Jonas Hamers / ImageGlobe

Voor het eerst in 5 jaar dipje in interimwerk: is dat een slecht teken?

Vijf jaar lang groeide het aantal gepresteerde uren uitzendarbeid. Maar de voorbije zes maanden blijkt die trend te zijn gekeerd, zo bericht De Tijd op basis van cijfers van sectorfederatie Federgon. Moeten we ons nu zorgen maken over onze economie?

De voorbije zes maanden is het aantal gewerkte uitzenduren en het aantal uitzendkrachten licht gedaald. Dat is opmerkelijk, want tussen 2013 en april 2018 was er een gestage groei in die cijfers. Zo'n daling is doorgaans geen goed teken voor de economische groei, zo leert het verleden. Ook nu?

Paul Verschueren, directeur Vlaanderen bij Federgon, denkt van wel: als de uitzendarbeid daalt, signaleert dat historisch meestal een groeivertraging in de economie. Bedrijven die het minder goed doen, gaan doorgaans eerst snoeien in hun interimkrachten. Dat is ook te zien op de grafiek hieronder: als de uitzendarbeid vooruit- of achteruitgaat, volgt vaak het bruto binnenlands product. 

Koen De Leus, hoofdeconoom van BNP Paribas Paribas, onderschrijft dat ook: "De piek van de groei ligt nu achter ons. Die lag vermoedelijk in het eerste kwartaal van 2018. Bij werkgevers heerst ook enige onzekerheid over hoe de economie zal evolueren, zeker met de brexit, de handelsoorlog tussen de VS en China en de Italiaanse schulden in het achterhoofd." Niet dat er nu plots een recessie zit aan te komen, sussen Verschueren en De Leus, maar de groei zal niet meer zo hoog liggen als begin dit jaar.

De limieten van de arbeidsmarkt

Maar er speelt toch ook een tweede factor, zegt Verschueren. "De krapte op de arbeidsmarkt: de vraag is er nog wel, maar het aanbod aan mensen kan niet volgen." Dat is geen contradictie, zegt De Leus: "Als er geen uitzendkrachten meer te vinden zijn, zet dat nu eenmaal een snelheidslimiet op de groei." 

Als er geen uitzendkrachten meer te vinden zijn, zet dat nu eenmaal een snelheidslimiet op de groei

Koen De Leus, hoofdeconoom BNP Paribas Fortis

Het zat eraan te komen, denkt hij. "De werkzaamheidsgraad in ons land ligt abnormaal laag. Als je dan een lange periode van groei hebt - 5 jaar in expansie in uitzendarbeid - kom je jezelf op een bepaald moment tegen. Bedrijven willen nog wel, maar ze vinden niks meer." Federgon bevestigt dat het ook de komende maanden een verdere daling verwacht op de interimmarkt.

We zitten nu eenmaal aan onze economische limieten, aldus De Leus. "Je ziet nu een werkloosheidsgraad van 6,2 procent, we komen van ongeveer 10 procent. We hebben een heel mooie rit gereden. Veel verder krijg je dat cijfer daar niet onder."

En wat nu?

Hoe we dit nu gaan voelen? Eén opmerkelijk potentieel gevolg is alvast dat bedrijven weer meer met vaste contracten zouden kunnen gaan werken. "Dat zie je inderdaad", observeert De Leus. "Bedrijven willen witte raven aan zich binden. Uitzendkrachten krijgen zo vaak sneller vaste contracten aangeboden."

En een normalisering van de krapte op de arbeidsmarkt, zit dat er nu in? "Een normalisering, dat niet", countert De Leus. "Maar de nijpende en pijnlijke krapte zal door de vertraging in de groei misschien iets minder voelbaar zijn. Dan zal het wat relaxter zijn op de arbeidsmarkt, zo kan je het wel stellen."

Herbeluister hieronder het gesprek met Koen De Leus in "De ochtend" op Radio 1: