Het eindspel van deze crisis is in het voordeel van de N-VA uitgedraaid   

Als  een partij vanaf nu dwars ligt in de regering, dan kunnen de andere partijen de ministers ervan gewoon ontslaan. En om de N-VA nog meer munitie te geven worden tegelijkertijd een aantal belangrijke bevoegdheden overgeheveld van Vlaamse naar Franstalige ministers. Dat zijn de conclusies van politicoloog Bart Maddens (KU Leuven) na de gebeurtenissen van de laatste uren. 

opinie
BELGA/VERGULT
Bart Maddens
Bart Maddens doceert politieke wetenschappen in Leuven. Hij volgt de communautaire discussies op de voet.

Vergeet niet dat de koning ook ontslag kan verlenen aan ministers, zonder dat ze zelf ontslag nemen. Dat verklaarde grondwetspecialist Hendrik Vuye vorige week in De Afspraak. Hij verwees naar een paar precedenten uit het einde van de jaren zeventig. En inderdaad, artikel 96 van de Grondwet is duidelijk. De koning benoemt en ontslaat zijn ministers. Het volstaat dat de koning en minstens één minister tekenen, en het ontslag is een feit.

Een paar dagen geleden leek dat nog erg vergezocht. Het was theoretisch mogelijk, maar politiek ondenkbaar. Toch lijkt het precies dat wat vandaag is gebeurd. Vandaar een verbouwereerde Jan Jambon daarstraks in De Ochtend. Hij wist zelf niet of hij nog minister was of niet. Het lijkt erop dat de N-VA wat in snelheid is gepakt en niet met de mogelijkheid van een ontslag door de premier rekening had gehouden.

Daarstraks verklaarde Jan Jambon in de Zevende Dag dan weer dat de N-VA-ministers toch formeel ontslag zouden nemen. Maar dat kan niet meer zijn dan akte nemen van een de facto ontslag door de premier. Want ook al is die nu blijkbaar uitgesteld, de ministerraad over de herverdeling van de bevoegdheden was al gepland nog vóór dat eventuele formele ontslag van de N-VA-ministers. En die N-VA-ministers waren daarop niet meer uitgenodigd.

De jongste dagen is er veel geschermd met ‘constitutioneel gewoonterecht’

Premier Michel hechtte gisteren in zijn persconferentie veel belang aan het feit dat de N-VA-ministers waren “weggelopen” uit de ministerraad. Maar de ministerraad verlaten heeft natuurlijk op zich geen formeel-juridische gevolgen. Men kan ook niet zeggen dat de N-VA-ministers in ‘staking’ zijn gegaan, zoals de Rassemblement Wallon-ministers in de jaren zeventig. Want het VN-pact was het enige punt op de agenda gisteren, en dat was afgehandeld. Het verlaten van de ministerraad kan onmogelijk worden gelijkgesteld met een formeel ontslag.

Vorige week werd in Le Soir ook al op gespeculeerd dat de N-VA-ministers de bons zouden kunnen krijgen. Maar de krant schoof dat onmiddellijk terzijde. Dat zou immers een cadeau zijn voor de N-VA. Want die zou zich op die manier meer dan ooit als underdog kunnen profileren. Dat het hier een republikeinse partij betreft maakte het volgens de krant extra delicaat. Ook al is het de premier die de politieke verantwoordelijkheid op zich neemt voor het ontslag, het dreigt koning Filip wel in een vervelend parket te brengen.

Volgens de letter van de Grondwet is er geen vuiltje aan de lucht als koning en premier ontslag verlenen aan een minister. Maar de jongste dagen is er ook veel geschermd met ‘constitutioneel gewoonterecht’. Op basis daarvan werd zelfs het consensusbeginsel in de ministerraad als grondwettelijk beginsel verheven, ook al rept de Grondwet hierover met geen woord. Maar behoort het dan ook niet tot het constitutioneel gewoonterecht dat ministers niet kunnen worden ontslagen? Is het niet evenzeer een ‘constitutioneel beginsel’ dat de premier het ontslag van zijn regering aanbiedt als het binnen de coalitie tot een breuk komt over een belangrijke kwestie? De coalitiepartners van Michel II én de koning hebben deze mogelijke constitutionele bezwaren echter van tafel geveegd.

