Brussels Gewest gaat De Lijn op het matje roepen, omdat bussen niet meer stoppen aan Noordstation

"De Lijn kan niet zomaar beslissen om wijzigingen aan haar lijnen aan te brengen zonder voorafgaandelijk akkoord van het Brussels Gewest. Wij zullen De Lijn dan ook convoceren".  Dat antwoordde minister-president Rudi Vervoort (PS) tijdens het vragenuurtje in het Brussels Parlement over de beslissing van de Vlaamse openbare vervoermaatschappij om vanaf maandag niet meer aan het Noordstation te stoppen.

Vervoort werd ondervraagd door Dominiek Lootens (Vlaams Belang), Paul Delva (CD&V), Cieltje Van Achter (N-VA) en Brigitte Grouwels (CD&V). Voor Lootens dreigt de overlast van illegalen in en rond het station uit de hand te lopen en is dat de verantwoordelijkheid van minister Jambon (N-VA) en staatssecretaris Francken (N-VA). Delva vroeg zich af of de beslissing van De Lijn in overeenstemming met de beheersovereenkomst van het Brussels Gewest is. Van Achter klaagde aan dat het Gewest draalt met de toekenning van een bouwvergunning voor een nieuw busstation van De Lijn onder het Noordstation.

Rudi Vervoort verklaarde dat hij net als minister van Mobiliteit Pascal Smet (SP.A) de demarche van Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) en De Lijn niet begrijpt. "We blijven ons ook verbazen over de manier van werken. We hebben immers nooit een officieel schrijven of dossier ontvangen vanwege De Lijn met haar intentie om deze stap te ondernemen. Er is enkel een brief van mijnheer Weyts geweest waar men eerst over gecommuniceerd heeft in de pers om hem vervolgens pas te verzenden." Vervoort en Smet hebben daarop geantwoord, maar geen reactie gekregen.

"In strijd met samenwerkingsakkoord"

De minister-president was scherp voor Weyts: "De eenzijdige beslissing van De Lijn is in strijd met het samenwerkingsakkoord van 1991. Ik dacht dat verantwoordelijkheidszin, overleg en het belang van de klanten voorop dienden te staan. Dat blijkt dus helemaal niet het geval te zijn voor de Vlaamse minister van Mobiliteit, die de openbare vervoersmaatschappij De Lijn in zijn waanzin meesleurt."

Over de situatie in en rond het station herhaalde de minister-president zijn oproep om met alle bevoegde instanties samen te zitten. "Het Brussels Gewest is bereid begeleidende maatregelen te nemen, maar zij heeft geen bevoegdheid op vlak van migratie of openbare orde." Vervoort vindt het ook tegenstrijdig om oproepen te horen om de situatie van de transmigranten aan te pakken, maar tegelijk verwijten te krijgen als het gewest opvangruimte voor hen creëert.

De Brusselse regering waarschuwde ook voor de intenties om het aantal asielaanvragen dat dagelijks geregistreerd wordt te plafonneren: "Het spreekt vanzelf dat als geen vóór-onthaal georganiseerd wordt, deze kwetsbare mensen in de omgeving van het Noordstation zullen blijven rondhangen in de hoop de dag erna hun aanvraag te kunnen indienen."

Minister-president Vervoort wees er ook op dat als De Lijn de commerciële halte onder de ondergrondse halte van het Noordstation stopzet, het gewest ook geen technisch depot onder het station gaat vergunnen. De ruimte kan gebruikt worden voor een terminus voor internationale bussen of voor een nieuwe terminus voor de MIVB.