Proces-Nemmouche: Joodse gemeenschap al vaker doelwit van aanslagen, wat met de dreiging vroeger en nu?

Deze week start in Brussel het proces over de aanslag op het Joods Museum, ruim vier jaar geleden. Maar lang vóór die aanslag was de Joodse gemeenschap al verschillende keren het doelwit van aanslagen. Hoe zat dat ook weer met die dreiging, toen en vandaag?  

Het proces over de schietpartij in het Joods Museum start deze week echt. Maar het was allesbehalve de eerste keer dat de Joodse gemeenschap geviseerd werd. We zetten het op een rijtje en kijken naar het verleden en de toekomst.

Een terugblik: de aanslagen tegen de Joodse gemeenschap in ons land

Een van de eerste terreuraanslagen in ons land vindt plaats op 27 juli 1980. In de Lamoriniërestraat in Antwerpen gooit een Palestijnse terrorist twee granaten naar een groep Joodse kinderen, die te wachten staan om op zomerkamp te vertrekken. "Ineens hoor ik een ontploffing, hoor ik geschreeuw van de kinderen, van de vrouwen", vertelt een getuige. De 15-jarige David Kohane overleeft de aanslag niet, 16 anderen raken (zwaar)gewond. 

De dader is Saïd Al Nasr, een Palestijnse terrorist. Onmiddellijk na de feiten wordt hij opgepakt. Hij bekent meteen de feiten en voegt er veelzeggend aan toe. "Ik heb geen spijt van het gebeuren. Ik wil eraan toevoegen dat als ik ooit vrijkom, ik waarschijnlijk het hetzelfde zal doen. Misschien kan u dit standpunt moeilijk begrijpen, maar in België bezit u uw eigen huis, op uw eigen grond. Tegen de bezetting van de Duitsers hebt u zich verweerd. Zo moet ik mij thans verzetten tegen de inpalming van de zionisten van mijn land."

Ik heb geen spijt van het gebeuren. Ik wil eraan toevoegen dat als ik ooit vrijkom, ik waarschijnlijk het hetzelfde zal doen

Amper anderhalf jaar na de feiten volgt het proces voor het Antwerpse hof van assisen. Al Nasr toont geen enkel teken van tijd. Integendeel. Na twee dagen is het proces al afgelopen: de dader krijgt de doodstraf. De advocaat van de vader van David getuigt later in "Histories": "Ik heb hem de gebarsten bril van David laten zien en gezegd: het is mijn vurige wens dat het nooit meer zal gebeuren dat een vader alleen dít nog overhoudt van zijn zoon." In 1991 wordt Al Nasr geruild voor een ontvoerd Belgisch-Frans gezin - een zaak die de geschiedenisboeken ingaat als de Silco-affaire.  

Bekijk hieronder een fragment uit  de reportage "De gijzelaars van de Silco" uit "Histories".

Video player inladen...

In hetzelfde klimaat wordt de Joodse gemeenschap anderhalf jaar later opnieuw getroffen door een terreuraanslag. Op 20 oktober 1981, op de voorlaatste dag van het joodse Loofhuttenfeest, ontploft in de Hoveniersstraat in de Antwerpse Diamantwijk een bomauto vlak voor een synagoge. Drie slachtoffers kwamen om het leven, meer dan 100 anderen raakten gewond. Op een herdenkingsmoment wordt er stellig gezegd: "De daders van de terreuraanslag in de Hoveniersstraat zijn trouwe SS-ers. Amper 35 jaar na het uitdoven van de crematoria van Auschwitz, zijn de Joodse gemeenschappen opnieuw vogelvrij verklaard. Hun enige doelstelling was Joden - mannen, vrouwen en kinderen - vermoorden."

De aanslag wordt nooit opgeëist, de dader(s) nooit gevonden. 

Lees verder onder de foto.

De vernielingen na de bomaanslag in Antwerpen

3 oktober 1989. Op klaarlichte dag wordt dokter Joseph Wybran, hoofd van de dienst immunologie, buiten aan het Erasmusziekenhuis in Brussel neergeschoten. Hij wordt geraakt in het hoofd en sterft die nacht aan zijn verwondingen. Wybran is op dat moment ook hoofd van het Coördinatiecomité van de Joodse Organisaties van België. De moord past in de anti-Joodse stemming van de jaren ’80. Bijna 20 jaar lang was er geen enkel spoor naar de dader(s). Tot de Marokkaanse Belg Abdelkader Belliraj in 2008, in Marokko, zijn betrokkenheid bij zes politieke moorden bekent, waaronder de moord op Wybran (later zou hij die bekentenissen wel weer intrekken). In Marokko werd hij - onder meer voor die feiten - veroordeeld tot levenslang.

