Waarom partijen al het mogelijke zullen doen om vervroegde federale verkiezingen te vermijden

In januari of februari verkiezingen houden, nadat we nog maar verkiezingen hebben gehad in oktober en dan opnieuw in mei, dat zou te gek zijn voor woorden.  Dat hoorden we vanmorgen in "De ochtend" uit de mond van Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten.  Ze leek daarbij vooral medelijden te hebben met de burger.  Maar ze dacht wellicht ook aan zichzelf.  Of toch aan haar portemonnee. 

opinie
BELGA/VERGULT
Bart Maddens
Bart Maddens doceert politieke wetenschappen in Leuven. Hij volgt de communautaire discussies op de voet.

Een extra verkiezing is immers heel duur voor de partijen.  Voor een aparte federale verkiezing moet een partij al snel 2 à 3 miljoen euro van de rekening halen.  Samenvallende verkiezingen zijn veel goedkoper.  Dan krijgen de partijen als het ware drie verkiezingen voor de prijs van één.  Als je de kostprijs van de verkiezingen van 2009 (Vlaams en Europees) en 2010 (federaal) samentelt, dan kom je voor alle Belgische partijen en kandidaten uit op 55,5 miljoen euro.  Maar toen al die verkiezingen in 2014 op één dag werden gehouden, kostte dat slechts 35 miljoen euro.  Dan is de rekening snel gemaakt.

Tenzij geld geen schaars goed is. Een partij als de N-VA, met een netto-vermogen van 35 miljoen euro, zal zo een extra verkiezing amper voelen. Bij Open VLD, met slechts 12 miljoen op de bankrekening, zal dat al wat meer pijn doen.  Net als bij de meeste andere partijen.

Alleen, als die verkiezingen zo snel op elkaar volgen, zullen de partijen dan wel twee verschillende campagnes voeren? Dan zouden ze eerst een slogan en een campagnestrategie moeten bedenken voor de verkiezingen van, ik zeg maar wat, 10 februari.  Om meteen daarna een heel andere campagne uit de mouw te schudden voor 26 mei? Dat zal niet gebeuren. Die twee campagnes zullen onvermijdelijk één groot amalgaam worden.

Ook wettelijk zou dat trouwens zo zijn. De sperperiode voor de verkiezingen van 26 mei begint al op 26 januari. Vanaf dan loopt de teller voor de verkiezingsuitgaven van 26 mei. Partijen zouden dus de uitgavenlimiet voor 10 februari kunnen overschrijden onder het mom dat het al gaat om uitgaven voor 26 mei.  Maar met het fenomeen van overlappende sperperiodes zouden we hoe dan ook volstrekt onbekend terrein betreden. 

Bizar neveneffect

Een vervroegde federale verkiezing zou overigens nog een ander bizar gevolg hebben. Volgens sommige berichten zou de N-VA aansturen op zulke verkiezingen omdat de partij dan al haar sterkhouders maximaal kan laten renderen voor de Kamer. Vlaams Parlementslid Annick De Ridder zal dan bijvoorbeeld kandidaat zijn op de Kamerlijst in de kieskring Antwerpen.  

Vroeger zou dat geen probleem geweest zijn. De Ridder wordt verkozen in de Kamer, verzaakt aan haar mandaat, wordt vervangen door de eerste opvolger, en blijft gewoon Vlaams Parlementslid.  Sinds de zesde staatshervorming kan dat echter niet meer. Als De Ridder haar zetel in de Kamer laat staan, dan verliest ze automatisch ook haar zetel in het Vlaams Parlement. 

Met die maatregel wilde men het fenomeen van de spookkandidaten bestrijden.  Dat zijn politici die kandidaat zijn voor een bepaald parlement, zonder de intentie te hebben om er effectief in te gaan zitten.  Sinds de zesde staatshervorming worden politici haast verplicht om het mandaat op te nemen waarvoor ze werden verkozen. 

