Hoe ver mag een koning gaan in zijn kerstboodschap? En hoe ver is te ver? 

De traditionele kerstboodschap van de koning is net als al zijn andere toespraken een heikele onderneming. Er wordt met argusogen naar gekeken. Zeker als de koning verwijst naar de laatste politieke ontwikkelingen in ons land. Hoe ver mag de koning daarin gaan? En hoe ver is te ver? 

labels
Flip Feyten
Flip Feyten is VRT-journalist en royaltywatcher

Bij Kerstmis hoort behalve een kalkoen ook een koninklijke toespraak. De traditie is ingezet door de Britse koning George V in 1932. Het idee kwam van John Reith, het toenmalige hoofd van de BBC. Die had in 1922 al eens geopperd dat de koning zijn onderdanen met Kerstmis kon toespreken via dat nieuwe wonder van de technologie: de radio. Na tien jaar nadenken stemde George V toe. Met zijn toespraak werd meteen de Britse wereldomroep ingehuldigd, ze was dan ook tot in de verste uithoeken van het British Empire te beluisteren.

Foto: De Britse koning George V tijdens zijn kersttoespraak in 1934.

©TopFoto

Neutraliteit

De moeilijkheid is dat een koning neutraal moet blijven, en zich niet mag laten betrappen op een uitgesproken standpunt. Want dan kiest hij partij. En partij kiezen betekent dat je vóór iemand bent, en bijgevolg ook tégen iemand anders.

En dat is nu juist wat een koning nooit mag doen: hij moet boven alle partijen verheven zijn. Hij moet alle Belgen vertegenwoordigen en verbinden, hij mag het land niet verdelen. Politieke standpunten zijn dus zeker uit den boze.

Koning Filip

Als de koning dus het woordje “politiek” in zijn kersttoespraak laat vallen, worden allerwegen de oren gespitst. Wat heeft de koning precies gezegd? 

“Ons land gaat door een bewogen periode. Onze medeburgers uiten, terecht, hun bezorgdheid over belangrijke thema’s. Vandaag beleven we ernstige politieke spanningen. Ik vertrouw op de verantwoordelijkheidszin van onze beleidsmakers om te handelen in het belang van het land en de bevolking.”

Volgens het aloude adagium van de Britse essayist Walter Bagehot waar alle Europese koningshuizen zich op baseren, heeft een koning het recht om geraadpleegd te worden, en mag hij aanmoedigen en waarschuwen (‘the right to be consulted, to encourage and to warn’). In de bovenstaande passage doet hij die twee laatste dingen: de beleidsmakers waarschuwen en aanmoedigen. Maar hij gaat ook iets meer in detail:

“Ongelijkheid, armoede, onverdraagzaamheid, klimaatverandering zijn maatschappelijke problemen die om allesomvattende oplossingen vragen. We kunnen ze maar doeltreffend aanpakken door naar elkaar te luisteren en onze geesten open te stellen, met moed en zin voor initiatief.”

Waar de koning hier precies op doelt, zegt hij niet. Als hij zegt dat onze medeburgers hun bezorgdheid uiten over belangrijke thema’s, en hij met name ongelijkheid, armoede, onverdraagzaamheid noemt, heeft hij het dan over vakbondsmanifestaties? Over de betogingen van de gele hesjes? Over de betoging tegen het VN-migratiepact? Vermoedelijk wel.

Kiest hij partij voor de enen, en tegen de anderen? Zo ver gaat hij niet, of toch niet uitdrukkelijk. Hij zegt alleen dat er grondige oplossingen moeten komen, en dat daar een wederzijdse luisterbereidheid voor nodig is.

Nederland omschrijft de rol van de koning als samenbindend, vertegenwoordigend en aanmoedigend. Die tweede passage kan je als samenbindend en aanmoedigend interpreteren. 

De teksten liggen trouwens helemaal in de lijn van de persmededeling die het Paleis vorige vrijdag publiceerde, net nadat de koning het ontslag van de regering-Michel had aanvaard.

