't Vliegend Hart, Archeologisch Erfgoed in de Noordzee

Nederlands 18e eeuws scheepswrak 't Vliegend Hart in gevaar

't Vliegend Hart, een uniek scheepswrak van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), is bloot komen te liggen en wordt langzaam weggevreten op de bodem van de Noordzee, niet ver van de Nederlandse grens. Dat meldt het maandelijkse magazine van het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ). Belgische erfgoedonderzoekers en het Nederlandse Maritiem Erfgoed-programma gaan samenwerken om het wrak te beschermen.

‘t Vliegend Hart, ook wel 't Vliegend Hert genoemd, is een van de uniekere scheepswrakken, dat rust op bodem van de Belgische Noordzee, niet ver van de Nederlandse grens. Het schip maakte deel uit van de VOC, was 44 meter lang, 11 meter breed en telde 42 kanonnen. In 1735 vertrok het richting Batavia (Indonesië) vanuit Vlissingen, maar korte tijd later leed de Oostindiëvaarder schipbreuk door een storm. Het wrak werd ontdekt in 1981, samen met 2.000 gouden dukaten en 5.000 zilveren realen.

gouden dukaat uit 't Vliegend Hart, Numisantica

Een bodemscan van enkele maanden geleden toonde aan dat delen van het wrak bloot waren komen te liggen.  Duikers bevestigden de scan en ontdekten ook dat het hout wordt aangevreten door de paalworm Teredo Navalis.

Met deze campagne werd een eerste stap gezet in de samenwerking tussen Belgische erfgoedonderzoekers en het Nederlandse Maritiem Erfgoedprogramma. Een van de hoofddoelen van deze laatste is om samen te werken met landen waar scheepswrakken liggen waarvan Nederland eigenaar is, en die te beheren.

In de komende maanden zal kennis worden uitgewisseld over het beheer van het wrak en conserveringstechnieken op de plaats van het wrak. De Belgisch-Nederlandse onderzoekers zullen bekijken welke maatregelen ze kunnen nemen om het scheepswrak te beschermen.

Het wrak werd in 2016 door staatssecretaris voor de Noordzee Philippe De Backer (Open Vld) nog opgenomen als cultureel erfgoed in zee, waardoor het beschermd is.