Een labrador in de sneeuw. Hand/Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0

Honden weten wanneer ze iets niet weten en gaan dan op zoek naar meer informatie

Honden blijken te beschikken over zogenoemde "metacognitieve" vaardigheden - kennis over hun eigen kennis. Ze zijn er zich meer bepaald van bewust wanneer ze niet genoeg informatie hebben om een probleem op te lossen, en gaan dan actief op zoek naar meer informatie, iets wat ook primaten - apen en halfapen - doen. Dat blijkt uit een test waarbij onderzoekers van het DogStudies lab van het Max Planck Institute for the Science of Human History een beloning voor de honden - een speelgoedje of eten - verstopten achter een van twee schermen. De honden gingen beduidend meer op zoek naar bijkomende informatie, als ze niet gezien hadden waar de beloning verstopt was, zo bleek.    

In het vakgebied van de vergelijkende psychologie bestuderen onderzoekers dieren, om meer te weten te komen over de evolutie van verschillende eigenschappen, en wat dat ons kan leren over onszelf. Aan het DogSTudies Lab bestudeert projectleider Juliane Bräuer honden om dergelijke vergelijkingen te kunnen maken. 

In een recente studie onderzochten Bräuer en haar collega Julia Berger of honden metacognitieve vaardigheden hebben - wat soms omschreven wordt als het vermogen om "te weten wat men weet" -, en meer in het bijzonder of ze zich ervan bewust zijn welke informatie ze te weten zijn gekomen, en of ze nog meer informatie nodig hebben. 

Om dit te testen, bedachten de onderzoekers een opstelling met twee schermen in de vorm van een V. Een beloning, ofwel voedsel of een speeltje, werd door een onderzoeker achter een van de twee schermen gelegd, terwijl een andere onderzoeker de hond vasthield. In sommige gevallen kon de hond zien achter welk scherm de beloning gelegd werd, in andere gevallen niet. De onderzoekers analyseerden dan hoe vaak de honden door een opening in het scherm keken, voor ze een optie kozen. 

De vraag was of, zoals chimpanzees en mensen, de honden eerst een "controle" zouden uitvoeren door de opening, als ze niet gezien hadden waar de beloning geplaatst was. Dat zou een aanduiding zijn van het feit dat de hond er zich van bewust was dat hij of zij niet wist waar de beloning zich bevond - een metacognitieve vaardigheid -, en zou proberen meer informatie te verkrijgen vooraleer een scherm te kiezen. 

De proefopstelling met de twee schermen, de twee onderzoekers en de hond, zonder een gordijn, zodat de hond kan zien waar de beloning geplaatst wordt. DogStudies. Belger & Bräuer, 2018. Metacognition in dogs: Do dogs know they could be wrong? Learning & Behavior.

Het paspoorteffect

Sommige onderzoekers stellen dat bij bepaalde dieren, zoals honden, het op zoek gaan naar extra informatie alleen maar routineus, instinctief gedrag is, en niet het gevolg is van een metacognitief proces. 

Om dit te verifiëren, onderzochten Bräuer en Belger of honden het zogenoemde "paspoorteffect" vertonen, dat voor het eerst beschreven werd door onderzoeker Joseph Call. Als mensen naar iets erg belangrijks zoeken, bijvoorbeeld een paspoort, zullen ze veel actiever zoeken, en het vaker nakijken, dan als ze naar iets minder belangrijks of veel algemeners op zoek zijn. Mensapen vertonen hetzelfde gedrag - ze zullen harder zoeken naar voedsel van hoge kwaliteit. 

Daarom wisselden de onderzoekers voedsel van hoge kwaliteit af met voedsel van lage kwaliteit, om na te gaan of de honden de flexibiliteit in het zoeken vertoonden, die blijkt uit het paspoorteffect. Ook onderzochten ze nog een andere variante, namelijk of het een verschil maakte voor de honden of ze moesten zoeken naar een speeltje of naar eten. 

Een Duitse herder in het water (Foto: Tony Hicks/Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0).

Meer door de opening kijken

De onderzoekers stelden vast dat de honden beduidend meer een "controle" uitvoerden naar de beloning, als ze niet hadden kunnen zien waar die geplaatst werd.

"Deze resultaten tonen aan dat honden wel degelijk de neiging hebben extra informatie te zoeken als ze niet gezien hebben waar de beloning verstopt is", zo zei Berger in een persmededeling van de Max Planck Society. "Het feit dat honden meer controleerden, als ze niet op de hoogte waren van de locatie van de beloning, kan erop wijzen dat honden metacognitieve vaardigheden vertonen, aangezien ze voldoen aan een van de aannames voor weten over weten."

Het controleren maakte de honden echter niet altijd veel meer succesvol. In de eerste testopstelling, met voedsel of een speeltje als beloning, waren de honden vaker juist als ze wel controleerden dan als ze dat niet deden.

In de tweede variante van de opstelling, met voedsel van hoge of lage kwaliteit als beloning, waren de honden niet vaker juist dan verwacht kon worden op basis van toeval, zelfs als ze vooraf controleerden. De onderzoekers vermoeden dat dit te wijten kan zijn aan problemen met remmingen - de honden worden zo opgewonden over het vinden van de beloning, dat ze zich niet kunnen weerhouden naar het dichtsbijzijnde scherm te gaan, zelfs als ze gezien hebben dat de beloning waarschijnlijk daar niet ligt.  

In een derde variante van de test, konden de honden altijd zien waar de voedselbeloning geplaatst werd, maar werden ze 5 seconden tot 2 minuten lang vastgehouden voor ze de beloning mochten gaan ophalen. Interessant was dat de honden niet vaker gingen controleren bij een langer oponthoud, ook al waren ze dan iets minder succesvol in het vinden van de beloning. 

"Het is mogelijk dat dit te wijten is aan een "plafondeffect", aangezien de honden gemiddeld juist waren in 93 procent van de gevallen bij deze variante, en dus de druk om extra infromatie te zoeken laag was", zo zei Belger. 

Een Spaanse waterhond. (Foto: Saraquerty/Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0)

Metacognitie?

De resultaten lieten de onderzoekers niet toe om met absolute zekerheid te zeggen of honden beschikken over metacognitie, hoewel ze er wel aanwijzingen voor vertoonden. In onzekere situaties toonden ze zich evenwel minder flexibel dan mensapen.

"Voor mensen is het zicht een belangrijk zintuig om informatie te verzamelen. In dit geval was ons experiment gebaseerd op een "controlerende" actie die vertrouwde op het zicht - maar de honden gebruikten ook hun reukzin als ze door de opening een controle uitvoerden. We weten dat reukzin zeer belangrijk is voor honden, en we konden zien dat ze er ook gebruik van maakten", zei Bräuer. "In de toekomst zouden we een experiment willen opzetten om te onderzoeken onder welke omstandigheden honden besluiten om hun reukzin te gebruiken of hun gezichtsvermogen. Dat kan ons bijkomende inzichten geven in hun vermogens om informatie te zoeken."

De studie van Bräuer en Belger is gepubliceerd in "Learning & Behaviour".