Video player inladen ...

Fraudejagers slaan alarm over bedrieglijke faillissementen in de bouw: "Veel kleine fraudeurs gaan vrijuit"

Sommige malafide aannemers misbruiken de nieuwe faillissementswet om makkelijk failliet te kunnen gaan. Dat blijkt uit een reportage in ons magazine "Pano", die vanavond wordt uitgezonden. Jammer genoeg verrotten ze zo de bouwsector, en trekken ze de aannemers die het goed menen mee in het bad. Fraudejagers bij de parketten slaan alarm.

Is uw failliete aannemer er met uw voorschot vandoor? U bent uw geld wellicht definitief kwijt. Uw aannemer heeft mogelijk al een nieuw bedrijf, is nieuwe voorschotten aan het verzamelen en hij zal over afzienbare tijd opnieuw failliet gaan. De "Pano"-reportage van vanavond toont aan dat sommige malafide bouwondernemers dit spel ettelijke keren spelen, én ermee wegkomen. 

Het parket slaat alarm

Elk jaar gaan in ons land ongeveer 11.000 bedrijven failliet. Hoeveel van deze faillissementen zijn frauduleus? Niemand weet het precies.

“Met de meeste faillissementen is er wel iets mis: dat kan gaan van een gammele boekhouding over ontvreemding van activa tot regelrechte witwaspraktijken", legt Katrien De Smet van het parket van Oost-Vlaanderen uit. “We openen bij ieder faillissement een strafdossier. Maar veel zaken worden geseponeerd: omdat er geen misdrijven werden gepleegd of de zaakvoerder te goeder trouw is, omdat de aantijgingen te licht wegen, omdat de curator een dading bereikt, of omdat het niet zinvol is om te vervolgen. Hoeveel faillissementen uiteindelijk leiden tot een veroordeling? Die cijfers worden niet bijgehouden."

Het gerecht is overbevraagd (beeld: 'Pano')

Geld wegsluizen

Een bedrijf gaat failliet als de zaakvoerder zijn schulden niet meer kan betalen. Normaal gezien gebeurt dat tegen de wil van de zaakvoerder: je start een bedrijf met het oog op een succesvolle, gezonde zaak. Maar een vennootschap is ook een uitstekend instrument om op korte tijd veel geld te vergaren en dat weg te sluizen. Om vervolgens zelf het faillissement te organiseren. De schuldeisers blijven in de kou staan. De malafide ondernemer wandelt fluitend weg, met een goed gevulde bankrekening.

Een domme dief gebruikt een koevoet om te stelen. Een slimme gebruikt een vennootschap.

Geert Vandendriessche, curator uit Antwerpen

Steven De Winter van het parket van Antwerpen: "Onlangs had ik een zaak van een kleine transportfirma. Die zaakvoerders hebben op een vijftal jaar een bedrag van 3,5 miljoen euro bij mekaar gefraudeerd. Dat is echt veel geld. Je moet eens proberen om dat als werknemer voor elkaar te krijgen: zelfs als je je hele loopbaan lang geen belastingen of rsz zou betalen, kun je in de verste verte niet zo'n bedrag bij elkaar frauderen. Het geeft een idee van de mogelijkheden van een vennootschap als fraude-instrument."

Frustrerend

Is het zo eenvoudig? Een vennootschap oprichten, er een hoop geld in verzamelen, weer leeghalen en failliet laten gaan? Wandelen fraudeurs vandaag inderdaad fluitend weg? In vele gevallen wel. 

“Er is een zekere straffeloosheid”, bevestigt Katrien De Smet. “Dat komt door de reactiviteit van justitie: we lopen per definitie achter de feiten aan. Maar ook door het gebrek aan mankracht, zowel bij politie als gerecht.  En het gaat sowieso allemaal erg langzaam. Het duurt soms jaren vooraleer iemand effectief veroordeeld wordt. In tussentijd doet zo iemand gewoon verder. Het is frustrerend."

Beeld uit 'Pano': als je aannemer met de noorderzon verdwijnt

Steven De Winter: "Mijn sectie is – wegens besparingen - op enkele jaren tijd geslonken van 16 naar 9 mensen. En we moeten net zoals vroeger alle meldingen van witwas, van georganiseerde financiële en fiscale fraude en van corruptie behandelen van de hele provincie Antwerpen. Inclusief een grote wereldhaven. Het is fysiek onmogelijk om alle faillissementen binnenstebuiten te keren. Dus hoe jammer het ook klinkt: vele kleine fraudeurs gaan de facto vrijuit."

