Ebola in Congo - Gezondheidswerkers geëvacueerd uit Beni na geweld

De strijd tegen ebola in de stad Beni, in het oosten van Congo, werd opgeschort na het oplaaien van geweld. Zo'n zestien medewerkers van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) zijn uit Beni geëvacueerd nadat een obus ontplofte op enkele meters van de villa waar ze verbleven.

In het gebied zijn de gevechten tussen blauwhelmen en rebellen fors toegenomen. Het is de eerste maal dat de WHO zijn personeel er moet weghalen, weliswaar preventief. "De aanval met de obus leek niet gericht tegen de villa, maar gebeurde in het vuurgevecht tussen de rebellen en blauwhelmen. Niemand raakte gewond", verklaarde dokter Michel Yao, de coördinator in de strijd tegen het ebolavirus.

De zestien WHO-medewerkers, op een totaal van 191 in Beni, werden overgebracht naar Goma, in afwachting van een oplossing voor hun logement. Sommigen zouden in shock zijn.

Ook enkele hotels en een noodhulpcentrum waren het slachtoffer van het oplaaiende geweld. Reden waarom de strijd tegen ebola is opgeschort, bevestigde de Congolese minister van Gezondheid. Het is niet duidelijk wanneer de missie zal kunnen hernemen. Sinds augustus stierven in de regio al zo'n 200 mensen aan ebola.

In Beni is de rebellengroep ADF actief, die de voorbije jaren al honderden burgers heeft vermoord. Deze week kwamen nog zeven blauwhelmen en twaalf Congolese soldaten om. De rebellen zijn oorspronkelijk Oegandese moslims, die zich sinds de jaren 1990 in het oosten van Congo hebben teruggetrokken.