er ook een koopkrachtverhoging. De maatregelen leveren een gemiddeld gezin ruim 100 euro op per maand. Mensen die werken, gaan er het meest op vooruit, gepensioneerden en mensen met een uitkering veel minder. 

"Geen belastingverschuiving, maar een belastingverlaging"

De taxshift heeft uiteraard ook een kostenplaatje, met gevolgen voor de begroting. In het onderzoek wordt de factuur geraamd op 8,9 miljard euro. De inkomsten uit de personenbelasting vallen 6,2 miljard lager uit, de werkgeversbijdragen 3,6 miljard. Daar wordt dan nog 950 miljoen afgetrokken door inkomsten uit de verhoging van de indirecte belastingen. Het terugverdieneffect als gevolg van de gecreëerde tewerkstelling (bij 65.000 nieuwe jobs) wordt geschat op "slechts" 394 miljoen euro.

Het verschil is groot, luidt het. "De tewerkstelling wordt inderdaad gestimuleerd, maar men moet niet te veel verwachten van de terugverdieneffecten. Het is in feite geen taxshift want die initiële factuur, die zeer hoog is, wordt niet gedekt. Een taxshift zou een belastingverschuiving moeten zijn die budgetneutraal is. Dat is hier helemaal niet het geval."

"Ik zou eerder van een belastingverlaging spreken. En gegeven dat die belastingverlaging focust op de middeninkomengroepen die meestal al werken, is het niet verwonderlijk dat de terugverdieneffecten niet zo groot zijn. Dus nee, als taxshift vind ik niet dat het geslaagd is", besluit Decoster.

Beluister het gesprek met André Decoster in "De wereld vandaag":