De N-VA zou aansturen op vervroegde verkiezingen, omdat de partij dan al haar sterkhouders maximaal kan laten renderen voor de Kamer

Maar als de verkiezingen snel op elkaar volgen, dan heeft dit wel een eigenaardig neveneffect.  Als De Ridder wordt verkozen in de Kamer (ongeacht of zij dit mandaat opneemt of niet), dan moet zij in het Vlaams Parlement worden opgevolgd. Dan wordt iemand Vlaams Parlementslid voor slechts een paar maanden. Pittig detail: als dat kortstondige parlementslid niet wordt herkozen op 26 mei, dan heeft die meteen recht op de fameuze uittredingsvergoeding.  

Anderzijds, hoe kan het anders, heeft de zesde staatshervorming ook gezorgd voor een achterpoortje. De maatregel tegen schijnkandidaten geldt niet voor opvolgers. Stel bijvoorbeeld dat Annick De Ridder eerste opvolger wordt voor Jan Jambon op de Kamerlijst, en Jan Jambon wordt opnieuw minister. Dan kan De Ridder verzaken aan haar mandaat voor de Kamer zonder haar zetel in het Vlaams Parlement te verliezen. Alleen is het de vraag of een versterking van de lijst vanop een opvolgersplaats zo een groot electoraal effect zal hebben. En wat een puzzelwerk wordt dat niet voor de partijvoorzitters.

Staatshervorming

Hoe dan ook hebben bijna-samenvallende verkiezingen allerlei vervelende neveneffecten. Wellicht zijn de partijen die momenteel aan het ontdekken.  Het vervelendst van al is dat die bizarre situatie zich voortaan om de vijf jaar zal herhalen. Een keer dat de federale en regionale verkiezingen zijn losgekoppeld, dan blijft dat zo tot in lengten van dagen. Tenzij er in de Kamer een bijzondere meerderheid gevonden zou worden om de federale verkiezingen structureel te doen samenvallen met de regionale en Europese. 

Dat kan gebeuren met een bijzondere wet, zonder grondwetsherziening.  Maar het blijft wel een drastische en controversiële ingreep, die wellicht enkel mogelijk zal zijn in het kader van een nieuwe grote staatshervorming.  Alleen, als we halsoverkop naar vervroegde verkiezingen gaan, dan lijkt de kans klein dat de verklaring tot herziening van de Grondwet zo een omvattende staatshervorming mogelijk zal maken. 

Zelfs als het effectief tot een regeringscrisis komt en de N-VA verlaat de regering, dan nog zullen ze de paar maanden tot 26 mei proberen te overbruggen

Er zit hier trouwens nog een ander addertje onder het gras.  Sinds de zesde staatshervorming wordt de Senaat (op de tien gecoöpteerde senatoren na) samengesteld op basis van de regionale verkiezingen.  De kiezer is tegenwoordig zo grillig dat hij of zij op 26 mei heel anders kan stemmen dan op 10 februari.  De kans is misschien niet zo groot, maar stel dat men na de verkiezingen van 10 februari plannen begint te smeden voor een staatshervorming.  Dan zal men hoe dan ook moeten wachten op de verkiezingen van 26 mei om te zien of er in de Senaat een meerderheid is daarvoor.  Want over institutionele zaken blijft die Senaat meebeslissen.

Om al die redenen zullen de gevestigde partijen wellicht twee keer nadenken.  Ze zullen al het mogelijke doen om vervroegde federale verkiezingen in het voorjaar te vermijden.  Zelfs als het effectief tot een regeringscrisis komt en de N-VA verlaat de regering, dan nog zullen ze de paar maanden tot 26 mei proberen te overbruggen.  De institutionele creativiteit kent immers geen grenzen in België.  Want bijna-samenvallende verkiezingen zouden inderdaad te gek zijn voor woorden.  Zeker als die indruisen tegen de belangen van de partijen.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.