Copyright 2016 The Associated Press. All rights reserved. This material may not be published, broadcast, rewritten or redistribu

De wereld gaat erop vooruit, al zeker dertig jaar lang

De wereld gaat erop vooruit, en dat al meer dan 30 jaar lang. Dat schrijft althans de UNDP, de ontwikkelingsorganisatie van de Verenigde Naties, in haar nieuwste rapport over de ontwikkeling van de mensheid. Gemiddeld wordt een aardbewoner die nu geboren wordt zeven jaar ouder dan in 1990. Mensen leven langer, krijgen een betere opleiding en hebben meer kansen op een beter leven dan dertig jaar geleden. Al blijven er grote verschillen naar gelang van de grote regio's in de wereld. Zo blijft de kloof wat de ontwikkeling betreft tussen de Europese landen en de landen van Sub-Sahara-Afrika na drie decennia nog altijd even groot.

De Human Development Index deelt de landen in categorieën in, van hoog-ontwikkeld, over gemiddeld-ontwikkeld naar laag-ontwikkeld. Dan blijkt dat landen die tot een bepaalde categorie behoren bijna altijd binnen die categorie blijven. Wel gaat de ontwikkeling erop vooruit, van élke categorie.

Grosso modo behoren Europa, Centraal-Azië en Latijns-Amerika tot de meest-ontwikkelde gebieden ter wereld. Alle Arabische landen samen volgen al een hele stap lager en de minst-ontwikkelde regio's zijn Zuid-Azië en vooral Sub-Sahara Afrika. De verschillen tussen die verschillende landengroepen zijn de afgelopen dertig jaar niet veel groter of kleiner geworden.

Over deze hele periode zijn de landen van Zuid-Azië wel het snelst gegroeid wat hun globale ontwikkeling betreft, met ruim 45%. Verrassend is dat Sub-Sahara Afrika, hoewel nog altijd de minst-ontwikkelde regio in de hele wereld, ook bij de grootste groeiers hoort, met bijna 35% tussen 1990 en 2017. Maar dat belet dus niet dat het overgrote deel van de laag-ontwikkelde landen Afrikaanse landen zijn, samen met bijvoorbeeld Afghanistan en Jemen.

Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

Oorlogslanden Jemen, Libië en Syrië

De grootste verschuivingen in de ontwikkelingsindex doen zich voor bij landen die in oorlog zijn. Zo zijn zowel Jemen als Libië de afgelopen vijf jaar met twintig plaatsen of meer gezakt. En Syrië heeft in diezelfde periode van 2012 tot 2017 de grootste klap gekregen: van plaats 128 naar 155. Daarmee is het van een gemiddeld-ontwikkeld land een laag-ontwikkeld land geworden. Het is zeer uitzonderlijk dat een land in een andere categorie terecht komt in enkele jaren tijd. De oorlog in Syrië is dan ook een van de grootste menselijke tragedies van de afgelopen jaren.

Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved

Hoop voor Afrika?

De cijfers van de Human Development Index, ook voor Afrika, geven toch enige hoop dat het langzaam maar zeker de goede richting opgaat. Toch moeten we voorzichtig blijven. Ook dit rapport is dikwijls voor belangrijke onderdelen gebaseerd op cijfers die het betrokken land zelf aanlevert.

Voor het overgrote deel van de landen zijn die redelijk betrouwbaar, zeker als de statistieken opgesteld worden in samenwerking met erkende internationale onderzoeksinstellingen. Maar zeker voor de dictatoriaal-geleide landen moeten we toch voorzichtig zijn. Zij stellen graag de situatie in hun eigen land veel rooskleuriger voor dan de werkelijkheid is. Meer dan dertig jaar geleden was dat bijvoorbeeld het geval in de landen van Oost-Europa. Nu worden de cijfers graag wat opgesmukt in onder meer Afrikaanse landen die zich als een aantrekkelijke partner willen voorstellen voor mogelijke buitenlandse investeerders. Een land als Rwanda staat daarvoor bekend in academische middens. Maar het is lang niet het enige.

En zo is de Human Development Index niet meer dan het wil zijn: een pakket van meetinstrumenten waarmee de deskundigen aan de slag kunnen om er hun eigen conclusies uit te trekken. Daarvoor hebben ze dan een heel jaar, tot de volgende editie uitkomt.

Beluister hier de uitleg van Peter Verlinden in "De wereld vandaag"