AFP or licensors

Franse museumdirecteur: Afrikaanse kunst teruggeven is niet de enige oplossing

Directeur Stéphane Martin van het Quai Branly-museum in Parijs heeft bedenkingen bij de vraag om Afrikaanse kunst terug te geven aan de landen van oorsprong.

Vorige week stelden wetenschappers een langverwacht rapport voor over wat er moet gebeuren met de vele tienduizenden voorwerpen uit Franse voormalige kolonies die in Franse musea liggen. “Verander de wetgeving en geef ze terug,” was het advies aan de Franse president Macron. 

In Frankrijk gaat het om 90.000 voorwerpen, 70.000 daarvan in het Musée du Quai Branly in Parijs. Daarvan zijn er 45.000 verzameld tijdens de koloniale tijd, veelal geroofd of voor een veel te lage prijs gekocht. 

Meteen nadat het rapport bekend raakte, besliste president Macron om "zonder dralen" 26 kunstwerken terug te geven aan Benin. Ze waren geroofd door Franse koloniale troepen in 1892. Volgend voorjaar wil president Macron het thema aansnijden op een conferentie in Parijs. De discussie woedt intussen volop.

Museum mag niet de gegijzelde zijn van de geschiedenis

Stéphane Martin, directeur van het Quai Branly, is geen voorstander van teruggave. Hij stelt een alternatief voor: steun de bouw van Afrikaanse musea en laat objecten vrij circuleren. Ze allemaal teruggeven noemt hij een “maximalistisch” voorstel.

“Dat kan niet de enige weg zijn. Anders lopen de musea in Europa leeg en kom je in een logica terecht waarbij het erfgoed de gegijzelde van de herinnering is,” zegt directeur Martin. Of "waarbij een museum gegijzeld wordt door de pijnlijke koloniale geschiedenis".

Daarbij raken musea volgens hem in het verdomhoekje, ten voordele van wat directeur Martin “de specialisten van de geheugenreparatie” noemt. Hij wijst er ook op dat sommige voorwerpen echte geschenken waren.  Stéphane Martin houdt een pleidooi voor "een wereldwijde gemeenschap van kunst, musea en uitwisseling".