Europese Centrale Bank neemt bestuur over van Banca Carige: dreigt nieuwe bankencrisis in Italië?

De Europese Centrale Bank (ECB) heeft een voorlopig bestuur aangesteld over de Banca Carige uit Genua. Het is de zoveelste Italiaanse bank die de voorbije jaren onderuit is gegaan. De Italiaanse bankensector zit met veel dubieuze leningen, al is die situatie de afgelopen jaren verbeterd.

Eerder was een reddingsplan om 400 miljoen euro extra kapitaal in de bank te pompen, afgewezen door de grootste aandeelhouder van Banca Carige. Vandaag heeft de Europese Centrale Bank (ECB) dan ingegrepen en drie tijdelijke bestuurders voor Carige aangesteld. Die moeten nu op zoek gaan naar een overnemer. Mogelijk zou dat de Italiaanse grootbank UniCredit zijn, maar dat is niet zeker.

Banca Carige werd in 1483 opgericht en heeft nog altijd haar zetel in de thuisstad Genua. Dat was toen een grote handelsrepubliek en een maritieme grootmacht. Vandaag is Carige een relatief kleine bank, maar het is zeker niet de enige Italiaanse bank met problemen.

De voorbije jaren zijn al zes Italiaanse banken onderuit gegaan. Het gaat dan veelal om kleine of regionale instellingen met veel slechte leningen en te weinig kapitaal. Eind 2017 moesten zo Veneto Banca en Banca Popolare di Vicenza voor een symbolische euro worden overgenomen door Intesa Sanpaolo, de tweede Italiaanse bank. Die eiste dan wel garanties van de Italiaanse regering.

Het meest iconische was de Banca de Monte dei Paschi die Siena, opgericht in 1472 en de oudste nog bestaande bank ter wereld en na UniCredit en Intesa Sanpaolo de derde bank van Italië. Die bank moest in 2017 met toestemming van de Europese Unie gered worden door de Italiaanse overheid en obligatiehouders die hun vorderingen moesten omzetten in aandelen.

Copyright 2016 The Associated Press. All rights reserved. This material may not be published, broadcast, rewritten or redistribu

Begrotingsruzie zet banken onder druk

De Italiaanse banken zitten historisch opgescheept met dubieuze kredieten en dan vooral ook leningen aan de overheden in eigen land. De voorbije jaren waren de meeste van die banken er wel in geslaagd om dat aantal louche kredieten in portefeuille te verminderen, hun kapitaalbuffers op te krikken en -zoals eerder gezegd- is een aantal zwakkere instellingen georganiseerd opgedoekt of gered.

Het aan de macht komen van de nieuwe regering vorig jaar heeft echter de druk op de banken opnieuw verhoogd. Die regering van de uiterst-rechtse Lega en van de populistische Vijfsterrenbeweging ligt met de Europese Commissie overhoop over een veel te groot begrotingsoverschot. Die partijen willen daar hun nogal ambitieuze verkiezingsbeloften realiseren, maar overtreden zo de Europese begrotingsregels.

Dat weegt nu opnieuw op de Italiaanse banken die zich dan om politieke redenen geroepen of gedwongen voelen om nog meer overheidsobligaties in portefeuille te nemen en als de geloofwaardigheid van dat staatspapier onderuit dreigt te gaan, kunnen de Italiaanse banken in de klappen delen. Tegelijk stijgt de rente en wordt het voor banken duurder om zich te financieren. Ook zouden die banken de kredietverstrekking kunnen beperken, wat de Italiaanse economie dan nog verder zou afremmen. De gewone man en vrouw  in de straat hebben dan weer massaal hun geld belegd in aandelen of obligaties van banken en die waarderingen staan nu fors onder druk. 

De EU kan echter geen voorkeursbehandeling toestaan aan de Italiaanse regering omdat dat tot een kettingreactie in Europa zou leiden. Anderzijds kan de eurozone een nieuwe bankencrisis en verdere politieke instabiliteit in haar derde economie missen als kiespijn. Redenen genoeg om de kloof tussen Brussel, de ECB in Frankfurt en Rome te dichten.

AP