AP2011

Veroorzaakt de Italiaanse regering een nieuwe eurocrisis?

Vandaag kregen we alarmerende cijfers over de Italiaanse economie. Bovendien stelt het land een begroting voor die helemaal indruist tegen de Europese afspraken. De Commissie is boos en wil dat Rome met betere plannen komt. De regering wil echter geen komma verzetten. Is een nieuwe eurocrisis in de maak? En moeten wij ons zorgen maken?

labels
Hendrik Vos
Hendrik Vos en Rob Heirbaut schrijven om de twee weken beurtelings een opinietekst, respectievelijk analysetekst, over Europese politiek. Vos is hoogleraar aan de Universiteit Gent, waar hij directeur is van het Centrum voor EU-studies. Heirbaut is VRT-journalist, gespecialiseerd in de EU.

De opmaak van een begroting is een complexe zaak waar regeringspartijen nachtenlang over ruziën. Dat is bij ons in België zo, en het is niet anders in andere landen. Al lang probeert Europa enige sturing te geven, maar de lidstaten hebben altijd getracht om die zo veel mogelijk te negeren. Ze willen hun zin doen. Europese uitspraken over nationale begrotingen werden lange tijd hooguit beschouwd als een vrijblijvende aanbeveling.

Tot de eurocrisis losbarstte. In Griekenland was de begroting helemaal uit de hengsels geraakt, het tekort was er spectaculair opgelopen en de staatsschuld steeg elke dag met cijfers met veel nullen achter. De Grieken knoeiden bovendien met de getallen en grafieken en dat was algemeen bekend. Maar als wij onze begroting zonder inmenging wilden opstellen, was het lastig om ons te moeien met die van een ander.

De rest is geschiedenis: Griekenland stond plots op de rand van het bankroet en de andere lidstaten beseften dat dit een catastrofe kon zijn. In de eurozone hangen de lidstaten sterk aan elkaar en raakten allerlei processen zo verweven, dat een ongecontroleerd faillissement grote gevolgen zou hebben. We zouden allemaal welvaart verliezen. Sommige landen zouden helemaal in de ratjetoe worden meegetrokken en niemand kon voorspellen waar en wanneer de chaos zou stoppen. Er was enorme onzekerheid. Griekenland werd bijgevolg gestut met noodfondsen – er zat niets anders op.

Europese schaduw over de begroting

ImageGlobe

Er werden lessen getrokken uit de eurocrisis. Voortaan zouden begrotingen op een ernstige manier in de gaten worden gehouden. Als de zaken dreigen te ontsporen, kan een lidstaat gevraagd worden om een nieuwe begroting in te dienen. Wie er zich niets van aantrekt, kan een forse boete krijgen.

Vrij vertaald komen de Europese begrotingsafspraken er meestal op neer dat landen moeten besparen. In werkelijkheid is dat maar een deel van het verhaal.

In de Europese adviezen staat ook dat regeringen maar beter stoppen met fiscale cadeaus aan wie dat niet nodig heeft. En dat het niet slim is om het mes te zetten in onderwijsbeleid of de strijd tegen armoede. Milieubelastingen worden dan weer wel aangeraden. Maar als Europa zich wil mengen in de precieze opmaak van de begroting worden de lidstaten zenuwachtig. Die willen zelf beslissen waar ze hun inkomsten halen, aan wie ze geschenken uitdelen en waar ze saneren.

In de Europese adviezen staat ook dat regeringen maar beter stoppen met fiscale cadeaus aan wie dat niet nodig heeft

De Europese instellingen hebben de neiging om dan snel het hoofd te buigen en niet verder aan te dringen. De enige instructies die dan overeind blijven, zeggen dat het tekort binnen de perken moet blijven en dat de staatsschuld moet worden afgebouwd. Populair wordt de Unie met die boodschap niet, omdat landen dit order meestal invullen door te snijden in de sociale zekerheid en de schuld vervolgens op Europa te steken.