Met wat de jongste dagen is gebeurd lijken we institutioneel gezien op volstrekt nieuw terrein te komen

Dit is een zeer belangrijk precedent. Als men nu artikel 96 van onder het stof vandaan haalt, en opnieuw letterlijk gaat interpreteren, dan wordt de positie van elke minister in de regering een stuk precairder. De aloude regel ‘ofwel sluit men zich aan bij de consensus, ofwel neemt men ontslag’ moet nu worden aangepast : “ofwel sluit men zich aan bij de consensus, ofwel krijgt men ontslag als men niet vrijwillig opstapt”. Maar stel nu eens dat de partij van de premier in de minderheid wordt gesteld in de regering. Kan eender welke minister dan aan de koning een KB voorleggen waardoor de premier wordt ontslagen? Met wat de jongste dagen is gebeurd lijken we institutioneel gezien op volstrekt nieuw terrein te komen.

Belangrijk daarbij is ook dat de precedenten voor zo'n letterlijke interpretatie van artikel 96 dateren van vóór de Grondwetswijziging van 1993. Sindsdien is het veel moeilijker geworden voor de Kamer om een regering te ontslaan. Dat kan enkel als een volstrekte meerderheid van Kamerleden een constructieve motie van wantrouwen goedkeurt, en dus een nieuwe coalitie op de been brengt. Zelfs na een gewone motie van wantrouwen kan de regering in principe gewoon voortbesturen.

De partijen van de regering Michel II hebben een zeer gewaagde zet gedaan op het institutionele schaakbord

Voortaan zal een ontslag als een zwaard van Damocles boven alle regeringspartijen hangen. Als een partij dwars ligt in de regering, dan kunnen de andere partijen de ministers ervan gewoon ontslaan. En ze kunnen blijven regeren zolang er in de Kamer geen absolute meerderheid gevonden kan worden om een alternatieve coalitie te vormen.

De partijen van de regering Michel II hebben dus een zeer gewaagde zet gedaan op het institutionele schaakbord. Ook politiek gezien is het een vreemd manoeuvre. Waarom hebben ze niet gewoon gewacht tot de N-VA ministers uit eigen beweging ontslag hebben genomen ? Dat zouden ze ongetwijfeld gedaan hebben als de premier in Marrakesh ondubbelzinnig namens de Belgische regering zou hebben gesproken.

Nu hebben de N-VA-ministers al meteen de bons gekregen van de premier. Daardoor zit de N-VA in een zetel. “Wij verlaten de regering niet, maar we worden eruit geduwd”, zei men tot nu toe in die partij. Dat was echter niet meer dan een manier van spreken, een discursief trucje. Maar nu is het ook letterlijk zo. De N-VA is echt uit de regering gezet door de drie coalitiepartners. En om de N-VA nog meer munitie te geven worden tegelijkertijd een aantal belangrijke bevoegdheden overgeheveld van Vlaamse naar Franstalige ministers. Ongetwijfeld had men er bij de N-VA niet op gehoopt dat het eindspel van deze crisis zo in hun voordeel zou uitdraaien.

Ongetwijfeld had men er bij de N-VA niet op gehoopt dat het eindspel van deze crisis zo in hun voordeel zou uitdraaien

Alleen is het zeer de vraag of dit alles finaal zoveel verschil zal uitmaken.  Analisten en constitutionalisten zullen hiermee nog een tijdje zoet zijn, zoveel is zeker.  Maar wat zal bij de kiezer blijven hangen als het stof is gaan liggen ?   De N-VA heeft de regering opgeblazen omwille van het VN-migratiepact.  Dat goed uitgelegd krijgen tegen 26 mei, of vroeger, zal meer vergen dan een paar Facebook-posts.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.