Belga

Meest kwetsbare daklozen krijgen nacht- én dagopvang in Brussel

Het winterplan is van kracht in Brussel. Om de winter te overbruggen heeft Samusocial vzw in noodgevallen tot 1500 bedden ter beschikking voor dak- en thuislozen. Dat gaat dan puur over nachtopvang. Maar sinds vorig jaar komt daar ook een tweedelijnsopvang bij. 250 mensen kunnen dag- en nacht blijven in het centrum. En er zal actief gezocht worden naar langetermijnoplossingen.

Elke dag opnieuw moeten thuislozen naar 0800/99.340 bellen om een bed te vragen voor de nacht. Dat kan het hele jaar rond, maar tijdens de wintermaanden worden er elk jaar extra plaatsen gecreëerd. Het doel is om in gure weersomstandigheden iedereen veilig en warm te laten slapen. Noodopvang is het, om te voorkomen dat er ongelukken gebeuren.

Meer dan noodopvang

Het Rode Kruis (franstalige kant), het Centrum Algemeen Welzijnswerk (een Vlaamse organisatie) en Dokters van de Wereld proberen een stapje verder te gaan. Vorig jaar hebben ze voor de eerste keer een winteropvang ingericht waar mensen 24 uur per dag mogen verblijven. Ze stelden vast dat ze op die manier het vertrouwen winnen van de thuislozen. “En eenmaal er vertrouwen is, kunnen we proberen oplossingen te zoeken”, vertelt Kris Gysen, directeur bij CAW Brussel.

Met de ervaring van de vorige winter op zak, is er een doelgericht plan opgesteld. Want er zijn wel wat uitdagingen. Er is een team van psychosociale hulpverleners en een psycholoog die via straathoekmethodiek zelf actief bewoners naar consultaties zal leiden. En twee halve dagen per week is er ook iemand van Fedasil die specifiek het vertrouwen probeert te winnen van mensen zonder papieren in een uitzichtloze situatie. Die probeert dan vrijwillige terugkeer als optie voor te stellen. 

Haal daklozen uit de overlevingsmodus

De dak- en thuislozen zijn een heel diverse groep mensen. “Het is echt maatwerk. Jammergenoeg is er niet één manier om hun leven weer op de rails te krijgen”, legt Kris Gysen uit. “Maar we weten intussen dat stap één altijd weer neer komt op dit: haal ze uit de overlevingsmodus.” Wat thuislozen in beslag neemt is: hoe en waar vind ik de volgende maaltijd, zal ik een veilige plek vinden om te slapen deze nacht? 

Winteropvang is altijd noodopvang. Maar we proberen meer te doen. Het zal een race tegen de klok zijn.

Via Samusocial vzw worden de meest kwetsbare thuislozen vanaf vandaag doorgestuurd naar de tweedelijnsopvang. Ze worden er verwelkomd en kunnen als ze willen 5 maanden lang blijven. Het gebouw heeft plaats voor 250 personen, maar kan als het moet meer dan 300 mensen herbergen. “Dan zitten ze wel als sardientjes in een blikje”, geeft Kris Gysen toe. “Maar we kregen een nieuw gebouw ter beschikking. Het is een hele vooruitgang in vergelijking met vorig jaar.”

Een beetje meer privacy

In het nieuwe gebouw zijn er kamers. Vorig jaar moest er in grote ruimtes met doeken worden gewerkt om gezinnen toch enige privacy te geven. Nu zijn er kamers. Die moeten nog altijd gedeeld worden, variërend van 4 tot 14 personen. “Maar er staan toch al wat meer muren tussen”, zegt Gysen.

Het doel is om voor thuislozen een structurele oplossing te vinden. Dat betekent de administratie weer op orde, een eigen woning vinden, een maandelijks inkomen, toegang tot medische hulp en voor de kinderen een school. “Maar de tijdsdruk is groot. Tot eind maart kunnen ze hier blijven, daarna sluit de winteropvang en staan ze weer op straat”, vertelt Gysen, “eens op straat is het moeilijk om intensief te begeleiden en daalt de kans dat ze uit de miserie raken.”

Op het einde van de winter zetten we ook de gezinnen met kinderen weer op straat.

“Eigenlijk is winteropvang altijd noodopvang”, besluit Gysen, “als we het probleem van dak- en thuisloosheid echt goed willen aanpakken, dan moeten we het hele jaar door aan tweedelijnsopvang doen.” Nu komt kerstmis er aan, er is de hartverwarmende actie De Warmste Week en nog tal van initiatieven. “De hulp is vanzelfsprekend welkom en noodzakelijk. Maar ook straks in de lente, de zomer en de herfst is het leven op straat hard en onmenselijk.”