Video player inladen ...

Ook in beroep beslist rechter dat regering kinderen van IS-vrouwen niet moet repatriëren naar België

Onze regering moet de zes kinderen van IS-vrouwen niet terughalen naar België. Dat heeft het Brusselse hof van beroep geoordeeld. Ook in eerste aanleg besliste de rechter dat ons land die verplichting niet had. De kinderen zitten samen met hun moeders vast in een kamp in het noorden van Syrië. "Maar de vrouwen en kinderen in het kamp vallen niet onder het gezag van de Belgische staat", aldus de rechter in het arrest.

Twee Belgische vrouwen van IS-strijders daagden in mei de Belgische Staat voor de rechter in kortgeding. Ze willen dat hun zes kinderen, waarmee ze in een Koerdisch vluchtelingenkamp in het noorden van Syrië vastzitten, kunnen terugkeren naar België en vinden dat de Belgische Staat in gebreke blijft. De moeders trokken vijf jaar geleden naar het conflictgebied, in navolging van hun intussen overleden mannen die er gingen strijden. VRT-journalist Rudi Vranckx kon de vrouwen uit Borgerhout daar in maart van dit jaar nog spreken. Naar eigen zeggen verblijven ze er in erbarmelijke omstandigheden: Weinig water, voedsel, medicatie en in snikhete temperaturen. 

In juli besliste de rechter in kortgeding dat de regering de zes kinderen niet moet terughalen naar België. Wél heeft ons land volgens de rechtbank de morele plicht om zich het lot van de kinderen aan te trekken. Maar verplichten om de kinderen te repatriëren, kan de rechter niet. Want ons land beschikt in Syrië over geen enkele bevoegdheid en de rechterlijke macht kan ons land niet bevelen om een militaire operatie in het buitenland te organiseren. Daarnaast toonden de moeders niet genoeg aan dat hun kinderen in direct gevaar zijn. 

De rechter in beroep volgt die beslissing van eerste aanleg. Het hof oordeelde vandaag dat het beroep wel ontvankelijk, maar ongegrond was. Volgens de rechter oefent de Belgische Staat geen enkel gezag of controle uit in het gevangenenkamp en vallen de vrouwen en hun kinderen dan ook niet onder de rechtsmacht van ons land. Daardoor kan de Belgische staat niet verplicht worden om de kinderen terug te halen. 

Die vrouwen vinden het hun taak om al het nodige te doen om later te kunnen zeggen aan hun kinderen dat ze echt alles gedaan hebben om hen terug te krijgen

Advocaat van de IS-moeders Walter Damen

Maar de twee Belgische moeders leggen zich niet neer bij de uitspraak van het hof. "We gaan verder procederen", zo zegt hun advocaat Walter Damen. "Die vrouwen vinden het hun taak om al het nodige te doen om later te kunnen zeggen aan hun kinderen dat ze echt alles gedaan hebben om hen terug te krijgen. We gaan dus alleszins verder met de procedure. Dit was een kortgeding, we kunnen nog in cassatie gaan. We kunnen ook nog de rechter ten gronde vatten. En in theorie kunnen we zelfs een strafprocedure opstarten wegens schuldig hulpverzuim."