James Arthur Photography

De ontslagen bij Proximus zijn een schot voor de boeg

De ontslagen bij Proximus komen niet als een complete verrassing voor Koen De Leus. Digitalisering zal de komende jaren nog meer herstructureringen tot gevolg hebben, in alle sectoren. Het heeft geen zin deze evolutie te bestrijden, we moeten ze begeleiden. Maar in onze voorbereiding schieten zowel werknemers als werkgevers als overheid zwaar te kort. 

opinie
Koen De Leus
De auteur is hoofdeconoom BNP Paribas Fortis

De aankondiging van Proximus kwam voor velen als een donderslag bij heldere hemel. Toch mag ze niet verbazen. Bij de start van 2018 deed het economisch departement van BNP Paribas Fortis een enquête bij 31 Belgische beursgenoteerde bedrijven. Al de ondervraagde ondernemingen stelden dat ze zwaar investeerden om mee te zijn met de digitalisatie. Eén derde van hen antwoordde evenwel dat ze nog niet klaar waren voor de digitale revolutie. De razendsnelle technologische ontwikkeling zorgen er volgens sommigen voor dat je nooit echt klaar kan zijn. Topvrouw Dominique Leroy van Proximus stelde in een interview met zakenkrant De Tijd dat ze de digitalisering niet zo vlug had verwacht. 

Herstructureringen

Een kwart van de ondervraagde ondernemingen meent dat de digitalisatie en automatisatie de komende jaren bij hen nog tot nieuwe herstructureringen en ontslagen zal leiden. Bij een even groot percentage liggen dergelijke ingrepen reeds achter de rug. Het zijn zware cijfers, zeker in tijde van hoogconjunctuur. En de enquête omvat enkel de meest voorbereide bedrijven. 

Het digitale besef is te laag, wat voor een land als België alarmerend is

Iets meer dan een jaar geleden polste BNP Paribas Fortis bij 250 kleine en middelgrote bedrijven naar hun digitale paraatheid. Daaruit bleek onder meer dat 7 op 10 KMO’s aanwezig zijn op internet, maar ook dat slechts 1 op 10 een verkoopkanaal heeft via deze weg. Verklaringen voor dit alarmerend lage percentage waren onder meer: geen idee hoe die verdere digitalisering aan te pakken, te veel werk vandaag om nu ook al in bijkomende verkoopkanalen te investeren. Bij een omslag van de conjunctuur is het echter te laat. Het digitale besef is te laag, wat voor een land als België met zijn overwicht aan KMO’s alarmerend is.

Moeilijke overgangsperiode

Herstructureringen en ontslagen door de digitalisering zullen er nog komen. De digitalisering doet jobs verdwijnen, maar creëert ook nieuwe jobs. Dat was zo bij de vorige industriële revoluties; dat zal in de toekomst niet anders zijn. We staan echter voor een moeilijke overgangsperiode. Vandaag is de conjunctuur nog positief. De relatief hoog opgeleide Proximus-medewerkers zullen er vlug in slagen, al dan niet mits bijscholing en hertraining, één van de 149.000 openstaande vacatures in te vullen. Bij een groeivertraging of recessie wordt die transitieperiode pijnlijker. 

Ook dan zullen er herstructureringen zijn zoals deze bij Proximus, met daarbovenop bijkomende afvloeiingen als gevolg van de dalende vraag.  De jobcreatie tijdens de daarop volgende economische heropleving zal evenwel teleurstellend zijn. De reden is de toegenomen productiviteit bij de bedrijven. Die zijn er dan eindelijk in geslaagd de nieuwe technologieën te integreren waarin ze vandaag massaal investeren. Door de hogere productiviteit kan dan meer werk met minder mensen gedaan worden. Maar die toegenomen efficiëntie leidt ook tot lagere prijzen, meer koopkracht, nieuwe en andere vraag en, na verloop van tijd, tot nieuwe jobcreatie. De overgangsperiode belooft echter moeilijk te worden. 

Opleidingsbudgetten

Herstructureringen en ontslagen blokkeren, heeft geen zin. Digitalisering moeten we als maatschappij begeleiden, niet bestrijden. Bedrijven die zich niet aanpassen en niet efficiënt zijn, gaan er van tussenuit. Dat geldt ook voor de werknemers. Door de snel veranderende technologische omgeving, wordt flexibiliteit in de toekomst voor beide cruciaal. Het verwerven van die flexibiliteit is een gedeelde verantwoordelijkheid van werkgevers, werknemers én de overheid.