Ook bij het Limburgse parket maken faillissementen een groot deel van hun opdracht uit, zegt Bart Helsen. "We proberen niet alleen op te treden nà de feiten, maar ook preventief te werken om fraude te vermijden. Zo hebben we twee projecten opgestart, samen met andere diensten, waardoor we malafide ondernemingen proberen te detecteren nog voor ze veel schade hebben aangericht. Maar inderdaad, ook wij moeten prioriteiten stellen. Alles strafrechtelijk onderzoeken is niet mogelijk."

We kunnen onmogelijk alle faillissementen binnenstebuiten keren. Dus veel kleine fraudeurs gaan de facto vrijuit.

Steven De Winter, parket Antwerpen

Zand in het radarwerk

"De impact van faillissementsfraude is groot", benadrukt Helsen nog. "Vaak zijn er klanten die hun voorschotten kwijt zijn. Er zijn leveranciers die, wanneer ze hun facturen niet betaald krijgen, zelf in grote moeilijkheden kunnen geraken: een soort domino-effect. Maar ook laat een failliet bedrijf vaak enorme schulden aan sociale zekerheid, btw of belastingen achter. Dat is geld dat de gemeenschap kwijt is. Dus het raakt ons allemaal."

"Dit verziekt ook het economische verkeer. Leveranciers die niet betaald werden, kunnen zelf hun verplichtingen niet meer nakomen. Als vertrouwen olie is voor de economie, dan vormt wantrouwen zand in het economisch raderwerk", zegt professor Joeri Vananroye (KULeuven). “Er ontstaat bovendien  concurrentievervalsing. Het is moeilijk concurreren met iemand die zijn kosten niet betaalt, en die met een nieuwe vennootschap zijn bedrijf verderzet terwijl hij  zijn sociale of fiscale schulden in een lege doos heeft achtergelaten."

Faillissementswet: een nieuwe start

Toch lijkt bij de politiek momenteel eerder de wil te bestaan om ondernemers nog meer ruimte te geven. Er is een nieuwe faillissementswet, waardoor een gefailleerde nog voor de afsluiting van zijn faillissement opnieuw mag starten en die inkomsten voor zich houden. Het wordt in de toekomst ook mogelijk om zonder startkapitaal een zaak te beginnen. 

We moeten opletten dat er geen boulevard open ligt voor fraudeurs, terwijl diegenen die wel netjes alle regels volgen hiervan het slachtoffer worden.”

Prof.  Joeri Vananroye: “Je ziet dat de klemtoon in de politiek verschuift. Vroeger richtten falingen echte drama’s aan, ondernemers die mislukten waren vaak geruïneerd. Nu wil men mensen eerder aanmoedigen om opnieuw te beginnen. Dat is op zich uitstekend. De vraag is alleen of de slinger niet te ver dreigt door te slaan. We moeten opletten dat de weg niet wijd open ligt voor fraudeurs, terwijl diegenen die wel netjes alle regels volgen hiervan het slachtoffer worden.”

“Ik merk ook dat een attest van bedrijfsbeheer sinds deze maand niet meer nodig is,” zegt Bart Helsen van het Limburgse parket. “Dat gaat over minimale basiskennis, maar daardoor wisten starters dan toch wel dat ze bijvoorbeeld jaarrekeningen moeten neerleggen, of dat het geld van de vennootschap niet hetzelfde is als hun privégeld. Ik betreur dat die verplichte opleiding is weggevallen.”

De slinger slaat door

Katrien De Smet van het Oost-Vlaamse parket vindt ook dat de slinger doorslaat. “Een voorbeeld: sinds 2013 vragen we aan de rechters een burgerlijk beroepsverbod op te leggen aan malafide ondernemers. Daardoor zijn ze toch een vijftal jaar uit roulatie. Maar dan zie je dat zo iemand toch een nieuw bedrijf start. Soms met een stroman, maar soms ook op eigen naam. Wanneer hij zijn nieuwe vennootschap komt aangeven op de rechtbank van koophandel zouden de mensen daar dat kunnen controleren. Maar dat gebeurt niet, helaas, want ze mogen aan de aanvrager geen identiteitspapieren vragen. Terwijl: toen mijn man vorige week ging zwemmen met de kinderen, moest hij aan de loketbediende zijn identiteitskaart laten zien, om te controleren of hij wel effectief in Gent woont. Als ik dat zie denk ik: er klopt iets niet."

Bekijk de volledige "Pano" vanavond om 21.25 uur op Eén.