Ook daarin gaf de koning de politieke verantwoordelijken als het ware de instructie "een gepast antwoord te bieden op de economische, budgettaire en internationale uitdagingen, en om tegemoet te komen aan de verwachtingen van de bevolking onder meer op sociaal en milieuvlak". De pers las daarin dat het protest van de gele hesjes en de grote klimaatmars hun weg hebben gevonden naar de consultaties op het Paleis.

De formulering luistert dus erg nauw. Niet te uitgesproken, want dan kan er een politieke bijbedoeling in gelezen worden. Maar ook niet zo voorzichtig, dat het op den duur nietszeggend wordt.

Politieke kerstboodschappen uit het verleden

Een koning die in politiek vaarwater terechtkomt, het gebeurt. Toen Beatrix nog de Nederlandse koningin was heeft ze zich in een kerstrede wel eens kritisch uitgelaten over het lakse milieubeleid van premier Lubbers. De Britse Queen heeft eens een bedekte toespeling gemaakt over het stijgende nationalisme in Schotland en Wales. 

En ook in ons land hebben koningen zich wel eens ver in het mijnenveld gewaagd. Zo had Koning Albert II het in 2006 in zijn toespraak tot de overheden van het land over “omfloerst separatisme”.

Dat werd gezien als een reactie op het rapport van de zogenoemde Warandegroep, die een “Manifest voor een zelfstandig Vlaanderen in Europa'' geschreven had. De denkgroep kwam daarin tot het besluit dat België geen toegevoegde waarde meer heeft voor Vlaanderen.

Bekijk hieronder de toespraak van koning Albert II tot de overheden in ons land in 2006

Video player inladen ...

Ook zijn broer koning Boudewijn waarschuwde in een toespraak voor separatisme. Het is geen wonder dat onze koningen dat doen: in de grondwettelijke eed bij hun troonsbestijging beloven ze om “'s lands onafhankelijkheid te handhaven en het grondgebied ongeschonden te bewaren.”

Bekijk hieronder de toespraak van koning Boudewijn op 21 juli 1993.

Video player inladen ...

Toen de regeringsvorming in 2011 maar bleef aanslepen, werd het Albert II te machtig en veegde hij met gebalde vuisten de politici de mantel uit. Hij zei toen dat het zijn recht was om de politici “publiek en in alle openheid” te waarschuwen, en dat hij dat nadrukkelijk met de bevolking ("samen met ú") wilde doen.

Bekijk hieronder de 21 juli-toespraak  van koning Albert II in 2011.

Video player inladen ...

En in zijn kersttoespraak van 2012 waarschuwde Albert II voor de gevaren van het populisme. "Altijd zoeken ze naar zondebokken voor de crisis", zei de koning over die populisten. "Ofwel zijn het de vreemdelingen, ofwel landgenoten uit een ander landsdeel. De crisis van de jaren dertig en de populistische reacties die ze teweegbracht, mogen niet worden vergeten." 

Bekijk hieronder de kerstboodschap van koning Albert II in 2012.

Video player inladen ...

Hoe dan ook: wat de koning ook zegt in zijn toespraken, hij is daar nooit verantwoordelijk voor. Want het zit zo: alles wat de koning zegt of doet moet politiek gedekt zijn door de regering. De koning is onschendbaar, zijn ministers zijn verantwoordelijk, zo staat het in de grondwet. Dat is zo geregeld juist om de neutraliteit van het staatshoofd te garanderen. 

In de praktijk betekent dat: in samenspraak met zijn kabinetschef schrijft de koning zijn kerstboodschap, maar die wordt nagelezen door regering. Meestal is dat enkel de premier. Dat is de gewoonte.

Als er dus heisa ontstaat over de toespraak, dan is het de premier die met de gebakken peren zit en het mag komen uitleggen in het parlement, en niet de koning. Maar die laatste moet natuurlijk wel opletten dat de heisa niet op hem afstraalt. Een koning moet op eieren lopen.