"Een burgemeester die problemen op een bierviltje noteert, is dat modern bestuur?"

Soms zou je vergeten dat er straks ook nog verkiezingen georganiseerd worden in de 307 Vlaamse gemeenten buìten Antwerpen. Die zelfs niet geheel onbelangrijk zijn: de helft van de Vlaamse gemeenten is kleiner dan 15.000 inwoners. De vraag is dan: worden we daar wel goed bestuurd? Professor Johan Ackaert, expert lokale politiek van de Universiteit Hasselt, is pessimistisch. De grote oplossing moet een nieuwe fusiegolf zijn. 

Dorpspolitiek – zo mogen we de stiel toch noemen in die gemeenten onder de 15.000 inwoners – kampt met een imagoprobleem. Ruzies, belangenvermenging, amateurisme, te kleinschalig – you name it, en het cliché bestaat wel. Of dat terecht is?

Volgens Johan Ackaert is de dienstverlening in die kleine gemeenten de voorbije jaren een stuk verbeterd, maar is er weinig reden tot optimisme over de bestuurskracht. 

We beginnen met het goede nieuws. De burgers hebben heel veel vertrouwen (73 procent) in het lokale niveau. Of liever: in de dienstverlening op lokaal niveau. Maar als het gaat over vertrouwen in hun lokale bestuur, zakt dat cijfer dramatisch, naar 35 procent. Dat is meer dan het vertrouwen in de Vlaamse (22 procent) of federale regering (16 procent), maar het is en blijft een bodemkoers.

Meer dan de helft van de gemeenten zegt op het tandvlees te zitten

Te klein?

Eén van de problemen is dat die gemeenten simpelweg te klein zijn om de al maar groeiende bevoegdheden het hoofd te bieden. “We vroegen de gemeentesecretarissen hoe zij omgaan met die nieuwe taken”, zegt Ackaert. “Meer dan de helft van hen zegt op het tandvlees te zitten.”

Neem nu Zuienkerke. 2800 inwoners, waar straks zelfs geen gemeenteraadsverkiezingen gehouden worden omdat geen enkele lijst de zittende burgemeester uitdaagt. Daar is goed bestuur, denkt Ackaert, “quasi onmogelijk”. “Ik kan me inbeelden dat die burgemeester op straat loopt, en alle problemen op een bierviltje noteert. Maar is dat modern bestuur?”

(lees verder onder de video)

Video player inladen ...

Veel van die gemeenten zijn volgens Ackaert helemaal niet klaar om alle nieuwe uitdagingen op vlak van digitalisering, vergrijzing klimaatsverandering of ruimtelijke ordening adequaat aan te pakken. 

Te dicht bij de kiezer?

Dicht bij de burger staan, is één ding. Te dicht een ander. Zeker in de kleinere gemeenten bestaat dat risico. In de dorpen kan iedereen zomaar aankloppen bij de burgemeester, of hem opbellen. Kan mijn lapje grond bouwgrond worden? Kan mijn stukje straat heringericht worden? Of dat nu wettelijk is of niet, is niet altijd een argument. 

Ackaert denkt dat het risico dat burgemeesters meestappen in zo’n (onwettelijk) verhaal“groot” is. “Het risico is zeker groter in kleinere gemeenten, waar men dichter op elkaars lip zit. Mensen maken vaak persoonlijke aanspraken op burgemeesters, en je ziet dat vooral burgemeesters die jong in het vak zijn het daar moeilijk mee hebben".

(lees verder onder de video)

Video player inladen ...

Te veel ruzie?

Als Ackaert de vraag krijgt of ruzies eigen zijn aan dorpspolitiek, wijst hij meteen naar de nationale politiek. “Als ik het aantal conflicten in de nationale politiek bekijk, denk ik soms dat de Wetstraat de Dorpsstraat is geworden. Maar uw vraag is terecht. Lokale politiek steunt veel meer op mensen dan op personen. De voorkeurstem wordt ook vaker gebruikt dan bij nationale verkiezingen. Dat brengt met zich mee dat je vaak een strijd tussen ego’s en haantjes krijgt". 

(lees verder onder de video)

Video player inladen ...

Soms denk ik dat de Wetstraat de Dorpsstraat geworden is

Zijn er voldoende goede mensen?

Her en der duiken klachten op hoe moeilijk het is om voldoende mensen te vinden om alle lijsten te vullen. Laat staan dat je geschikte mensen vindt. Ackaert: “Ik krijg vanuit verschillende partijen in verschillende gemeenten te horen dat het moeilijk is om de lijsten rond te krijgen.”

Volgens Ackaert heeft dat te maken met de inhoud van lokale politiek: liever praktische, kleine zaken regelen dan een grotere visie ontwikkelen. “Ik nodig mijn studenten altijd uit om eens een gemeenteraadszitting bij te wonen. Als ik hen dan vraag of het hen geboeid heeft, krijg ik weinig enthousiaste reacties.”

(lees verder onder de video)

Video player inladen ...

Fusies dan maar?

Voor elk van al die problemen, is er volgens Ackaert een oplossing. Schaalvergroting. Fusies, met andere woorden. “We stellen vast dat kleinere gemeenten hun takenpakket maar met moeite aankunnen. En als we kijken naar wat op ons afkomt – digitalisering, verkleuring, vergrijzing, climate change – denk ik dat die kleinere gemeenten moeten afhaken".

“Gemeenten van meer dan 40.000 inwoners kunnen hun ding nog wel doen. Ik heb het gevoel dat de steden goed bestuurd worden. In 1988, bij de doorbraak van het Vlaams Blok, zag men de steden nog als een bron van ellende. Maar kijk nu eens, twintig jaar later, welke dynamiek die steden hebben. Tegelijkertijd ben ik pessimistisch over de bestuurskracht van kleine gemeenten.”

Video player inladen ...

Beluister het gesprek met professor Ackaert in "De ochtend":