Video player inladen...

Markante plekken: het Vesalius Instituut in Leuven

In de reeks "Markante plekken" gaat onze fotograaf Alexander Dumarey elke week op zoek naar een opvallende plaats met een verhaal. Soms bekend, soms vergeten. Soms druk, soms verlaten. Soms nieuw, soms eeuwen oud. Maar allemaal hebben ze een boeiende geschiedenis. Vandaag: Het Vesalius Instituut in Leuven.

Vlak bij het voormalige Sint-Pietersziekenhuis in Leuven is er nog een plek met een lange en rijke geschiedenis: het Vesalius Instituut (of het Vaardigheidscentrum Anatomie). Zowel het ziekenhuis als het instituut maken deel uit van de Hertogensite, een groot stadsvernieuwingsproject in de binnenstad. 

Het verhaal van het instituut gaat terug tot in 1744. In dat jaar wordt een klein anatomisch theater gebouwd op de hoek van de Kapucijnenvoer en de Minderbroedersstraat. Dat gebouw doet meer dan 100 jaar dienst als leslokaal Anatomie van de Katholieke Universiteit Leuven. Omdat het aantal studenten aan de universiteit in de loop van de 19e eeuw enorm toeneemt en het theater te weinig studenten kan ontvangen, moet de universiteit op zoek gaan naar een manier om uit te breiden. 

De omwonenden zien een uitbreiding niet zitten, er zijn klachten over het lijkentransport vanuit het Sint-Pietersziekenhuis. Daarom wordt in 1877 iets verderop in de Minderbroedersstraat een nieuw gebouw geopend: het Vesalius Instituut. Er loopt nu een rechtstreekse weg van het nieuwe instituut naar het ziekenhuis. De lijken kunnen worden aangevoerd zonder over de openbare weg te gaan. 

Het door Joris Helleputte ontworpen gebouw heeft een anatomisch theater waar plaats is voor 200 studenten. Het is het eerste snijhuis in Europa met elektrische verlichting. In 1906 krijgt het complex gezelschap van het door architect Vincent Lenertz ontworpen Pathologisch Instituut, dat er vlak naast gebouwd wordt.  

In 1950 reorganiseert rector Gerard Van de Schueren het anatomisch onderwijs aan de universiteit. Het Vesalius Instituut en het Pathologisch Instituut vormen vanaf dan één instelling. Het gebouwencomplex wordt nogmaals uitgebreid en het oude gebouw van het Vesalius Instituut wordt ingericht als clubhuis, bibliotheek en eetzaal.

Na de splitsing van de universiteit in 1968 en de oprichting van het UZ Gasthuisberg komen de gebouwen een voor een leeg te staan. De meeste diensten zijn intussen vertrokken naar de nieuwe campus op Gasthuisberg, alleen pathologie gebruikt nog een deel van de oude gebouwen. Deze afdeling verhuist in 2021. Daarna begint Resiterra met de reconversie van het complex. De invulling ligt nog niet volledig vast, maar het museum HistarUZ krijgt er zeker onderdak. Naast het museum komen er vooral woongelegenheden.

Volg onze fotograaf op Instagram en Facebook