Video player inladen ...

28-9-1918: Het Belgisch leger gaat in de aanval

Voor de derde dag op rij openen de Geallieerden een offensief aan het Westelijk front. De Belgen, de Fransen en de Britten zijn in Vlaanderen in de aanval gegaan. Het is voor het eerst dat het Belgisch leger aan een offensief deelneemt sinds 1914.

Tussen Diksmuide tot voorbij Ieper is een grootschalig nieuw geallieerd offensief begonnen.

Voor dit offensief is een nieuwe legergroep samengesteld, bestaande uit het volledige Belgische leger en Britse en Franse divisies. Deze Legergroep Vlaanderen staat onder het bevel van koning Albert. De deelname van het Belgisch leger is opvallend. Tot nu toe hebben de Belgen nooit samen geopereerd met andere geallieerde legers.

Britten en Belgen samen in Zonnebeke. Beginfoto, Belgische artillerie probeert zo dicht mogelijk in het spoor van de infanterie te volgen (Collectie KLM)

De aanval begint zoals gewoonlijk vlak voor zonsopgang om 5u30, na drie uur artilleriebeschietingen. Op dat ogenblik begint een koude motregen te vallen die weldra in een stortregen overgaat waardoor de opmars fel wordt gehinderd.

Belgische cavallerie  op weg naar het front in de druilerige regen (KLM)

Het eindobjectief, de Vlaamse Heuvelkam wordt niet overal bereikt. Het Belgische 2de Regiment Grenadiers verovert wel Passendale dat door de Britten was opgegeven tijdens het Duitse Lenteoffensief. De Britten in het zuiden veroveren Zandvoorde en Beselare en bereiken wel hun objectief.

Het heroverde Passendale: de Duitsers laten een bord achter met "Kirche" op de plaas waar ooit de kerk stond (KLM).
Inderhaast door de Duitsers ahtergelaten loopgraaf (KLM)

Toch is het resultaat positief: ongeveer 4000 Duitsers zijn krijgsgevangen gemaakt en er is een vooruitgang gerealiseerd van 3 tot 8 kilometer.

Op tijd voorraden aanvoeren voor de oprukkende troepen verloopt bijzonder moeilijk in dit bijna volledig verwoeste gebied met amper wegen (KLM)

Dit is al het derde geallieerde offensief dat in drie dagen wordt opgezet, na de Argonne en het Canal du Nord. De Duitsers lijken niet in staat om zoveel aanvallen tegelijk te kunnen weerstaan.

Duitse krijgsgevangenen worden afgevoerd (KLM)
De in New York verschijnende avondkrant Brooklyn Daily Eagle kan het nieuws van het Belgische offensief nog de dag zelf brengen dankzij het tijdsverschil , het Parijse Le Journal pas de dag nadien.

Reacties op ineenstorting van Bulgarije

Het nieuws dat Bulgarije de strijd opgeeft veroorzaakt grote vreugde in het Geallieerde kamp. Dit lijkt nu wel het begin van het einde voor Duitsland.

Inderdaad betekent de overgave van Bulgarije voor de Centralen een verlies van bijna een half miljoen man troepen, plus grote hoeveelheden wapens en munitie, waarvan het Bulgaarse leger goed voorzien was.

De Bulgaarse koning Ferdinand zit een zitting van het parlement in Sofia over de situatie voor (uit Le Miroir, 13-10-1918)

Bovendien vormen de Centralen niet langer één aaneengesloten gebied. Nu Bulgarije wegvalt zijn Duitsland en Oostenrijk-Hongarije over land gescheiden van Turkije en dat terwijl er heel wat Duitsers in de Turkse legers vechten. Ook wordt de zuidkant van Oostenrijk-Hongarije nu bedreigd, net als de door de Duitsers gecontroleerde olievelden in Roemenië.

Van links naar rechts de Bulgaarse premier Malinov, koning Ferdinand en minister Ljaptsjev, die over de wapenstilstand moet onderhandelen.

Voor Servië en Montenegro betekent dit het begin van de bevrijding van een bezetting die drie jaar geduurd heeft.

Ook in het bezette België is het nieuws niet onopgemerkt voorbij gegaan. Iedereen spreekt erover en lijkt aan te voelen dat er iets gaat gebeuren.

De Spaanse gezant in Brussel, de markies van Villalobar, zei tot enkele journalisten dat de oorlog zeer waarschijnlijk voor eind dit jaar voorbij zal zijn. Hij verwacht zich aan “gebeurtenissen die Europa zullen overrompelen”. De journalisten tot wie hij sprak waren net vrijgelaten na tussenkomst van de markies.

Een eenheid van het herrezen Servische leger

In Duitsland wordt de indruk gegeven dat de situatie in Bulgarije nog niet helemaal duidelijk is. De Duitse minister van Buitenlandse Zaken von Hintze vroeg zich in de Rijksdag af wat de ware bedoelingen van de Bulgaarse regering zijn door een wapenstilstand te vragen. Op nogal hypocriete wijze uitte hij zijn twijfels of de koning en het parlement van Bulgarije daarover wel geraadpleegd zijn. Ook beweerde von Hintze dat sommige Bulgaarse partijen en delen van de bevolking zouden protesteren tegen een wapenstilstand. Over de rampzalige toestand waarin het land verkeert, zweeg hij.

De Duitse kanselier von Hertling tegen de Belg die rechtkrabbelt: "We boden hem vrede aan nadat we Luik hadden ingenomen, maar hij weigerde" ( uit The New York Tribune, 29-09-1918).