Video player inladen ...

Helft van studenten haalt bachelor niet binnen vijf jaar: "Flexibilisering begint door te slaan"

Maar de helft van de studenten haalt een bachelordiploma binnen de 5 jaar in de richting waarin ze gestart zijn. Dat blijkt uit cijfers van de KU Leuven in Het Nieuwsblad. Een bachelor duurt normaal gezien 3 jaar. Ook de Antwerpse rector Herman Van Goethem merkt de evolutie. "De kwaliteit van de instroom uit het secundair daalt, de grote flexibilisering in het hoger onderwijs begint naar de andere kant door te slaan. Het is een complex probleem dat we op diverse fronten moeten aanpakken."

Vijf jaar doen over een studietraject van 3 jaar, ongewoon is het niet meer.  50 procent van de studenten aan de KU Leuven haalt nog zijn bachelor binnen de 5 jaar. Tien jaar geleden was dat nog 60 procent. Belangrijk: in de groep die zijn diploma niet haalt, zitten vooral studenten die na het eerste jaar afhaken. Ofwel stoppen ze tout court, ofwel kiezen ze voor een andere richting. 

Na de bachelor volgt nog een master van 1 of 2 jaar. Toch zijn studenten die langer doen over hun bachelor niet altijd meerdere jaren kwijt. "Het gaat ook over studenten die al voor een stuk vorderen in hun master", zegt Tine Baelmans, vice-rector van de KU Leuven, aan Radio 2 Vlaams-Brabant. "Ze behalen dan soms hun bachelor-en masterdiploma met een vertraging van een jaar of twee." (Herbekijk hieronder de reportage uit "Het Journaal" met het interview met vice-rector Baelmans - lees verder onder de beelden:)

Video player inladen ...

Herman Van Goethem, rector van de Universiteit Antwerpen, ziet dezelfde evolutie. "Nu haalt 27 procent van de studenten bij ons na 3 jaar zijn bachelor, na 5 jaar is dat 51 procent", zegt hij in "De ochtend" op Radio 1. "Dat geldt wel enkel voor wie zijn bachelor haalt in dezelfde richting waarin hij gestart is. Veel studenten heroriënteren zich. Als je het globaal bekijkt, en dus ook die studenten erbij betrekt, haalt 75 procent een bachelor na 5 jaar. Niet slecht, maar dan nog, de vraag stelt zich om cijfer op te krikken."

Van Goethem: "Meer zwakkere studenten"

Van Goethem ziet verschillende verklaringen voor. "Er is een dalende kwaliteit van de instroom vanuit het secundair. Het PISA-onderzoek uit 2015 toonde dat ook al aan, zowel in aso, bso en tso. We krijgen zwakkere studenten binnen, maar we willen aan de universiteiten niet inboeten aan kwaliteit. Wat ertoe leidt dat de studieduur verlengd wordt omdat er een te grote inhaalbeweging gemaakt moet worden."

Er is een grote flexibilisering, maar het begint naar de andere kant door te slaan. Studenten die minder kans-arm zijn, shoppen, werken hun studies onoverzichtelijk af, het werkt uitstelgedrag in de hand. We moeten daar grenzen aan stellen.

Herman Van Goethem

Steeds meer jongeren studeren verder, ook studenten uit kans-armere milieus, een goede evolutie. In het hoger onderwijs zijn systemen ingebouwd, denk aan flexibele trajecten. Maar opvallend is dat het slaagpercentage in het eerste jaar daalt. Ook schuiven meer en meer studenten vakken door naar de tweede examenreeks in augustus en slagen ze dus niet in juni. En door de toenemende flexibilisering kan het traject sterk afwijken of langer duren.

Een van die flexibele systemen zijn de credits. Studenten kunnen via studiepunten vakken doorschuiven naar volgende jaren en kiezen welke vakken ze per jaar opnemen. "Er is een heel grote flexibilisering, maar we merken dat het naar de andere kant begint door te slaan. Studenten die minder kans-arm zijn, gaan een beetje shoppen, hun studies onoverzichtelijk afwerken, het stelt ook uitstelgedrag in de hand. Er is een consensus dat we daar grenzen aan moeten stellen", zegt Van Goethem.

"Op verschillende elementen tegelijk werken"

Wat zijn dan de oplossingen? "Het is een heel complex probleem, met complexe evenwichten, en we gaan op verschillende elementen tegelijk moeten inzetten", zegt Van Goethem. Minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) tweette dat de modernisering van het secundair onderwijs, de Columbus-oriënteringsproef en een niet-bindende toelatingsproef op het einde van het secundair een antwoord kunnen bieden.

"Dat kan deels een oplossing zijn", zegt Van Goethem. "Via die niet-bindende toelatingsproef, wat wij ijkingstoetsen noemen, krijgen 18-jarigen meer informatie over de vraag of ze geschikt zouden zijn voor een richting. Ook daar kan je knipperlichten inbouwen. Belangrijk is wel dat die ijkingstest niet-bindend blijft. Maak je die bindend, dan zouden de universiteiten linea recta bastions vol witte studenten worden."

Van Goethem wil meer het belang van zogenoemde "zalmtrajecten" beklemtonen. "Dat zijn zinvolle schakelprogramma's. Je start een opleiding sociaal werk aan een hogeschool, volgt dan een schakelprogramma en vat dan de opleiding sociologie aan de universiteit aan. Dat versterkt je net. Langer studeren betekent geen verlies."

De Antwerpse rector vraagt vooral dat de Vlaamse overheid haar engagement inzake financiering nakomt. "De investeringen zijn de voorbije jaren teruggelopen, maar zoiets aanpakken vraagt wel middelen."

Beluister het gesprek met Herman Van Goethem in "De ochtend"