Werkgevers kunnen niet langer een job voor het leven beloven. Inzetbaarheid voor het leven, via levenslang leren, moet wel lukken. Concreet wil dat zeggen dat de opleidingsbudgetten de komende jaren de hoogte in moeten. Proximus verdubbelt haar budget van bijscholingen. In onze rondvraag antwoordde de helft van de bedrijven dat ze de voorbije jaren hun opleidingsbudget effectief al hadden opgetrokken. Maar bij de andere helft van de ondervraagde beursgenoteerde ondernemingen was dat dus niet het geval was. Bij KMO’s ligt het optrekken van die budgetten nog veel moeilijker dan bij grote ondernemingen.

Het verwerven van die flexibiliteit is een gedeelde verantwoordelijkheid van werkgevers, werknemers én de overheid

Niet alleen de snel veranderende omgeving maakt constante bijscholing noodzakelijk, ook de ‘war for talent’ door de vergrijzing doet dat. De huidige technologieën zorgen trouwens voor nieuwe manieren waarop opleidingen aangeboden kunnen worden zoals via podcast, e-learnings of MOOC’s (Een ‘massive open online course’ (MOOC) is een cursus, ingericht op massale deelname, waarbij het cursusmateriaal wordt verspreid over het web en de deelnemers dus niet aan een locatie gebonden zijn.)

Mentaliteitswijziging

Ook de werknemer moet zijn verantwoordelijkheid nemen. Hij moet beseffen dat wie stilstaat achteruit gaat in een wereld in verandering. Het World Economic Forum schat dat de komende 4 jaar gemiddeld 30% van hoe je je job uitvoert, zal wijzigen door de introductie van nieuwe technologieën. Werknemers moeten de kans grijpen zich bij te scholen wanneer de ondernemingen die aanbiedt. Mogelijk is zelfs bijscholen niet genoeg en is een omscholing nodig. Die goesting moet er zijn.

Dat gaat voor velen ook gepaard met een mentaliteitswijziging. Die moet de overheid mee helpen bewerkstelligen. Verandering moet omarmd worden in plaats van er tegen in te gaan. In Singapore ontvangt elke 25-plusser jaarlijks een opleidingsbudget van 500 dollar. Dat geld kunnen ze besteden aan één van de 600 opleidingen die ontwikkeld werden in samenwerking met universiteiten en bedrijven. Volgen ze geen opleiding, dan zijn ze het geld kwijt. Het doel van dit ‘Skills Future Credit’-programma is volgens de Singaporese overheid vooral een mentaliteitswijziging bij de mensen teweegbrengen. Flexibiliteit via levenslang leren wordt ook voor de werknemers de sleutel van succes voor de toekomst.

Die goesting moet er zijn. Dat gaat voor velen ook gepaard met een mentaliteitswijziging.

Voorbereiden

En komt het dan toch nog tot een ontslag, dan moet de overheid voor de ongelukkige een trampoline voorzien in plaats van de hangmat uit het verleden. Bij de start van de ontslagperiode ontvangt men een relatief hoge werkloosheidsuitkering. Die, en dat is de stok, daalt echter ook redelijk snel. De bevoegde instanties de werkloze intens begeleiden om hem zo snel als mogelijk terug aan de slag te krijgen. Hoe langer iemand langs de kant staat, hoe groter de kans dat hij daar blijft. De werkzoekende kan ook beslissen zich gedurende een langere periode om te scholen. De uitkering blijft langer op een redelijk niveau. De herscholing gebeurt dan wel liefst richting één van de talloze knelpuntberoepen.

De geschiedenis van de industriële revoluties leert dat het uiteindelijk allemaal wel goed komt

De ontslagen bij Proximus zijn een schot voor de boeg. Bedrijven zullen door de digitale revolutie de komende jaren blijven hervormen en herstructureren. Nog meer slachtoffer, in alle sectoren, liggen in het verschiet en als maatschappij moeten we ons daarop voorbereiden. De geschiedenis van de industriële revoluties leert dat het uiteindelijk allemaal wel goed komt. Nieuwe jobs zullen gecreëerd worden, maar een moeilijke transitieperiode ligt voor de boeg. Hoe zwaar die periode zal worden en hoe lang ze zal duren, hangt vooral af van de mate waarin bedrijven, werknemers en overheid zich aanpassen en voorbereiden. Vandaag schieten alle drie daarin nog schromelijk tekort. 

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.