Amerikaanse Roundup-proces moet mogelijk worden overgedaan

Chemiereus Bayer krijgt mogelijk een herkansing in de zaak over een schadevergoeding aan een Amerikaanse man die zegt dat hij terminale kanker kreeg door het gebruik van onkruidverdelger Roundup. Een rechter in San Francisco overweegt om de zaak opnieuw te laten behandelen omdat de tot dusver aangedragen bewijzen niet zouden volstaan. Het gaat om een voorlopige beslissing, die nog niet definitief is.

Dewayne Johnson was tuinier in een school in de Amerikaanse staat Californië.  Tussen 2012 en 2014 gebruikte hij Roundup en de professionele variant RangerPro om het onkruid te verdelgen. Tijdens het uitoefenen van zijn job kreeg hij het goedje verschillende keren in zijn gezicht en op zijn lichaam. In 2014 werd kanker vastgesteld bij Johnson.

Hij diende een klacht in tegen Monsanto, het bedrijf dat Roundup produceert en intussen opgegaan is in Bayer. Volgens Johnson heeft de onkruidverdelger "aanzienlijk" bijgedragen aan zijn ziekte en heeft Monsanto niet gewaarschuwd voor de gevaren. In augustus oordeelde een jury dat de man recht had op een schadevergoeding van 289 miljoen dollar.

Een rechter in San Francisco stelt nu dat de bedragen die tot nu aangedragen zijn, niet volstaan. Mogelijk moet het proces dus worden overgedaan. De beslissing is nog niet definitief.

Gevolgen voor andere claims?

Monsanto zelf, en ook Bayer, bleven volhouden dat Roundup veilig is. Beleggers reageerden enthousiast op het nieuws dat het proces zou worden overgedaan. Bayer, dat ook een Amerikaanse notering heeft, ging woensdag flink omhoog op de beurs in New York.

De kwestie is belangrijk voor het bedrijf omdat ze ook gevolgen kan hebben voor vele andere claims. In de VS alleen al beweren 8.700 mensen dat ze ziek zijn geworden door het gebruik van de onkruidverdelger op basis van glyfosaat.

Het was de eerste rechtszaak over de omstreden verdelger Roundup.