Schietsport in Vlaanderen krijgt boost na terreuraanslagen

Sinds de terroristische aanslagen is het aantal sportschutterslicenties in Vlaanderen gestegen. Het Vlaams Vredesinstituut vermoedt dat die stijging te maken heeft met een toegenomen onveiligheidsgevoel. Mensen vragen dus een licentie aan om zich veiliger te voelen en niet om de schietsport te beoefenen. Dat staat te lezen in een advies van het Vredesinstituut over de schietsport in Vlaanderen.

Volgens het Centraal Wapenregister zijn er in Vlaanderen 304.000 vuurwapens geregistreerd. Daarvan zijn er 107.000 tot 146.000 in handen van de tienduizenden Vlaamse beoefenaars van de schietsport.

Binnen die schietsport bestaan twee grote stelsels, het stelsel sportief schieten en het stelsel recreatief schieten. Het sportief schieten wordt gereguleerd door het Vlaams Sportschuttersdecreet en het recreatief schieten door de Federale Wapenwet.

Volgens de analyse van het Vredesinstituut werkt het stelsel van het sportief schieten vrij goed, al zijn er nog wat verbeterpunten. Zo is er bij de aanvraag van een licentie, waarmee een vuurwapen kan worden gekocht, geen proactief advies van de lokale politie nodig. Verder kunnen huisgenoten zich ook niet verzetten tegen de toekenning van een licentie.

Maar enkel sleutelen aan het stelsel sportief schieten heeft volgens het Vredesinstituut weinig zin. Anders stappen schutters gewoon over op het andere stelsel. Dat andere stelsel wordt nu al beschouwd als een makkelijke manier om wapens te verkrijgen. Schutters moeten bijvoorbeeld minder schietbeurten doen en worden minder vaak gecontroleerd.

Het Vredesinstituut pleit er daarom voor beide stelsels "zoveel mogelijk te harmoniseren". In zijn advies merkt het Vredesinstituut op dat het aantal voorlopige sportschutterslicenties in Vlaanderen opmerkelijk is gestegen in de nasleep van de terroristische aanslagen. De organisatie denkt dat er een verband is met het toegenomen onveiligheidsgevoel.

De stijging in het aantal licenties doet volgens het Vredesinstituut "vermoeden dat de recent toegenomen populariteit van de schietsport gedeeltelijk verband houdt met onveiligheidsgevoelens en dat de wettige reden van het sportief en recreatief schieten soms wordt misbruikt om wapens te verwerven voor andere doeleinden dan de schietsport", zo staat te lezen in het advies.