Na de 5 procent van Peeters: hoe vaak levert een kleinere partij de burgemeester?

Het was een tv-moment dat heel wat ophef veroorzaakte, toen minister Kris Peeters (CD&V) in "Gert late night" insinueerde dat hij ook met 5 procent van de stemmen burgemeester van Antwerpen zou kunnen worden. “Ik ga het zeker hard spelen”, stelde de Antwerpse CD&V-lijsttrekker. Maar hoe hard wordt het spel in werkelijkheid gespeeld? Wij zochten uit in hoeveel gemeenten de grootste partij tijdens de voorbije legislatuur buitenspel werd gezet.

Kortrijkzanen zullen het beamen: de grootste partij levert niet altijd de burgemeester. Ondanks het feit dat zijn partij zes zetels minder haalde, stootte huidig burgemeester van Kortrijk Vincent Van Quickenborne (Open VLD) in 2012 zijn voorganger Stefaan De Clerck (CD&V) van de troon. Het schouwspel in de West-Vlaamse centrumstad was het meest spraakmakende voorbeeld van hoe in Vlaanderen de grootste partij niet altijd het laatste woord heeft.

Van Quickenborne was echter lang niet de enige die met een kleinere partij de burgemeesterssjerp opeiste. Na de vorige lokale verkiezingen werd in 46 gemeenten de eed afgelegd door een burgemeester die niet van de grootste partij afkomstig was, zo blijkt uit een lijst van dr. Sofie Hennau van UHasselt. Dat is zo’n 15% van alle Vlaamse Gemeenten. 

In twee van die gemeenten zit de grootste partij wel nog in de coalitie: in Veurne, waar het verschil tussen de eerste (CD&V) en tweede partij (Veurne Plus) miniem is, en in Borsbeek, waar de partij van burgemeester Dis Van Berckelaer (Borsbeek boven Alles) maar liefst vijf zetels minder telt dan haar coalitiepartner (N-VA).

Plaatsen als Grobbendonk en Hoeselt, waar twee partijen (waaronder de grootste) het op een akkoordje gooiden en het burgemeesterschap werd verdeeld over de legislatuur, zijn niet meegerekend. In enkele andere gemeenten (zoals Hasselt, Turnhout en Tienen) verloor de grootste partij later in de bestuursperiode het burgemeesterschap door lokale perikelen.

(lees verder onder de video)

Video player inladen ...

Wie wordt geviseerd?

Uit de gegevens blijkt dat partijen over het algemeen ongeveer even vaak de lokale stemmenkampioen uitsloten als dat ze zelf werden buitenspel gezet als grootste partij. Relatief gezien werd dus geen enkele politieke kleur geviseerd.

Als grootste partij op gemeentelijk vlak is CD&V logischerwijs het vaakst ‘slachtoffer’. De christendemocraten werden in 18 gemeenten als grootste partij van het burgemeesterschap gehouden. Bij N-VA en Open VLD gaat het in beide gevallen om tien gemeenten. Ook in de omgekeerde richting is CD&V de meest prominente politieke fractie. De partij levert in 16 gemeenten de burgemeester waar ze niet de eerste partij is.

Waar?

In West-Vlaanderen ging in 23% van de gemeenten de burgemeesterssjerp uiteindelijk niet naar de partij met het grootste stemmenaantal. In geen enkele provincie is dat aandeel zo groot. In Vlaams-Brabant gaat het om 16% van de gemeenten en in Oost-Vlaanderen en Antwerpen om respectievelijk 14% en 13%. In Limburg (11%) levert de grootste partij  het vaakst de burgemeester.

In Herk-de-Stad haalde de huidige burgemeester slechts 13,3% van de stemmen

Uit Limburg komt dan weer wel de burgemeester met de kleinste partij. In Herk-de-Stad werd Bart Gruyters (CD&V) burgemeester, ondanks het feit dat CD&V met 13,3% de vierde en kleinste partij in de gemeenteraad is. Andere burgemeesters met relatief lage verkiezingsscores (ten opzichte van de grootste partij) zijn onder meer te vinden in Zwevegem, Anzegem, Bree, Staden en De Pinte. 

(lees verder onder de tabel)

Electorale gevolgen?

Wat de electorale gevolgen zijn voor kleinere partijen die zich het burgemeesterschap toe-eigenen, is niet geheel duidelijk. “Sluitend onderzoek is er niet”, zegt prof. Johan Ackaert van UHasselt. “Het bestaan van de burgemeestersbonus en het feit dat men als bestuur een zekere zichtbaarheid kan genereren, doet wel vermoeden dat het electoraal gezien geen slechte zet is.”

Er is volgens Ackaert binnen ons huidig verkiezingssysteem alvast “geen betere vorm van machtsmaximalisatie” voor kleinere partijen dan het uitsluiten van de grootste partij. “Als het doel is om macht te bereiken, is het perfect rationeel gedrag.”