Lees verder onder de foto.

Abdelkader Belliraj

De aanslag tegen het Joods Museum tenslotte, vindt plaats op 24 mei 2014. Het is de eerste keer dat een teruggekeerde Syriëstrijder een aanslag pleegt in Europa. De vermoedelijke dader Mehdi Nemmouche schiet in koelen bloede 4 mensen dood. Nemmouche kan na de aanslag ontkomen en wordt een week later opgepakt in Marseille. Tot op vandaag ontkent Nemmouche dat hij de schutter was. Hij en een medebeschuldigde staan vanaf volgende week terecht voor het Brusselse hof van assisen.

En hoe zit het vandaag?

Ook vandaag is de dreiging nog niet helemaal verdwenen. Bijna een jaar geleden ging het dreigingsniveau in ons land van niveau drie – "ernstige dreiging" – opnieuw naar niveau twee "gemiddelde dreiging". Maar voor een aantal specifieke plaatsen bleef het niveau wél op 3. Een van die plaatsen is de Joodse gemeenschap. En dat betekent: militairen op straat in de Antwerpse Diamantwijk, politie aan de Joodse scholen … 

"In de context van de voorbije decennia waren Joodse instellingen per definitie al een doelwit voor jihadistische organisaties. In de jaren ’80 zijn Joodse instellingen, Joodse personen, Joodse belangen heel specifiek geviseerd in Antwerpen en Brussel", vertelt OCAD-topman Paul Van Tigchelt. "Het is vanuit die periode, de context van het Joods-Palestijns conflict dat er verhoogde veiligheidsmaatregelen genomen zijn ten aanzien van de Joodse belangen. We zien dat het Joods-Palestijns conflict nog steeds een grote rol speelt in de rekruteringspropaganda van jihadistische organisaties. En in die context maken de Joodse belangen ook vandaag nog het voorwerp uit van een verhoogde dreiging en verhoogde veiligheidsmaatregelen."

We zien dat het Joods-Palestijns conflict nog steeds een grote rol speelt in de rekruteringspropaganda van jihadistische organisaties

Paul Van Tigchelt - topman OCAD

Op dit moment zijn er volgens het OCAD geen concrete aanwijzingen dat de Joodse gemeenschap geviseerd wordt. "Maar we houden rekening met een aantal parameters: de geopolitieke context, de antecedenten, de propaganda. In die context heeft OCAD beslist dat de Joodse belangen onder niveau drie blijven", besluit Van Tigchelt. 

Lees verder onder de video.

Video player inladen...

Met die dreiging – en de bijhorende veiligheidsmaatregelen – heeft de Joodse gemeenschap ook (moeten) leren leven. Maar volgens Daniël Werner, woordvoerder van het forum der Joodse organisaties, is er weinig verschil met vroeger. "Ik kan mij als kind herinneren hoe alle evenementen tot de school en de synagoge toe onder politiebegeleiding gebeurden. Ik zie exact hetzelfde vandaag. Er is gewoon meer gewaarwording van mensen buiten de gemeenschap die daar ook mee heeft moeten leren leven. Maar de Joodse gemeenschap heeft nooit anders gekend."

De Joodse gemeenschap heeft nooit anders gekend

Daniël Werner - Forum der Joodse organisaties

Zoiets gaat volgens Werner deel uitmaken van de dagelijkse routine. "We zijn bijna getraind om anders te kijken naar de realiteit en de omgeving: we kijken vaker naar verdachte personen, verdachte pakketten. Dat maakt deel uit van wat we met de paplepel binnekregen en wat wij ook aan onze kinderen doorgeven. Dat is vandaag de realiteit, dat was gisteren ook zo en helaas morgen ook."

Toch is het volgens hem allesbehalve de bedoeling dat de mensen uit de Joodse gemeenschap zich opsluiten. "Het hypothekeert ons leven niet. Mensen moeten waakzaam en alert zijn. We moeten daarmee leren leven. Maar we mogen zeker niet stoppen met leven."

Video player inladen...

Bekijk hier het fragment uit “Het Journaal”:

Video player inladen...

Meest gelezen