Blinde gevangenisdirecteur in beroep minder zwaar gestraft voor aanranding gedetineerden

Het Antwerpse hof van beroep heeft een vroegere directeur van de gevangenissen van Wortel en Hoogstraten, veroordeeld tot drie jaar cel met uitstel voor het aanranden van drie gedetineerden en voor passieve omkoping. In eerste aanleg had hij nog vier jaar cel gekregen, waarvan twee jaar effectief. 

De feiten waaraan hij schuldig werd verklaard speelden zich tussen december 2002 en augustus 2013 af. De voormalige directeur liet gedetineerden vaak ’s avonds of in het weekend bij hem komen en stelde dan ongepaste vragen over hun seksleven en (homoseksuele) geaardheid. Verschillende slachtoffers verklaarden dat hij dan met zijn voet tegen hun been wreef of dat hij hun dij streelde. De directeur kocht hun stilzwijgen af door hen een voorkeursbehandeling te geven. 

Hij viseerde vooral jonge Marokkanen en Noord-Afrikanen. “De beklaagde wist dat homoseksualiteit binnen de moslimcultuur onbespreekbaar is en als verwerpelijk wordt beschouwd. Zijn homoseksueel geïnspireerde vraagstelling leidde bij deze gedetineerden ongetwijfeld tot een onbehaaglijk of zelfs een schaamtegevoel”, oordeelde het hof.

Directeur is feiten altijd blijven ontkennen

De voormalige directeur heeft altijd gezegd dat hij geen enkele gedetineerde seksueel misbruikt had en dat er sprake was van een complot, maar daar werd geen geloof aan gehecht. Hij werd wel voor twee van de vijf feiten van aanranding en voor openbare zedenschennis vrijgesproken. 

Het hof tilde er zwaar aan dat hij gedurende een lange periode en na meerdere klachten én een langdurige schorsing, misbruikt maakte van zijn machtspositie tegenover machteloze gedetineerden die rechtstreeks van hem afhankelijk waren. Ook het hoofdbestuur van de strafinrichtingen, dat volgens het hof al minstens sinds 1994 op de hoogte was van de problematiek, kreeg een veeg uit de pan. “Een doortastender optreden op een vroeger ogenblik tegen het problematisch functioneren van de beklaagde had wellicht strafbare feiten kunnen voorkomen.” 

Het hof hield daarmee rekening bij de strafbepaling, alsook met zijn blanco strafblad en zijn capaciteiten als gevangenisdirecteur. Hij kreeg daarom een straf volledig met uitstel opgelegd, net zoals het openbaar ministerie gevorderd had.