Opwarming van de aarde met anderhalve graad: Wat is de concrete impact op ons leven?

Volgende maandag, over 5 dagen, verschijnt het VN-rapport van het internationaal panel van klimaatwetenschappers IPCC dat de mogelijke gevolgen van de opwarming van de aarde met 1,5 en 2 graden heeft onderzocht. In de aanloop daarvan nemen we de impact van 1,5 graad opwarming op ons leven onder de loep. Wat betekent dit concreet voor ons? Wat is de invloed op ons dagelijkse leven? Vandaag leggen we deze vraag voor aan een weerkundige en een klimatoloog.

Wereldwijd hebben duizenden wetenschappers de mogelijke gevolgen van de opwarming van de aarde met 1,5 en 2 graden onderzocht. Hun bevindingen worden in Zuid-Korea een week lang onder de loep gehouden, waarna het klimaatpanel samen met regeringsdelegaties een rapport opstelt dat moet dienen als leidraad voor klimaatbeleid.  Dat rapport wordt maandag gepubliceerd. 

We merken het allemaal: trekvogels komen vroeger aan in de lente. Fruitbomen staan eerder in bloei. Insecten die tot voor kort alleen in warmere streken voorkwamen, zitten nu ook bij ons. Veel van die veranderingen hebben te maken met ons weer en klimaat.

“Het is goed om een onderscheid te maken tussen weer en klimaat,” zegt Rozemien De Troch van het KMI. “Het weer is wat we elke dag zien. Dat kan snel veranderen. Het klimaat is het gemiddelde van het weer over 30 jaar. In die zin is het weer wat we krijgen, het klimaat wat we verwachten.” 

“Om iets over de toekomst te zeggen, hebben we modellen nodig,” zegt De Troch. “We hebben geen glazen bol. We weten niet hoe de precieze evolutie van de uitstoot van broeikasgassen gaat evolueren of hoe de bevolking gaat aangroeien. Dus maken we verschillende veronderstellingen, verschillende toekomstscenario’s. Er zijn optimistische scenario’s maar ook meer pessimistische scenario’s.”

Alle modellen zijn het erover eens dat voor het meest pessimistische scenario, tegen het eind van deze eeuw de opwarming van onze planeet varieert tussen iets meer dan 2 graden en bijna 6 graden Celsius 

“Wat we kunnen zeggen, is dat alle modellen het erover eens zijn dat voor het meest pessimistische scenario, tegen het eind van deze eeuw de opwarming van onze planeet varieert tussen iets meer dan 2 graden en bijna 6 graden Celsius."

"Voor sommige gebieden zien we dat de opwarming sterker of sneller gaat. In het algemeen: de opwarming aan de polen is groter dan in andere gebieden op aarde. En hoe meer broeikasgassen we uitstoten, hoe meer ons klimaat zal opwarmen. Dat zal gevolgen hebben voor de hele planeet.”

Middellandse Zeeklimaat komt naar hier

Het KMI vertaalde vorig jaar de modellen van de globale opwarming naar ons land. “Voor België zijn alle modellen het erover eens dat het klimaat tegen het einde van de eeuw volgens het meest pessimistische scenario verder zal opwarmen. Afhankelijk van de modellen die voor België gebruikt worden, zal die opwarming tussen 2,5° en 3° Celsius bedragen, “ zegt De Troch. 

“Deze opwarming is niet gelijkmatig verdeeld. Aan de kust is de opwarming kleiner dan in het zuiden van het land. België ligt in een soort transitiezone. Het Middellandse Zeeklimaat rukt op naar het noorden.” Verder zullen extreme weersituaties meer voorkomen.

(Lees verder onder het videofragment)

Rozemien De Troch, KMI: "De hitte van vorige zomer kan gelinkt worden aan de klimaatverandering." 

Video player inladen ...

Steven Caluwaerts van de UGent legt uit dat we tegen het eind van deze eeuw meer en langere hittegolven krijgen en dat de winters natter worden. De zomers worden droger maar de onweders feller.

(Lees verder onder het videofragment)

Steven Caluwaerts, UGent: "Het weer verandert het hele jaar door."  

Video player inladen ...

Hitte-eiland

“Voor steden komt er bovenop de opwarming van de planeet nog het effect van de hitte-eilanden,” zegt Caluwaerts. “Steden hebben een bijzonder microklimaat. Materialen als beton en steen houden de warmte langer vast. De gebouwen houden de invallende zonnestralen als het ware gevangen. Ook de uitgaande infraroodstraling wordt vastgehouden. Bovendien is er in een stad veel verharding, weinig groen en daardoor ook relatief weinig vocht."

"Dus als de zon schijnt, wordt bijna alle energie gebruikt om de lucht op te warmen. Er zal zeer weinig energie verloren gaan aan het verdampen van vocht omdat er gewoon heel weinig vocht in de bodem zit. En dan heb je in een stad nog verkeer, airco’s en verwarming die ook nog een beetje warmte afgeven."

"Al die factoren samen maken dat we in een stad hogere temperaturen krijgen. Voornamelijk tijdens de nacht. Tussen de minima in het centrum van Gent en net buiten de stad, meten wij makkelijk tot 6 ° verschil.”  Hier kan je de temperatuur op verschillende plaatsen in Gent in realtime volgen

Makkelijk 6° meer in de stad dan er net buiten

Steven Caluwaerts

(lees verder onder het videofragment)

Video player inladen ...

Het verschil wordt nog groter

De opwarming van onze planeet werkt met vertraging. Zelfs als we vandaag zouden stoppen met de uitstoot van broeikasgassen, dan nog krijgen we de effecten van de opwarming die al is ingezet.

Sinds de jaren 70 is het aantal hittegolven bij ons gestegen van één om de drie jaar tot elk jaar een. Het gemiddelde zeeniveau in Oostende is met 11,5 cm gestegen tegenover de jaren 50. De effecten die we nu al meten, zullen nog vergroten.

En ons weer? Met grote waarschijnlijkheid zullen we extremere weersomstandigheden krijgen. Ook bij ons. "Het zijn net die uitersten die ons parten gaan spelen en geld gaan kosten," zegt Steven Caluwaerts.

"We moeten zowel inzetten op het beperken van een verdere stijging van de temperatuur als op aanpassingen aan de gevolgen van de klimaatverandering. De overheid zal hiervoor maatregelen moeten nemen. En die dingen gaan ons geld kosten."

We zullen ervoor moeten zorgen dat we ook tijdens hittegolven comfortabel in onze steden kunnen blijven wonen. Regenwater zullen we moeten bufferen om het in de zomer te gebruiken als we er te kort hebben. Mobiliteit zal nog meer met duurzame energie moeten.

Als we willen dat het klimaat niet verder opwarmt, zullen we onze levensstijl moeten aanpassen. Milieurampen voorkomen is nog altijd goedkoper dan achteraf de schade en het menselijk leed herstellen, zeggen wetenschappers.

Morgen en de volgende dagen bekijken we op VRT NWS wat het verschil van anderhalve graad opwarming betekent voor de landbouw, natuur en het waterbeheer.