Sedert enkele jaren hangt er dus een Europese schaduw over elke begrotingsopmaak. Lidstaten weten dat ze in de gaten worden gehouden en proberen de cijfers te doen kloppen. Dat lukt niet altijd helemaal, maar ze doen nu veel meer hun best dan wanneer dat Europese toezicht er niet zou zijn..

Het zijn de markten die straffen

Voor het eerst is er nu een lidstaat die zal testen of het de Unie menens is: Italië wil de regels manifest naast zich neerleggen en is van plan om dat ook de volgende jaren te doen. De boete kan oplopen tot haast 4 miljard euro.

Zover zijn we nog niet. De Europese Commissie heeft geduld en hoopt dat de problemen zichzelf oplossen, voor ze echt tot sancties moet overgaan. Ze rekent erop dat de financiële markten Italië tot de orde zullen roepen. Omdat de staatsschuld er zo hoog is, betaalt Italië nu jaarlijks 65 miljard aan schuldaflossing en rente. Dat is ongeveer evenveel als het hele onderwijsbudget.

Omdat de begroting verder ontspoort, daalt de kredietwaardigheid van Italië. Misschien is het land in de toekomst niet meer in staat om schulden terug te betalen. Kredietverleners rekenen nu dus een hogere rente aan voor nieuwe leningen, een soort gevarenpremie. Daardoor stijgen de kosten voor Italië nog meer, en elke euro die naar de betaling van intrest gaat, kan niet gebruikt worden voor wat anders. De regering verliest dan armslag in plaats van er te winnen. Dat is precies wat er met Griekenland gebeurde: de rente was zo gestegen dat Athene werd gewurgd.

ImageGlobe

Geen paniek. Nog niet.

Of het met Italië ook zo’n vaart loopt, is helemaal niet zeker. De rente stijgt intussen wel, maar nog lang niet tot een onmogelijke hoogte. De financiële wereld maakt zich zorgen, maar grote verwarring is er niet. Nog niet.

Italië is geen Griekenland. De Italiaanse economie staat er veel beter voor, ook al zijn er nu alarmerende cijfers. Er kan gediscussieerd worden over de vraag of Italië nog terecht tot de G7 behoort, de club van zeven sterkste economieën ter wereld, maar het is zeker niet zo dat het land een woestijn is voor ondernemers en bedrijven.

Als de ECB tussenbeide komt, zal het onder strenge voorwaarden zijn. De kans dat de regering in Rome dat pikt, is klein.

Maar een kleine vonk heeft soms grote gevolgen. De huidige Italiaanse regering straalt weinig vertrouwen uit en heeft niet veel internationale vrienden. Lichte nervositeit op de markten kan ineens omslaan in grote paniek. Het is bijgevolg niet uitgesloten dat de situatie alsnog uit de hand loopt en Italië aan snel tempo richting bankroet gaat.

Op dat moment kan de Europese Centrale Bank (ECB) ingrijpen en reddende kredietlijnen uitgooien. De gouverneur van de ECB is Mario Draghi, een Italiaan, maar een die niets van doen heeft met deze rechts-populistische regering. Als de ECB tussenbeide komt, zal het onder strenge voorwaarden zijn. De kans dat de regering in Rome dat pikt, is klein.

In de fik

De problemen van Italië zijn onvermijdelijk ook die van de andere lidstaten. Als het huis van de buren in de fik staat, blijft dat nooit zonder gevolgen voor de rest van de straat. De kans dat het vuur overslaat, is reëel. En sowieso is er schade, al is het door het bluswater.

Andere lidstaten zijn dus waakzaam en proberen mee te vermijden dat de toestand uit de hand loopt. De vastberadenheid om de zaken onder controle te houden, is erg groot.

Maar de koppigheid van de Italiaanse regering is dat ook. De Griekse crisis toonde aan dat een totale ontsporing finaal kon worden vermeden. De euro ging niet ten onder, wel integendeel. Maar er werd een hoge prijs voor betaald, zeker door de Grieken zelf. En er gingen weinig prettige taferelen aan vooraf, met nachtelijke vergaderingen, paniekerige politici, grote betogingen en chaotische beurzen. Daar zit vandaag werkelijk niemand op te wachten.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.