Video player inladen ...

Dimitri Verhulst: “Eerder werd mij nooit gevraagd of ik het oké vond dat mijn boeken op bol.com werden aangeboden”

Wie op de Boekenbeurs een handtekening wil scoren van Dimitri Verhulst is eraan voor de moeite: “Ik word daar diep ongelukkig.” Daarom tekent de schrijver voor het tweede jaar op rij niet present. Waar Verhulst wel gelukkig van wordt, is zijn nieuwe, kleine uitgever: Pluim. “Een uitgever die tenminste tijd heeft om mijn werk te kunnen lezen.” Een uitgever ook waar Verhulst aandeelhouder van is.

De Boekenbeurs, die morgen de deuren opent, grossiert dit jaar weer in de nieuwe titels. Maar liefst 91.000 verschillende boeken liggen al klaar om doorbladerd te worden door boekenwurmen die met herfstweer in het vooruitzicht weer met tienduizenden door Antwerp Expo zullen schuifelen.

Terwijl grote uitgeverijen zich uit de naad werken om tegen de Boekenbeurs zoveel mogelijk nieuwe boeken in de rekken te leggen, is de afgelopen jaren een nieuwe trend ontstaan, een tegenbeweging: kleine uitgeverijen die jaarlijks maar een handvol boeken uitbrengen, maar wel van bekende namen.

Vervreemd

Dimitri Verhulst is één van die ronkende namen. Begin dit jaar maakte de schrijver van “De helaasheid der dingen” bekend dat hij de grote uitgeverij Atlas Contact verliet en onderdak zocht bij Pluim. Daarmee volgde hij, samen met vele andere schrijvers, uitgever Mizzi van der Pluijm, die na een lange carrière in loondienst bij Atlas Contact begin dit jaar haar eigen uitgeverij oprichtte.

Waarom maakte Verhulst die overstap? “Onder andere het feit dat er bij Pluim minder boeken zullen worden uitgegeven”, zegt de schrijver in het VRT NWS-programma "De markt". Uitgeverij Pluim mikt op 10 à 15 titels per jaar, terwijl de grote jongens zo’n 200 nieuwe boeken per jaar uitgeven. “Ik zal dus te maken krijgen met een uitgever die mijn werk op zijn minst heeft kunnen lezen.”

Grote uitgevers zijn totaal vervreemd van hun product
Dimitri Verhulst

Doordat grote uitgevers zoveel boeken uitgeven, zijn ze volgens Verhulst “totaal vervreemd van hun product, want ze kunnen onmogelijk al die boeken lezen”. Door op minder boeken te mikken, kan een kleine uitgever meer tijd besteden aan een auteur.

Mede-aandeelhouder

“Nu ik bij Pluim zit, wordt ook voor het eerst mijn mening gevraagd. Ik word uitgenodigd om mee na te denken over de weg die de uitgeverij moet inslaan. De betrokkenheid is zoveel groter.”

Verhulst vindt het interessant om daarover na te denken omdat er heel veel aan het veranderen is in het boekenvak, zoals de opkomst van het e-book en spelers als bol.com die mee de markt bepalen. “Eerder werd mij nooit gevraagd of ik het oké vond dat mijn boeken daar werden aangeboden. Nu wordt mijn mening daarover gehoord en dat doet deugd”, zegt Verhulst.

Nu wordt mijn mening gevraagd en dat doet deugd.

Dimitri Verhulst

Dat auteurs betrokken worden bij de strategie van Pluim is geen toeval, want de schrijvers zijn ook mede-aandeelhouder van de uitgeverij. Vorige week hebben ze een coöperatie opgericht, waardoor ze elk voor 5 procent mede-eigenaar zijn geworden van hun uitgeverij.

Met dat dividend wil Verhulst een fonds oprichten, om andere schrijvers financieel te ondersteunen, “want er zit heel veel armoede in de schrijverswereld”. “Je hebt er geen idee van hoeveel oudere oeuvrebouwers op droog brood zitten. Dat is verschrikkelijk. En wij hopen een steunfonds bij elkaar te rapen voor schrijvers die het nodig hebben.”

Door voor Pluim te kiezen, gaat Verhulst er zelf ook mogelijk financieel op vooruit. De uitgever geeft zijn auteurs naast een dividend ook een groter stuk van de koek van de boekenverkoop. Bij gewone uitgevers krijgen schrijvers meestal 10 procent per verkocht boek, bij Pluim is dat 15 procent. 

Das Mag

Pluim werkt samen met Das Mag. Die kleine uitgeverij ontstond drie jaar geleden in de schoot van het literaire tijdschrift Das Magazin. Oprichters Toine Donk en Daniël van der Meer vonden via crowdfunding 3.000 investeerders voor hun nieuwerwetse uitgeverij.

Ze waren de eersten die voor een kleiner aantal titels kozen en hun schrijvers meer gingen betalen. Die kleinschalige aanpak heeft meteen grote namen aangetrokken. Bestsellerauteurs als Lize Spit, Jelle Brandt Corstius, Maartje Wortel, Walter van den Berg, Charlotte Mutsaers en deze week nog Maud Vanhauwaert kozen voor Das Mag en dat heeft de uitgeverij geen windeieren gelegd.

Doordat Das Mag minder boeken uitgeeft, heeft de uitgeverij volgens oprichter Toine Donk automatisch meer tijd om promotie te maken voor hun boeken. Dat doen ze bijvoorbeeld door podcasts te maken bij boeken en heel actief te zijn op sociale media. Omdat de uitgevers de lokale boekhandel een warm hart toedragen, biedt Das Mag ook zijn boeken niet aan via bol.com. Een gewaagde strategie.

Boekenbeurs

Wat vinden Donk en Verhulst in dat licht van de grote Boekenbeurs? Donk drukt zich daarover nog voorzichtig uit. “Het is prachtig dat er zoveel mensen bijeenkomen uit liefde voor boeken, maar ik vind dat de echte liefde voor boeken in de boekenwinkels getoond wordt. Dus ik heb nog net iets liever dat de lezer daarnaartoe gaat. De boekenbeurs is goed, maar heel massaal.”

In het beste geval nemen ze een foto van je; heel vaak wordt dat een selfie. Ik heb daar helemaal geen zin in. 

Dimitri Verhulst

Dimitri Verhulst is veel minder voorzichtig en verhult zijn afkeer voor de Boekenbeurs niet. “Ik word diep ongelukkig op de Boekenbeurs. Je zit er aan een tafeltje en wordt de ganse middag begluurd door mensen met kinderwagens. Ze bestuderen je gezicht en vragen zich af of ze je kennen van televisie."

"In het beste geval nemen ze een foto van je; heel vaak wordt dat een selfie. Ik heb daar helemaal geen zin in. Bovendien snap ik dat handtekeningjagen niet.” Daarom tekent Verhulst - net als vorig jaar - niet meer present op de Boekenbeurs.