AFP or licensors

Spook van militaire dictatuur waart weer door het land van voetbal en samba

  1. Brazilië en de rest van Latijns-Amerika houden de adem in: wordt de extreemrechtse Jair Bolsonaro straks in één ruk president? 
labels
An Baccaert
An Baccaert is VRT-journalist en volgt de actualiteit in Latijns-Amerika. Ze studeerde in Mexico en werkte als correspondent in Argentinië en Brazilië.

Eén ding is alvast zeker: dit worden de meest gepolariseerde en surrealistische verkiezingen ooit in Brazilië. Extreemrechts versus links. Met plannen die onverzoenbaar zijn en kandidaten die meer gehaat worden door hun tegenstanders dan geliefd door hun aanhangers.

Die tegenstellingen hebben de voorbije jaren een kloof door de Braziliaanse samenleving getrokken die niet meer te overbruggen lijkt. Brazilië is een land van superlatieven: Zuid-Amerika trekt naar rechts, Brazilië naar extreemrechts. Zelfs het spook van de militaire dictatuur waart weer door het land van voetbal en samba.

Zoveel miljoenen Brazilianen zijn kleurloos geworden

De allereerste keer dat ik voet zette op Braziliaanse bodem was toevallig de dag na de verkiezingsoverwinning van Lula da Silva, eind oktober 2002. De sfeer in de straten van São Paulo was euforisch. Maar van het legendarische optimisme van de Brazilianen, vervat in die ene uitdrukking ‘tudo bem’ (alles gaat goed) blijft weinig overeind.

“Zoveel miljoenen mensen zijn kleurloos geworden”, klaagt een vriend. De collectieve depressie van de Brazilianen, van nature zo vrolijk, is ook logisch: het land gaat al jaren gebukt onder een zware economische crisis, 12 tot 14 procent van de bevolking is werkloos en het geweld in de samenleving is niet in te tomen. Om nog te zwijgen over de talloze corruptieschandalen die aantonen hoe ziek de Braziliaanse politiek is. 

Jair Bolsonaro is veel erger dan Trump. Bolsonaro is Trump én het leger

Het is ongelofelijk om te zien hoe ver Brazilië is afgegleden. “Jair Bolsonaro is veel erger dan Trump”, hoor ik zeggen, “Bolsonaro is Trump én het leger”. Zijn kandidaat-vicepresident Hamilton Mourão pleitte eind vorig jaar schaamteloos voor een militaire interventie “als Brazilië niet uit deze politieke crisis geraakt”. Waarmee hij bedoelde dat het leger moet tussenkomen als links de verkiezingen wint. Jair Bolsonaro gaf vorige week duidelijk te verstaan dat hij de verkiezingsuitslag niet zal aanvaarden als hij verliest.

Het begrip ‘coup’ – staatsgreep - is terug van weggeweest in het politieke debat. De helft van de Brazilianen is ervan overtuigd dat de afzetting van president Dilma Rousseff in 2016 een staatsgreep was. Niet met tanks en kanonnen, Rousseff werd geraffineerder opzijgezet. Haar impeachment werd bedacht en georkestreerd in het parlementaire pluche.  Voor veel deskundigen binnen en buiten Brazilië was die ‘fluwelen’ of parlementaire coup de eerste van een reeks aanslagen op de democratie in Brazilië.

De bezorgdheid over de wankelende democratie reikt tot ver buiten de grenzen van Brazilië. Klinkende namen zoals de Spaanse rechter Baltasár Garzón en de linkse activist en taalkundige Noam Chomsky (die Lula onlangs nog bezocht in de gevangenis) slaan alarm. In een open brief noemen ze de afzetting van Dilma Rousseff (een parlementaire coup) en de opsluiting van Lula da Silva (een gerechtelijke coup) stappen van een plan dat een einde moet maken aan een herverdelingsproject dat 15 jaar lang een succesvol alternatief was voor het neoliberalisme van vandaag: “Daardoor dreigt de Braziliaanse bevolking nu een fascistische leider te krijgen die oproept tot geweld en militaire repressie.”

Er zijn weinig landen in de wereld waar de kloof tussen arm en rijk zó groot is als in Brazilië. Lula deed zijn best om die kloof te dichten, maar sinds Michel Temer aan de macht is neemt de ongelijkheid weer toe. Met zijn toekomstplan ‘Uma ponte para o futuro’  (een brug naar de toekomst) is Temer erin geslaagd om decennia sociale vooruitgang brutaal terug te draaien.

Temer heeft decennia sociale vooruitgang brutaal teruggedraaid 

Huidig president Temer heeft de arbeidswetgeving drastisch hervormd, de sociale uitgaven voor de komende twintig jaar bevroren en hij is de Braziliaanse economie in sneltempo aan het privatiseren. Vorige week kregen buitenlandse oliemaatschappijen 75% van de concessies in handen voor de ontginning van de ‘pre-sal’, de diepzee-oliereserves voor de kust van Rio de Janeiro. Onder Lula en Dilma was daar geen sprake van, de olieopbrengsten moesten toen in de eerste plaats de sociale zekerheid van de Brazilianen veiligstellen.  

Het zal dan ook niet verwonderen dat een nieuwe switch naar een sociaal beleid met de linkse kandidaat Fernando Haddad een doemscenario is voor de financiële markten. Die geven de voorkeur aan Geraldo Alckmin, de kandidaat van het status-quo die het beleid van Michel Temer wil voortzetten, maar zo goed als zeker al uitgerangeerd is.

Bolsonaro heeft de financiële wereld gerustgesteld door een bankier met een diploma van de neoliberale 'Chicago School of Economics' aan te wijzen als economisch adviseur. Voor investeerders en ondernemers lijkt de extreemrechtse Bolsonaro nog het minste kwaad. Dan toch een lichtpunt: de populariteit van Jair Bolsonaro lijkt de koers van de Braziliaanse real alsnog boven water te houden.

Video player inladen ...